路加福音
Chapter 12
Chinese Union Version, p…

Read in

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)
vs Petrus Canisius Bi…

Compare with

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)Stop comparing
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1這時,有幾萬人聚集,甚至彼此踐踏。耶穌開講,先對門徒說:「你們要防備法利賽人的酵,就是假冒為善。
1Toen er intussen een menigte van vele duizenden was saamgestroomd, zodat men elkander haast onder de voet liep, begon Hij tot zijn leerlingen te zeggen: Vooreerst, wacht u voor het zuurdeeg der farizeën, dat is, voor huichelarij.
2掩蓋的事沒有不露出來的;隱藏的事沒有不被人知道的。
2Want niets is bedekt, dat niet ontdekt, niets verborgen, dat niet bekend zal worden.
3因此,你們在暗中所說的,將要在明處被人聽見;在內室附耳所說的,將要在房上被人宣揚。」
3Alles dus wat gij spreekt in de duisternis, zal in het licht worden gehoord; en wat gij in kelders in het oor hebt gefluisterd, zal van de daken worden verkondigd.
4「我的朋友,我對你們說,那殺身體以後不能再做甚麼的,不要怕他們。
4Ik zeg u, mijn vrienden: Weest niet bevreesd voor hen, die wel het lichaam doden, maar daarna niets meer kunnen doen.
5我要指示你們當怕的是誰:當怕那殺了以後又有權柄丟在地獄裏的。我實在告訴你們,正要怕他。
5Ik zal u tonen, wien gij moet vrezen: Vreest Hem, die, als Hij gedood heeft, de macht nog bezit, om in de hel te werpen. Ja, Ik zeg u: Vreest Hem!
6五個麻雀不是賣二分銀子嗎?但在上帝面前,一個也不忘記;
6Worden niet vijf mussen voor twee penningen verkocht? En geen enkele daarvan wordt vergeten door God.
7就是你們的頭髮,也都被數過了。不要懼怕,你們比許多麻雀還貴重!」
7Welnu, zelfs al de haren van uw hoofd zijn geteld. Vreest dus niet; gij zijt meer waard dan een zwerm mussen.
8「我又告訴你們,凡在人面前認我的,人子在上帝的使者面前也必認他;
8Ik zeg u: Wie Mij belijdt voor de mensen, hem zal ook de Mensenzoon voor Gods engelen belijden.
9在人面前不認我的,人子在上帝的使者面前也必不認他。
9Maar wie Mij verloochent voor de mensen, zal voor Gods engelen worden verloochend.
10凡說話干犯人子的,還可得赦免;惟獨褻瀆聖靈的,總不得赦免。
10Wie iets tegen den Mensenzoon zegt, het zal hem worden vergeven: maar wie lastert tegen den Heiligen Geest, het zal hem niet worden vergeven.
11人帶你們到會堂,並官府和有權柄的人面前,不要思慮怎麼分訴,說甚麼話;
11En wanneer men u in de synagogen en voor vorsten en machthebbers brengt, weest dan niet bezorgd, hoe of wat gij zult antwoorden of zeggen;
12因為正在那時候,聖靈要指教你們當說的話。」
12want de Heilige Geest zal u leren in dat uur, wat gij moet zeggen.
13眾人中有一個人對耶穌說:「夫子!請你吩咐我的兄長和我分開家業。」
13Eens zei iemand uit de menigte tot Hem: Meester, zeg aan mijn broer, dat hij met mij de erfenis deelt.
14耶穌說:「你這個人!誰立我作你們斷事的官,給你們分家業呢?」
14Maar Hij zeide hem: Man, wie heeft Mij tot rechter of verdeler over u aangesteld?
15於是對眾人說:「你們要謹慎自守,免去一切的貪心,因為人的生命不在乎家道豐富。」
15Toen sprak Hij tot hen: Past op, en wacht u voor allerlei hebzucht; want ook al heeft iemand overvloed, zijn leven is door zijn bezit niet verzekerd.
16就用比喻對他們說:「有一個財主田產豐盛;
16En Hij zei hun deze gelijkenis: De akker van een rijk man had overvloedige oogst gedragen.
17自己心裏思想說:『我的出產沒有地方收藏,怎麼辦呢?』
17Toen overlegde hij bij zichzelf, en sprak: Wat zal ik doen? Want ik kan mijn vruchten niet bergen.
18又說:『我要這麼辦:要把我的倉房拆了,另蓋更大的,在那裏好收藏我一切的糧食和財物,
18En hij zeide: Dit zal ik doen. Ik zal mijn schuren afbreken en grotere bouwen, en daar al mijn graan en goed verzamelen.
19然後要對我的靈魂說:靈魂哪,你有許多財物積存,可作多年的費用,只管安安逸逸地吃喝快樂吧!』
19Dan zal ik tot mijn ziel zeggen: Ziel, ge hebt veel goederen liggen, voor vele jaren; neem uw gemak, eet, drink, maak goede sier.
