שְׁמֹות

New Testament

מתיוסנט מארקהבְּשׂוֹרָה הַקְּדוֹשָׁה עַל־פִּי לוּקָסג'וןמַעֲשֵׂי הַשְּׁלִיחִיםאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס הַשָּׁלִיחַ אֶל־הָרוֹמִיִּיםאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס הָרִאשׁוֹנָה אֶל־הַקּוֹרִנְתִּיִּיםאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס הָשֵּׁנִית אֶל־הַקּוֹרִנְתִּיִיםאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס הַשָּׁלִיחַ אֶל־הַגָּלָטִיִּיםאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס הַשָּׁלִיחַ אֶל־הָאֶפְסִיִּיםאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס הַשָּׁלִיחַ אֶל־הַפִּילִפִּיִּיםאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס הַשָּׁלִיחַ אֶל־הַקּוֹלַסִּים1 סלוניס2 סלוניס1 טימותי2 טימותיאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס אֶל־טִיטוֹסאִגֶּרֶת פּוֹלוֹס אֶל־פִּילֵימוֹןאִגֶּרֶת אֶל־הָעִבְרִיםאִגֶּרֶת יַעֲקֹבהָאִגֶּרֶת הָרִאשׁוֹנָה לְפֶטְרוֹס הַשָּׁלִיחַהָאִגֶּרֶת הַשֵּׁנִית לְפֶטְרוֹס הַשָּׁלִיחַהָאִגֶּרֶת הָרִאשׁוֹנָה לְיוֹחָנָן הַשָּׁלִיחַהָאִגֶּרֶת הַשֵּׁנִית לְיוֹחָנָן הַשָּׁלִיחַהָאִגֶּרֶת הַשְּׁלִישִׁית לְיוֹחָנָן הַשָּׁלִיחַאִגֶּרֶת יְהוּדָהחזוֹן יוֹחָנָן
Chapter 28
Modern Hebrew Bible
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

שְׁמֹות 28

Modern Hebrew Bible
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1ואתה הקרב אליך את אהרן אחיך ואת בניו אתו מתוך בני ישראל לכהנו לי אהרן נדב ואביהוא אלעזר ואיתמר בני אהרן׃
1Zonder u vervolgens uw broeder Aäron en zijn zonen uit de Israëlieten af, om Mij als priester te dienen: Aäron, met Nadab, Abihoe, Elazar en Itamar, de zonen van Aäron.
2ועשית בגדי קדש לאהרן אחיך לכבוד ולתפארת׃
2Gij moet voor uw broeder Aäron heilige gewaden maken, om zijn glorie te doen stralen.
3ואתה תדבר אל כל חכמי לב אשר מלאתיו רוח חכמה ועשו את בגדי אהרן לקדשו לכהנו לי׃
3Beveel dus aan alle kunstenaars, die Ik met fijne smaak heb begiftigd, dat zij de gewaden voor Aäron vervaardigen, opdat hij gewijd kan worden, om Mij als priester te dienen.
4ואלה הבגדים אשר יעשו חשן ואפוד ומעיל וכתנת תשבץ מצנפת ואבנט ועשו בגדי קדש לאהרן אחיך ולבניו לכהנו לי׃
4De volgende gewaden moeten zij vervaardigen: een borsttas, een borstkleed, een schoudermantel, een geborduurde tuniek, een tulband en een gordel. Voor de heilige gewaden, die ze voor uw broeder Aäron en zijn zonen moeten maken, om Mij als priester te dienen,
5והם יקחו את הזהב ואת התכלת ואת הארגמן ואת תולעת השני ואת השש׃
5moeten zij goud, violet, purper, karmozijn, en getwijnd lijnwaad gebruiken.
6ועשו את האפד זהב תכלת וארגמן תולעת שני ושש משזר מעשה חשב׃
6Ze moeten uit goud, violet, purper, karmozijn en getwijnd lijnwaad een kunstig bewerkt borstkleed vervaardigen.
7שתי כתפת חברת יהיה לו אל שני קצותיו וחבר׃
7Het moet twee schouderbanden hebben, die onderling verbonden zijn, en aan de beide uiteinden ervan moeten worden vastgemaakt.
8וחשב אפדתו אשר עליו כמעשהו ממנו יהיה זהב תכלת וארגמן ותולעת שני ושש משזר׃
8De band, die het borstkleed omsluit, moet uit één stuk zijn en van hetzelfde maaksel: van goud, violet, purper, karmozijn en getwijnd lijnwaad.
9ולקחת את שתי אבני שהם ופתחת עליהם שמות בני ישראל׃
9Dan moet ge twee onyxstenen nemen, en daarin de namen van Israëls zonen snijden:
10ששה משמתם על האבן האחת ואת שמות הששה הנותרים על האבן השנית כתולדתם׃
10zes namen op de ene steen, en zes op de andere, naar de volgorde van hun geboorte.
