约书亚记 15
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1犹大 支派按着宗族拈阄所得之地是在尽南边,到 以东 的交界,向南直到 寻 的旷野。
1Wat door het lot aan de families van de stam der Judeërs werd toegewezen, strekte zich uit tot het gebied van Edom, van de woestijn Sin af tot Kadesj in het zuiden.
2他们的南界是从 盐海 的尽边,就是从朝南的海汊起,
2Hun zuidelijke grens begon onderaan de Zoutzee, van de baai af, die zuidwaarts loopt;
3通到 亚克拉滨 坡的南边,接连到 寻 ,上到 加低斯·巴尼亚 的南边,又过 希斯 ,上到 亚达珥 ,绕到 甲加 ,
3zij boog ten zuiden van het hoge Akrabbim af, liep dan over Sin, en steeg naar het zuiden van Kadesj-Barnéa; vervolgens liep ze over Chasar-Addar, en met een bocht naar Karka;
4接连到 押们 ,通到 埃及 小河,直通到海为止。这就是他们的南界。
4verder ging ze naar Asmon, om uit te komen aan de beek van Egypte, zodat de grens uitliep op de zee. Dit was dus hun zuidelijke grens.
5东界是从 盐海 南边 到 约旦河 口。北界是从 约旦河 口的海汊起,
5De oostelijke grens was de Zoutzee tot aan de monding van de Jordaan. De noordelijke grens begon bij de baai aan de uitmonding van de Jordaan;
6上到 伯·曷拉 ,过 伯·亚拉巴 的北边,上到 吕便 之子 波罕 的磐石;
6ze steeg naar Bet-Chogla, liep ten noorden van Bet-Haäraba, naar de steen van Bóhan, den zoon van Ruben,
7从 亚割谷 往北,上到 底璧 ,直向河南 亚都冥 坡对面的 吉甲 ;又接连到 隐·示麦 泉,直通到 隐·罗结 ,
7en vervolgens naar Debir, op enige afstand van de vallei van Akor; daarna boog ze noordwaarts naar Gilgal af, tegenover de pas van Adoemmim ten zuiden van de beek, en verder naar de wateren van En-Sjémesj, tot ze uitkwam bij En-Rogel.
8上到 欣嫩子谷 ,贴近 耶布斯 的南界( 耶布斯 就是 耶路撒冷 );又上到 欣嫩谷 西边的山顶,就是在 利乏音谷 极北的边界;
8Daarna steeg de grens door het Ben-Hinnomdal naar de zuidelijke bergrug der Jeboesieten, waar Jerusalem lag; verder steeg ze naar de top van de berg, die westelijk tegenover het Hinnomdal ligt, dat zich aan het noordelijk uiteinde van de vallei der Refaieten bevindt.
9又从山顶延到 尼弗多亚 的水源,通到 以弗 山 的城邑,又延到 巴拉 ( 巴拉 就是 基列·耶琳 );
9Van de top van de berg keerde de grens zich naar de bron van de wateren van Neftóach, kwam uit bij de steden van het Efrongebergte, en boog daarna om naar Baäla, ook Kirjat-Jearim geheten.
10又从 巴拉 往西绕到 西珥山 ,接连到 耶琳山 的北边( 耶琳 就是 基撒 );又下到 伯·示麦 过 亭纳 ,
10Vervolgens liep de grens van Baäla met een bocht westwaarts naar het Seïrgebergte, en verder over de bergrug van Jearim naar het noorden, waar Kesalon lag. Daarna daalde ze af naar Bet-Sjémesj en verder naar Timna,
11通到 以革伦 北边,延到 施基 ,接连到 巴拉山 ;又通到 雅比聂 ,直通到海为止。
11tot het noorden van de bergrug van Ekron; dan boog ze naar Sjikkeron af, liep door over de berg Baäla, en kwam uit bij Jabneël, zodat de grens aan de zee eindigde.
12西界就是大海和靠近大海之地。这是 犹大 人按着宗族 所得之地 四围的交界。
12De westelijke grens was de Grote Zee met haar kust. Dit zijn dan naar alle zijden de grenzen van de families der Judeërs.
13约书亚 照耶和华所吩咐的,将 犹大 人中的一段地,就是 基列·亚巴 ,分给 耶孚尼 的儿子 迦勒 。 亚巴 是 亚衲 族的始祖( 基列·亚巴 就是 希伯 )。
13Volgens Jahweh’s opdracht gaf Josuë aan Kaleb, den zoon van Jefoenne, een aandeel midden onder de Judeërs, namelijk Kirjat-Arba of Hebron; deze Arba was de vader van Anak.