20上帝卻對他說:『無知的人哪,今夜必要你的靈魂;你所預備的要歸誰呢?』
20Maar God sprak tot hem: Dwaas, deze nacht eist men uw ziel van u op; en wat ge verworven hebt, naar wien zal het heengaan?
21凡為自己積財,在上帝面前卻不富足的,也是這樣。」
21Zó gaat het hem, die schatten voor zichzelf belegt, maar die niet rijk is voor God.
22耶穌又對門徒說:「所以我告訴你們,不要為生命憂慮吃甚麼,為身體憂慮穿甚麼;
22En Hij sprak tot zijn leerlingen: Daarom zeg Ik u: Weest niet bezorgd voor uw leven, wat gij zult eten, noch voor het lichaam, waarmee gij u zult kleden.
23因為生命勝於飲食,身體勝於衣裳。
23Want het leven is meer dan het voedsel, en het lichaam is meer dan de kleding.
24你想烏鴉,也不種也不收,又沒有倉又沒有庫,上帝尚且養活牠。你們比飛鳥是何等地貴重呢!
24Ziet de raven; ze zaaien noch oogsten, hebben geen kelder of schuur; en toch, God onderhoudt ze. Hoeveel meer zijt gij waard dan de vogels.
25你們哪一個能用思慮使壽數多加一刻呢?
25En wie van u kan door zijn tobben een el toevoegen aan zijn levensweg?
26這最小的事,你們尚且不能做,為甚麼還憂慮其餘的事呢?
26Als gij dus het minste zelfs niet kunt, wat tobt gij dan over de rest?
27你想百合花怎麼長起來;它也不勞苦,也不紡線。然而我告訴你們,就是 所羅門 極榮華的時候,他所穿戴的,還不如這花一朵呢!
27Denkt aan de lelies, hoe ze groeien: ze werken niet en spinnen niet. En toch zeg Ik u, dat zelfs Sálomon in al zijn heerlijkheid niet gekleed was als een van deze.
28你們這小信的人哪,野地裏的草今天還在,明天就丟在爐裏,上帝還給它這樣的妝飾,何況你們呢!
28Als God nu het kruid op het veld, dat vandaag nog bestaat, en morgen in de oven wordt geworpen, zó aankleedt, hoeveel te meer dan u, kleingelovigen!
29你們不要求吃甚麼,喝甚麼,也不要掛心;
29Vraagt ook gij dus niet, wat gij zult eten of drinken, en maakt u niet angstig.
30這都是外邦人所求的。你們必須用這些東西,你們的父是知道的。
30Hiernaar vragen de heidenvolken wel; maar uw Vader weet, dat gij dit allemaal nodig hebt.
31你們只要求他的國,這些東西就必加給你們了。
31Zoekt slechts zijn rijk, en dit alles zal u worden geschonken als toegift.
32你們這小群,不要懼怕,因為你們的父樂意把國賜給你們。
32Wees niet bezorgd, kleine kudde; want het heeft uw Vader behaagd, u het koninkrijk te geven.
33你們要變賣所有的賙濟人,為自己預備永不壞的錢囊,用不盡的財寶在天上,就是賊不能近、蟲不能蛀的地方。
33Verkoopt uw bezittingen, en geeft er aalmoezen van. Maakt u beurzen die niet slijten, een onuitputtelijke schat in de hemel, waar geen dief kan bij komen, en waar geen mot hem wegvreet.
34因為,你們的財寶在哪裏,你們的心也在那裏。」
34Want waar uw schat is, daar is ook uw hart.
35「你們腰裏要束上帶,燈也要點着,
35Houdt uw lenden omgord, en brandend uw lampen.
36自己好像 僕 人等候主人從婚姻的筵席上回來。他來到,叩門,就立刻給他開門。
36Weest als mensen, die wachten op hun heer, wanneer hij van de bruiloft komt, om als hij komt en klopt, terstond hem open te doen.
37主人來了,看見僕人警醒,那僕人就有福了。我實在告訴你們,主人必叫他們坐席,自己束上帶,進前伺候他們。
37Gelukkig de knechten, die de heer bij zijn komst wakker zal vinden. Voorwaar, Ik zeg u: Hij zal zich omgorden, hen aan tafel doen aanzitten, en hen de rij langs bedienen.
38或是二更天來,或是三更天來,看見僕人這樣,那僕人就有福了。
38En wanneer hij hen zó aantreft, zelfs als hij in de tweede nachtwaak of in de derde komt, gelukkig zijn ze!
39家主若知道賊甚麼時候來,就必警醒,不容賊挖透房屋,這是你們所知道的。
39Gij weet het: als de huisvader wist, op welk uur de dief zou komen, dan zou hij wakker blijven, en niet laten inbreken in zijn huis.
40你們也要預備;因為你們想不到的時候,人子就來了。」
40Weest ook gij bereid; want de Mensenzoon komt op een onverwacht uur.
