ΠΑΡΑΛΕΙΠΟΜΕΝΩΝ Β 27
Septuagint (Greek Old Testament), second editionOriginal language
Septuagint (Greek Old Testament), second edition
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1ΥΙΟΣ εἴκοσι καὶ πέντε ἐτῶν Ἰωάθαμ ἐν τῷ βασιλεῦσαι αὐτὸν καὶ ἑκκαίδεκα ἔτη ἐβασίλευσεν ἐν Ἱερουσαλήμ, καὶ ὄνομα τῆς μητρὸς αὐτοῦ Ἱερουσὰ θυγάτηρ Σαδώκ.
1Jotam was vijf en twintig jaar, toen hij koning werd, en heeft zestien jaar in Jerusalem geregeerd. Zijn moeder heette Jeroesja, en was de dochter van Sadok.
2καὶ ἐποίησε τὸ εὐθὲς ἐνώπιον Κυρίου κατὰ πάντα, ἃ ἐποίησεν Ὀζίας ὁ πατὴρ αὐτοῦ, ἀλλ' οὐκ εἰσῆλθεν εἰς τὸν ναὸν Κυρίου, καὶ ἔτι ὁ λαὸς κατεφθείρετο.
2Hij deed wat goed was in de ogen van Jahweh, juist zoals zijn vader Ozias gedaan had; behalve dan, dat hij het heiligdom van Jahweh niet binnendrong. Maar het volk bleef zich nog altijd slecht gedragen.
3αὐτὸς ᾠκοδόμησε τὴν πύλην οἴκου Κυρίου τὴν ὑψηλὴν καὶ ἐν τείχει τοῦ Ὀφλὰ ᾠκοδόμησε πολλά· καὶ πόλεις ᾠκοδόμησεν
3Hij liet de Hoge Poort van de tempel van Jahweh bouwen, en de muur van de Ofel versterken.
4ἐν ὄρει Ἰούδα καὶ ἐν τοῖς δρυμοῖς καὶ οἰκήσεις καὶ πύργους.
4Hij liet verder steden bouwen op het gebergte van Juda, en in de wouden burchten en torens aanleggen.
5αὐτὸς ἐμαχέσατο πρὸς βασιλέα υἱῶν Ἀμμὼν καὶ κατίσχυσεν ἐπ' αὐτόν· καὶ ἐδίδουν αὐτῷ οἱ υἱοὶ Ἀμμὼν καὶ κατ' ἐνιαυτὸν ἑκατὸν τάλαντα ἀργυρίου καὶ δέκα χιλιάδας κόρων πυροῦ καὶ κριθῶν δέκα χιλιάδας· ταῦτα ἔφερεν αὐτῷ βασιλεὺς υἱῶν Ἀμμὼν κατ' ἐνιαυτὸν ἐν τῷ πρώτῳ ἔτει καὶ ἐν τῷ δευτέρῳ καὶ τῷ τρίτῳ.
5Hij voerde oorlog met den koning der Ammonieten, en overwon hen. De Ammonieten moesten hem dat jaar een schatting betalen van honderd talenten zilver, tienduizend kor tarwe en tienduizend kor gerst; dit betaalden de Ammonieten hem ook in de beide volgende jaren.
6καὶ κατίσχυσεν Ἰωάθαμ, ὅτι ἡτοίμασε τὰς ὁδοὺς αὐτοῦ ἐναντίον Κυρίου Θεοῦ αὐτοῦ.
6Zo werd Jotam steeds machtiger, omdat hij de paden van Jahweh, zijn God, bleef bewandelen.
7καὶ οἱ λοιποὶ λόγοι Ἰωάθαμ καὶ ὁ πόλεμος καὶ αἱ πράξεις αὐτοῦ ἰδοὺ γεγραμμέναι ἐπὶ βιβλίῳ βασιλέων Ἰούδα καὶ Ἰσραήλ.
7De verdere geschiedenis van Jotam, met al zijn oorlogen en ondernemingen, staat opgetekend in het boek van de koningen van Israël en Juda.
no verse 8 in this text
8Hij was vijf en twintig jaar, toen hij koning werd, en heeft zestien jaar in Jerusalem geregeerd.
9καὶ ἐκοιμήθη Ἰωάθαμ μετὰ τῶν πατέρων αὐτοῦ καὶ ἐτάφη ἐν πόλει Δαυίδ, καὶ ἐβασίλευσεν Ἄχαζ υἱὸς αὐτοῦ ἀντ' αὐτοῦ.
9Toen ging Jotam bij zijn vaderen te ruste; men begroef hem in de Davidstad. Zijn zoon Achaz volgde hem op.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.