Deuteronomium
Chapter 23
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Chinese Union Vers…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1Geen eunuch of ontmande mag tot de gemeente van Jahweh worden toegelaten.
1「凡外肾受伤的,或被阉割的,不可入耶和华的会。
2Ook mag geen bastaard tot de gemeente van Jahweh worden toegelaten, zelfs niet in het tiende geslacht.
2「私生子不可入耶和华的会;他的子孙,直到十代,也不可入耶和华的会。
3Geen Ammoniet en Moabiet mag ooit tot de gemeente van Jahweh worden toegelaten, zelfs niet in hun tiende geslacht.
3「 亚扪 人或是 摩押 人不可入耶和华的会;他们的子孙,虽过十代,也永不可入耶和华的会。
4Want bij uw uittocht uit Egypte hebben zij u onderweg geen brood en water willen verschaffen, terwijl Moab bovendien Balaäm, den zoon van Beor, uit Petor van Aram-Naharáim voor geld heeft ontboden, om u te vervloeken.
4因为你们出 埃及 的时候,他们没有拿食物和水在路上迎接你们,又因他们雇了 美索不达米亚 的 毗夺 人 比珥 的儿子 巴兰 来咒诅你们。
5Wel heeft Jahweh, uw God, niet naar Balaäm willen luisteren, en de vloek voor u in zegen veranderd, omdat Jahweh, uw God, u beminde,
5然而耶和华—你的 神不肯听从 巴兰 ,却使那咒诅的言语变为祝福的话,因为耶和华—你的 神爱你。
6maar toch moogt gij in der eeuwigheid niet hun geluk en welvaart bevorderen.
6你一生一世永不可求他们的平安和他们的利益。
7Voor den Edomiet behoeft ge geen afschuw te hebben, want hij is uw broeder; evenmin voor den Egyptenaar, omdat gij als vreemdeling in zijn land hebt vertoefd.
7「不可憎恶 以东 人,因为他是你的弟兄。不可憎恶 埃及 人,因为你在他的地上作过寄居的。
8De zonen, die hun worden geboren, mogen in het derde geslacht tot de gemeente van Jahweh worden toegelaten.
8他们第三代子孙可以入耶和华的会。」
9Wanneer gij u in een legerplaats bevindt, om tegen uw vijanden op te trekken, moet gij er voor zorgen, niets onwelvoegelijks te doen.
9「你出兵攻打仇敌,就要远避诸恶。
10Wanneer er dus iemand onder u is, die door wat hem des nachts overkwam, onrein is geworden, dan moet hij zich uit de legerplaats verwijderen. Hij mag niet in de legerplaats terugkomen,
10「你们中间,若有人夜间偶然梦遗,不洁净,就要出到营外,不可入营;
11eer hij zich bij het vallen van de avond met water heeft gewassen; eerst als de zon is ondergegaan, mag hij in de legerplaats terugkeren.
11到傍晚的时候,他要用水洗澡,及至日落了才可以入营。
12Ook moet gij buiten het legerkamp een gelegenheid hebben, waar gij uw behoefte kunt doen.
12「你在营外也该定出一个地方作为便所。
13Gij moet ook een pin aan uw gordel hebben, om een gat te graven, wanneer gij buiten gaat zitten, en om er uw behoefte weer mee te bedekken.
13在你器械之中当预备一把锹,你出营外便溺以后,用以铲土,转身掩盖。
14Want Jahweh, uw God, vertoeft in uw kamp, om u te redden en uw vijanden aan u over te leveren. Uw legerplaats moet dus heilig zijn, opdat Hij niets onwelvoegelijks daarin ziet, en zich van u afkeert.
14因为耶和华—你的 神常在你营中行走,要救护你,将仇敌交给你,所以你的营理当圣洁,免得他见你那里有污秽,就离开你。」
15Gij moogt een slaaf, die van zijn heer naar u is gevlucht, niet aan zijn meester uitleveren.
15「若有奴仆脱了主人的手,逃到你那里,你不可将他交付他的主人。
16Hij zal te midden van u blijven wonen op een plaats, die hij verkiest, in een van uw steden, naar zijn goeddunken; ge moogt hem niet verdrukken.
16他必在你那里与你同住,在你的城邑中,要由他选择一个所喜悦的地方居住;你不可欺负他。
17Er mag geen tempeldeerne onder de dochters van Israël zijn, en geen schandjongen onder de zonen van Israël.
17「 以色列 的女子中不可有妓女; 以色列 的男子中不可有娈童。
18Gij moogt geen deernen- en hondenloon in de tempel van Jahweh, uw God, brengen tot voldoening van geloften; want beide zijn een afschuw voor Jahweh, uw God.
18娼妓所得的钱,或娈童所得的价,你不可带入耶和华—你 神的殿还愿,因为这两样都是耶和华—你 神所憎恶的。
19Gij moogt van uw broeder geen rente nemen, geen rente van geld, van levensmiddelen, of van iets, waarvoor men rente kan vragen.
19「你借给你弟兄的,或是钱财或是粮食,无论什么可生利的物,都不可取利。
20Van een buitenlander moogt ge rente nemen, maar niet van uw broeder, opdat Jahweh, uw God, u moge zegenen bij al wat gij doet in het land, dat gij nu in bezit gaat nemen.
20借给外邦人可以取利,只是借给你弟兄不可取利。这样,耶和华—你 神必在你所去得为业的地上和你手里所办的一切事上赐福与你。
21Wanneer ge aan Jahweh, uw God, een gelofte doet, talm dan niet, ze ook te volbrengen; want Jahweh, uw God, zal ze van u blijven eisen, en er zal schuld op u rusten.
21「你向耶和华—你的 神许愿,偿还不可迟延;因为耶和华—你的 神必定向你追讨,你不偿还就有罪。
22Wanneer ge geen gelofte doet, rust er ook geen schuld op u;
22你若不许愿,倒无罪。
23maar uw woord moet ge nauwgezet houden, juist zoals gij het Jahweh, uw God, vrijwillig beloofd hebt, en het met uw eigen mond hebt gesproken.
23你嘴里所出的,就是你口中应许甘心所献的,要照你向耶和华—你 神所许的愿谨守遵行。
24Wanneer gij in de wijngaard van uw naaste komt, moogt ge druiven eten, zoveel ge wilt, tot gij genoeg hebt, maar niets in uw mand leggen.
24「你进了邻舍的葡萄园,可以随意吃饱了葡萄,只是不可装在器皿中。
25En wanneer ge door het korenveld van een ander gaat, moogt ge met uw hand aren plukken, maar niet de sikkel slaan in het koren van uw naaste.
25你进了邻舍站着的禾稼,可以用手摘穗子,只是不可用镰刀割取禾稼。」

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.