41彼得 說:「主啊,這比喻是為我們說的呢?還是為眾人呢?」
41Petrus zei Hem: Heer, zegt Gij deze gelijkenis voor ons, of voor allen?
42主說:「誰是那忠心有見識的管家,主人派他管理家裏的人,按時分糧給他們呢?
42De Heer sprak: Wie is toch de trouwe en voorzichtige hofmeester, dien de heer over zijn ondergeschikten zal stellen, om hun op tijd de maat koren te geven?
43主人來到,看見僕人這樣行,那僕人就有福了。
43Gelukkig de dienaar, dien de heer bij zijn komst daarmee bezig vindt.
44我實在告訴你們,主人要派他管理一切所有的。
44Voorwaar, Ik zeg u: Hij zal hem stellen over al zijn bezit.
45那僕人若心裏說:『我的主人必來得遲』,就動手打僕人和使女,並且吃喝醉酒;
45Maar als die dienaar bij zichzelf gaat denken: “Mijn heer komt nog lang niet”; als hij de knechten en dienstmeisjes begint te slaan, en gaat eten en drinken, en zich aan dronkenschap overgeeft.
46在他想不到的日子,不知道的時辰,那僕人的主人要來,重重地處治他,定他和不忠心的人同罪。
46dan zal de heer van dien dienaar komen op een dag, waarop hij het niet verwacht, en op een uur, dat hij niet kent. En hij zal hem streng bestraffen, en hem het lot der trouwelozen doen delen.
47僕人知道主人的意思,卻不預備,又不順他的意思行,那僕人必多受責打;
47De dienaar toch, die de wil van zijn meester kent, maar die zich niet volgens zijn wil heeft voorbereid of gehandeld, hij zal veel slaag krijgen;
48惟有那不知道的,做了當受責打的事,必少受責打;因為多給誰,就向誰多取;多託誰,就向誰多要。」
48zo hij hem echter niet kent, en dingen doet, die slaag verdienen, zal hij slechts weinig slaag krijgen. Wien veel is gegeven, hem zal veel worden gevraagd; en wien veel is toevertrouwd. van hem zal des te meer worden geëist.
49「我來要把火丟在地上,倘若已經着起來,不也是我所願意的嗎?
49Ik ben gekomen, om vuur op de aarde te brengen; en hoe wens Ik, dat het reeds brandt.
50我有當受的洗還沒有成就,我是何等地迫切呢?
50En Ik moet een doop ondergaan; en hoe smacht Ik er naar, dat hij voltrokken wordt.
51你們以為我來,是叫地上太平嗎?我告訴你們,不是,乃是叫人紛爭。
51Denkt gij, dat Ik vrede ben komen brengen op aarde? Neen, zeg Ik u; wel verdeeldheid.
52從今以後,一家五個人將要紛爭:三個人和兩個人相爭,兩個人和三個人相爭;
52Want van nu af zullen er vijf in één huis verdeeld zijn; drie tegen twee, en twee tegen drie.
53父親和兒子相爭, 兒子和父親相爭; 母親和女兒相爭, 女兒和母親相爭; 婆婆和媳婦相爭, 媳婦和婆婆相爭。」
53De vader zal verdeeld zijn tegen den zoon, en de zoon tegen den vader; moeder tegen dochter, en dochter tegen moeder; schoonmoeder tegen haar schoondochter, en schoondochter tegen haar schoonmoeder.
54耶穌又對眾人說:「你們看見西邊起了雲彩,就說:『要下一陣雨』;果然就有。
54Nog sprak Hij tot het volk: Wanneer gij een wolk uit het westen ziet opkomen, zegt gij terstond: Er komt regen; en zo is het.
55起了南風,就說:『將要燥熱』;也就有了。
55En wanneer de zuidenwind waait, zegt gij: Het zal heet worden; en het gebeurt.
56假冒為善的人哪,你們知道分辨天地的氣色,怎麼不知道分辨這時候呢?」
56Huichelaars, het uitzicht van aarde en hemel weet gij te beoordelen, maar hoe komt het dan, dat gij deze tijd niet weet te beoordelen?
57「你們又為何不自己審量甚麼是合理的呢?
57En waarom oordeelt gij zelf niet wat recht is?
58你同 告 你的對頭去見官,還在路上,務要盡力地和他了結;恐怕他拉你到官面前,官交付差役,差役把你下在監裏。
58Wanneer ge met uw tegenstander naar de overheid gaat, doe dan onderweg uw best, om van hem af te komen: anders sleept hij u misschien voor den rechter, en levert de rechter u aan den gerechtsdienaar over, en werpt de gerechtsdienaar u in de gevangenis.
59我告訴你,若有半文錢沒有還清,你斷不能從那裏出來。」
59Ik zeg u: Ge zult daar niet uit komen, vóórdat ge de laatste penning hebt afbetaald.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.