11מעשה חרש אבן פתוחי חתם תפתח את שתי האבנים על שמת בני ישראל מסבת משבצות זהב תעשה אתם׃
11Als graveerwerk, dat men in zegelstenen snijdt, moet ge de namen van Israëls zonen in de beide stenen griffen en ze dan in gouden zettingen vatten.
12ושמת את שתי האבנים על כתפת האפד אבני זכרן לבני ישראל ונשא אהרן את שמותם לפני יהוה על שתי כתפיו לזכרן׃
12De beide stenen moet ge op de schouderbanden van het borstkleed hechten als gedachtenisstenen voor Israëls zonen, zodat Aäron op zijn beide schouders hun namen voor het aanschijn van Jahweh zal dragen, om hunner indachtig te zijn.
13ועשית משבצת זהב׃
13De zettingen moet ge van goud maken.
14ושתי שרשרת זהב טהור מגבלת תעשה אתם מעשה עבת ונתתה את שרשרת העבתת על המשבצת׃
14Nog moet ge twee kettinkjes maken van zuiver goud als koorden gevlochten, en die aan de zettingen vasthechten.
15ועשית חשן משפט מעשה חשב כמעשה אפד תעשנו זהב תכלת וארגמן ותולעת שני ושש משזר תעשה אתו׃
15Verder moet ge een borsttas voor het orakel laten maken, kunstig bewerkt van dezelfde stof als het borstkleed: van goud, violet, purper, karmozijn en getwijnd lijnwaad.
16רבוע יהיה כפול זרת ארכו וזרת רחבו׃
16Ze moet vierkant zijn en dubbel gevouwen, een span lang en een span breed.
17ומלאת בו מלאת אבן ארבעה טורים אבן טור אדם פטדה וברקת הטור האחד׃
17Ge moet haar met vier rijen edelstenen bezetten: op de eerste rij een robijn, een topaas en een smaragd;
18והטור השני נפך ספיר ויהלם׃
18op de tweede rij een karbonkel, een saffier en een sardonix;
19והטור השלישי לשם שבו ואחלמה׃
19op de derde rij een hyacint, een agaat en een ametist;
20והטור הרביעי תרשיש ושהם וישפה משבצים זהב יהיו במלואתם׃
20en op de vierde rij een chrysoliet, een onyx en een jaspis. Zij moeten in gouden zettingen gevat zijn.
21והאבנים תהיין על שמת בני ישראל שתים עשרה על שמתם פתוחי חותם איש על שמו תהיין לשני עשר שבט׃
21Deze stenen moeten beantwoorden aan de namen van Israëls zonen; ze moeten dus evenals hun namen twaalf in getal zijn, en op iedere steen moet de naam van één der twaalf stammen worden gegrift, op dezelfde manier als men een zegel snijdt.
22ועשית על החשן שרשת גבלת מעשה עבת זהב טהור׃
22Aan de borsttas moet ge kettinkjes maken van zuiver goud, als koorden gevlochten;
23ועשית על החשן שתי טבעות זהב ונתת את שתי הטבעות על שני קצות החשן׃
23aan de beide boveneinden van de borsttas moet ge twee gouden ringen maken;
24ונתתה את שתי עבתת הזהב על שתי הטבעת אל קצות החשן׃
24bevestig dan de twee gouden snoeren aan de beide ringen, die aan de boveneinden van de borsttas zitten,
25ואת שתי קצות שתי העבתת תתן על שתי המשבצות ונתתה על כתפות האפד אל מול פניו׃
25en maak de beide einden van die twee snoeren aan de beide zettingen vast, die ge aan de voorkant der schouderbanden van het borstkleed hebt gehecht.
26ועשית שתי טבעות זהב ושמת אתם על שני קצות החשן על שפתו אשר אל עבר האפד ביתה׃
26Vervolgens moet ge nog twee gouden ringen maken, en die aan de beide benedeneinden van de borsttas bevestigen, en wel aan de binnenrand, die tegen het borstkleed ligt;
27ועשית שתי טבעות זהב ונתתה אתם על שתי כתפות האפוד מלמטה ממול פניו לעמת מחברתו ממעל לחשב האפוד׃
27bovendien nog twee gouden ringen, die ge onder aan de voorkant van het borstkleed moet hechten, boven de band van het borstkleed, vlak bij de sluiting;
28וירכסו את החשן מטבעתו אל טבעת האפד בפתיל תכלת להיות על חשב האפוד ולא יזח החשן מעל האפוד׃
28dan moet ge de ringen van de borsttas met een purperen snoer aan de ringen van het borstkleed vastbinden, zodat de borsttas boven de band van het borstkleed blijft hangen en niet op het borstkleed kan verschuiven.
