哥林多前書 3
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1弟兄們,我從前對你們說話,不能把你們當作屬靈的,只得把你們當作屬肉體,在基督裏為嬰孩的。
1Ook tot u, broeders, kon ik niet spreken als tot geestelijken, maar als tot vleselijken, als tot kinderkens in Christus.
2我是用奶餵你們,沒有用飯餵你們。那時你們不能吃,就是如今還是不能。
2Melk heb ik u te drinken gegeven, geen vaste spijs; want gij kondt er nog niet tegen. En ook nu kunt gij het nog niet;
3你們仍是屬肉體的,因為在你們中間有嫉妒、紛爭,這豈不是屬乎肉體、照着世人的樣子行嗎?
3want nog zijt gij vleselijk. Immers, wanneer er onder u naijver is en twist, zijt gij dan niet vleselijk, en wandelt gij niet volgens den mens?
4有說:「我是屬 保羅 的」;有說:「我是屬 亞波羅 的。」這豈不是你們和世人一樣嗎?
4Want zolang de één zegt: “Ik ben van Paulus”, en de ander: “Ik ben van Apollo”, zijt gij dan niet louter mensen?
5亞波羅 算甚麼? 保羅 算甚麼?無非是執事,照主所賜給他們各人的,引導你們相信。
5Wat toch is Apollo? Wat is Paulus? Dienaars, door wier toedoen gij het geloof hebt ontvangen; elk op de wijze als de Heer hem gegeven heeft.
6我栽種了, 亞波羅 澆灌了,惟有上帝叫他生長。
6Ik heb geplant, Apollo heeft begoten, maar God heeft wasdom verleend.
7可見栽種的,算不得甚麼,澆灌的,也算不得甚麼;只在那叫他生長的上帝。
7En daarom, noch hij die plant, noch hij die begiet, betekent iets, maar God die wasdom geeft.
8栽種的和澆灌的,都是一樣,但將來各人要照自己的工夫得自己的賞賜。
8Toch zijn ze één, hij die plant en hij die begiet; en elk zal zijn eigen loon ontvangen, overeenkomstig eigen arbeid.
9因為我們是與上帝同工的;你們是上帝所耕種的田地,所建造的房屋。
9Wij zijn Gods medearbeiders; gij zijt Gods akker, Gods bouwwerk.
10我照上帝所給我的恩,好像一個聰明的工頭,立好了根基,有別人在上面建造;只是各人要謹慎怎樣在上面建造。
10Volgens Gods genade, mij geschonken, heb ik als een wijs bouwmeester het fundament gelegd, en een ander bouwt er op. Maar iedereen moet toezien, hoe hij daarop bouwt.
11因為那已經立好的根基就是耶穌基督,此外沒有人能立別的根基。
11Want niemand mag een ander fundament plaatsen, dan wat gelegd is, en dat is Jesus Christus.
12若有人用金、銀、寶石、草木、禾稭在這根基上建造,
12Onverschillig of men op dit fundament voortbouwt met goud of zilver, met edelstenen, hout, stro of riet;
13各人的工程必然顯露,因為那日子要將它表明出來,有火發現;這火要試驗各人的工程怎樣。
13eens zal ieders werk bekend worden gemaakt. Immers de Dag zal het aantonen; want in vuur openbaart hij zich, en het vuur zal uitwijzen, van wat gehalte het werk van een ieder is.
14人在那根基上所建造的工程若存得住,他就要得賞賜。
14Houdt het werk, dat hij heeft opgebouwd, stand, dan zal hij loon ontvangen.
15人的工程若被燒了,他就要受虧損,自己卻要得救;雖然得救,乃像從火裏經過的一樣。
15Zo zijn werk verbrandt, dan zal hij schade lijden; hij zal wel behouden worden, maar zó, dat hij eerst door het vuur moet.
16豈不知你們是上帝的殿,上帝的靈住在你們裏頭嗎?
16Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt en dat Gods Geest in u woont?
17若有人毀壞上帝的殿,上帝必要毀壞那人;因為上帝的殿是聖的,這殿就是你們。
17Zo iemand Gods tempel ten verderve brengt, dan zal God ook hem verderven. Want heilig is Gods tempel, en dat zijt gij.
18人不可自欺。你們中間若有人在這世界自以為有智慧,倒不如變作愚拙,好成為有智慧的。
18Niemand bedriege zichzelf Zo iemand wijs onder u meent te zijn, hij moet dwaas naar deze wereld worden, om wijs te zijn.
19因這世界的智慧,在上帝看是愚拙。如 經上 記着說:「主叫有智慧的,中了自己的詭計」;
19Immers de wijsheid dezer wereld is dwaasheid voor God. Want er staat geschreven: “Hij, die de wijzen in hun eigen arglistigheid vat.”
20又說:「主知道智慧人的意念是虛妄的。」
20En eveneens: “De Heer weet, dat de gedachten der wijzen ijdel zijn.”
21所以無論誰,都不可拿人誇口,因為萬有全是你們的。
21Niemand mag dus op mensen roemen. Want alles is het uwe:
22或 保羅 ,或 亞波羅 ,或 磯法 ,或世界,或生,或死,或現今的事,或將來的事,全是你們的;
22Paulus, Apollo, Kefas, wereld, leven, dood, heden, toekomst. Alles is het uwe;
23並且你們是屬基督的,基督又是屬上帝的。
23maar gij behoort aan Christus, en Christus aan God.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.