1 Samuel
Chapter 5
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Chinese Union Vers…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1Nadat de Filistijnen de ark van God hadden buitgemaakt, brachten ze haar van Ében-Haézer naar Asjdod.
1非利士 人将 神的 约 柜从 以便以谢 抬到 亚实突 。
2De Filistijnen namen de ark van God op, en plaatsten haar in de tempel van Dagon, waar ze haar naast Dagon neerzetten.
2非利士 人将 神的 约 柜抬进 大衮 庙,放在 大衮 的旁边。
3Als nu de inwoners van Asjdod de volgende morgen vroeg in de tempel van Dagon kwamen, waarachtig, daar lag Dagon voorovergevallen op de grond, vlak voor de ark van Jahweh! Ze tilden Dagon overeind, en zetten hem weer op zijn plaats.
3次日清早, 亚实突 人起来,见 大衮 仆倒在耶和华的 约 柜前,脸伏于地,就把 大衮 仍立在原处。
4Maar toen ze een volgende morgen opstonden, lag Dagon weer voorovergevallen op de grond, vlak voor de ark van Jahweh; de kop van Dagon en zijn beide handpalmen lagen gebroken op de drempel, alleen zijn romp was heel gebleven.
4又次日清早起来,见 大衮 仆倒在耶和华的 约 柜前,脸伏于地,并且 大衮 的头和两手都在门槛上折断,只剩下 大衮 的 残体 。(
5Daarom stappen in Asjdod ook nu nog de priesters van Dagon en allen, die de Dagontempel bezoeken, niet op de drempel van Dagon, maar zij springen er overheen.
5因此, 大衮 的祭司和一切进 亚实突 、 大衮 庙的人都不踏 大衮 庙的门槛,直到今日。)
6Bovendien drukte Jahweh’s hand zwaar op de inwoners van Asjdod; Hij teisterde hen en sloeg hen, Asjdod en omgeving, met aambeien.
6耶和华的手重重加在 亚实突 人身上,败坏他们,使他们生痔疮。 亚实突 和 亚实突 的四境都是如此。
7Toen dus de bewoners van Asjdod bemerkten, hoe ze er aan toe waren, zeiden ze: De ark van Israëls God blijft niet bij ons; want zijn hand drukt zwaar op ons en op onzen god Dagon.
7亚实突 人见这光景,就说:「 以色列 神的 约 柜不可留在我们这里,因为他的手重重加在我们和我们神 大衮 的身上」;
8Ze riepen dus al de Filistijnse tyrannen bij hen bijeen en vroegen: Wat moeten we doen met de ark van Israëls God? Zij antwoordden: Laat de ark van Israëls God naar Gat verhuizen! Ze brachten dus de ark van Israëls God over.
8就打发人去请 非利士 的众首领来聚集,问他们说:「我们向 以色列 神的 约 柜应当怎样行呢?」他们回答说:「可以将 以色列 神的 约 柜运到 迦特 去。」于是将 以色列 神的 约 柜运到那里去。
9Maar nadat ze haar hadden overgebracht, veroorzaakte de hand van Jahweh een geweldige verwarring in die stad; Hij sloeg de bewoners van die stad van groot tot klein, en ook bij hen brak de kwaal der aambeien uit.
9运到之后,耶和华的手攻击那城,使那城的人大大惊慌,无论大小都生痔疮。
10Nu stuurden ze de ark van God naar Ekron. Maar nauwelijks was de ark van God te Ekron aangekomen, of de bewoners van Ekron riepen: Nu schepen ze mij op met de ark van Israëls God, om mij en mijn volk te vermoorden.
10他们就把 神的 约 柜送到 以革伦 。 神的 约 柜到了, 以革伦 人就喊嚷起来说:「他们将 以色列 神的 约 柜运到我们这里,要害我们和我们的众民!」
11Ze riepen dus alle Filistijnse tyrannen bijeen en zeiden: Stuurt de ark van Israëls God terug naar de plaats, waar ze thuis hoort, opdat zij mij en mijn volk niet dode! Want heel de stad stond doodsangst uit, zo pijnlijk werd daar de hand van God gevoeld.
11于是打发人去请 非利士 的众首领来,说:「愿你们将 以色列 神的 约 柜送回原处,免得害了我们和我们的众民!」原来 神的手重重攻击那城,城中的人有因惊慌而死的;
12Zij, die niet stierven, werden met aambeien geslagen; en het hulpgeroep der stad steeg op ten hemel.
12未曾死的人都生了痔疮。合城呼号,声音上达于天。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.