29ונשא אהרן את שמות בני ישראל בחשן המשפט על לבו בבאו אל הקדש לזכרן לפני יהוה תמיד׃
29Zo zal Aäron, wanneer hij het heiligdom binnentreedt, de namen van Israëls zonen op zijn hart aan de orakeltas dragen, om hunner voortdurend indachtig te zijn voor het aanschijn van Jahweh.
30ונתת אל חשן המשפט את האורים ואת התמים והיו על לב אהרן בבאו לפני יהוה ונשא אהרן את משפט בני ישראל על לבו לפני יהוה תמיד׃
30En in de orakeltas moet ge de Oerim en de Toemmim leggen, zodat zij op het hart van Aäron rusten, wanneer hij voor het aanschijn van Jahweh treedt; en zo zal Aäron altijd het orakel van Israëls zonen op zijn hart dragen voor het aanschijn van Jahweh.
31ועשית את מעיל האפוד כליל תכלת׃
31Over het borstkleed moet ge een schoudermantel maken geheel van violet.
32והיה פי ראשו בתוכו שפה יהיה לפיו סביב מעשה ארג כפי תחרא יהיה לו לא יקרע׃
32In het midden moet een opening zijn, om het hoofd er door te steken; die opening moet, als de hals van een wapenrok, rondom met een kunstig geweven zoom zijn afgezet, zodat ze niet kan inscheuren.
33ועשית על שוליו רמני תכלת וארגמן ותולעת שני על שוליו סביב ופעמני זהב בתוכם סביב׃
33Aan de onderrand van de schoudermantel moet ge rondom violette, purperen en karmozijnen granaatappeltjes aanbrengen en aan alle kanten daartussen gouden belletjes;
34פעמן זהב ורמון פעמן זהב ורמון על שולי המעיל סביב׃
34om beurt telkens een gouden belletje en een granaatappeltje rond de onderrand van de schoudermantel.
35והיה על אהרן לשרת ונשמע קולו בבאו אל הקדש לפני יהוה ובצאתו ולא ימות׃
35Aäron moet hem dragen als hij zijn bediening uitoefent, zodat men hem kan horen, wanneer hij voor het aanschijn van Jahweh het heiligdom binnentreedt of verlaat; anders zal hij sterven.
36ועשית ציץ זהב טהור ופתחת עליו פתוחי חתם קדש ליהוה׃
36Verder moet ge een plaat maken van zuiver goud, en daarin als in een zegel graveren: Aan Jahweh gewijd.
37ושמת אתו על פתיל תכלת והיה על המצנפת אל מול פני המצנפת יהיה׃
37Ge moet ze met een purperen snoer aan de tulband vastmaken; en wel aan de voorkant.
38והיה על מצח אהרן ונשא אהרן את עון הקדשים אשר יקדישו בני ישראל לכל מתנת קדשיהם והיה על מצחו תמיד לרצון להם לפני יהוה׃
38Zo zal ze tegen het voorhoofd van Aäron liggen, en zal Aäron de fouten op zich nemen, die de kinderen Israëls begaan bij de heilige offers en bij alle heilige gaven, welke zij brengen. Steeds moet zij tegen zijn voorhoofd liggen om hen welgevallig te maken aan Jahweh.
39ושבצת הכתנת שש ועשית מצנפת שש ואבנט תעשה מעשה רקם׃
39Vervolgens moet ge een geborduurde tuniek, een tulband van lijnwaad en een kunstig bewerkte gordel maken.
40ולבני אהרן תעשה כתנת ועשית להם אבנטים ומגבעות תעשה להם לכבוד ולתפארת׃
40Ook voor de zonen van Aäron moet ge tunieken, gordels en hoofddoeken vervaardigen, om hun glorie te doen stralen;
41והלבשת אתם את אהרן אחיך ואת בניו אתו ומשחת אתם ומלאת את ידם וקדשת אתם וכהנו לי׃
41daarmee zult ge uw broeder Aäron en zijn zonen bekleden. Dan zult ge hen zalven, tot priesters aanstellen en wijden, zodat ze voor Mij hun priesterlijke bediening kunnen uitoefenen.
42ועשה להם מכנסי בד לכסות בשר ערוה ממתנים ועד ירכים יהיו׃
42Ook moet ge voor hen linnen heupkleren maken, die van hun lenden tot hun dijen reiken om hun schaamte te bedekken.
43והיו על אהרן ועל בניו בבאם אל אהל מועד או בגשתם אל המזבח לשרת בקדש ולא ישאו עון ומתו חקת עולם לו ולזרעו אחריו׃
43Aäron en zijn zonen moeten ze dragen, wanneer zij de openbaringstent binnengaan of tot het altaar naderen, om in het heiligdom dienst te verrichten; anders zouden zij schuld op zich laden en sterven. Dit is een altijdgeldend voorschrift voor hem en zijn nakomelingschap.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.