14迦勒 就从那里赶出 亚衲 族的三个族长,就是 示筛 、 亚希幔 、 挞买 ;
14Daaruit verdreef Kaleb de drie Anaks-kinderen Sjesjai, Achiman en Talmai, de zonen van Anak.
15又从那里上去,攻击 底璧 的居民。(这 底璧 从前名叫 基列·西弗 。)
15Vandaar trok hij op tegen de bevolking van Debir; Debir werd vroeger Kirjat-Séfer genoemd.
16迦勒 说:「谁能攻打 基列·西弗 将城夺取,我就把我女儿 押撒 给他为妻。」
16Toen zei Kaleb: Wie Kirjat-Séfer aanvalt en inneemt, geef ik mijn dochter Aksa tot vrouw.
17迦勒 兄弟 基纳斯 的儿子 俄陀聂 夺取了那城, 迦勒 就把女儿 押撒 给他为妻。
17Otniël, de zoon van Kenaz, de broer van Kaleb, nam het in; en deze gaf hem dus zijn dochter Aksa tot vrouw.
18押撒 过门的时候,劝丈夫向她父亲求一块田, 押撒 一下驴, 迦勒 问她说:「你要什么?」
18Maar toen zij aankwam, spoorde hij haar aan, haar vader akkerland te vragen. Ze boog zich dus van den ezel neer, zodat Kaleb haar vroeg: Wat is er?
19她说:「求你赐福给我,你既将我安置在南地,求你也给我水泉。」她父亲就把上泉下泉赐给她。
19Ze zeide: Schenk mij een gift; nu ge mij eenmaal voor de Négeb bestemd hebt, moet ge mij ook waterbronnen geven. En hij gaf haar bronnen in het hoogland en laagland.
20以下是 犹大 支派按着宗族所得的产业。
20Dit was het erfdeel der families van de stam der Judeërs.
21犹大 支派尽南边的城邑,与 以东 交界相近的,就是 甲薛 、 以得 、 雅姑珥 、
21De verst afgelegen steden van de stam der Judeërs in de Négeb, tegen het gebied van Edom aan, waren Kabseël, Eder, Jagoer,
22基拿 、 底摩拿 、 亚大达 、
22Kina, Dimona, Adada,
23基低斯 、 夏琐 、 以提楠 、
23Kédesj, Chasor, Jitnan,
24西弗 、 提链 、 比亚绿 、
24Zif, Télem, Bealot,
25夏琐·哈大他 、 加略·希斯 ( 加略·希斯 就是 夏琐 )、
25Chasor-Chadatta, Keri-jot-Chesron, dat is Chasor,
26亚曼 、 示玛 、 摩拉大 、
26Amam, Sjema, Molada,
27哈萨·迦大 、 黑实门 、 伯·帕列 、
27Chasar-Gadda, Chesjmon, Bet-Pélet,
28哈萨·书亚 、 别是巴 、 比斯约他 、
28Chasar-Sjoeal, Beër-Sjéba en onderhorige plaatsen;
29巴拉 、 以因 、 以森 、
29Baäla, Ijjim, Esem,
30伊勒多腊 、 基失 、 何珥玛 、
30Eltolad, Kesil, Chorma,
31洗革拉 、 麦玛拿 、 三撒拿 、
31Sikelag, Madmanna, Sansanna,
32利巴勿 、 实忻 、 亚因 、 临门 ,共二十九座城,还有属城的村庄。
32Lebaot, Sjilchim en En-Rimmon; in het geheel negen en twintig steden met haar dorpen.
33在高原有 以实陶 、 琐拉 、 亚实拿 、
33In de Sjefela: Esjtaol, Sora, Asjna,
34撒挪亚 、 隐·干宁 、 他普亚 、 以楠 、
34Zanóach, En-Gannim, Tappóeach, Enam,
35耶末 、 亚杜兰 、 梭哥 、 亚西加 、
35Jarmoet, Adoellam, Soko, Azeka,
36沙拉音 、 亚底他音 、 基底拉 、 基底罗他音 ,共十四座城,还有属城的村庄。
36Sjaäráim, Aditáim, Gedera en Gederotáim; veertien steden met haar dorpen.
37又有 洗楠 、 哈大沙 、 麦大·迦得 、
37Senan, Chadasja, Migdal-Gad,
38底连 、 米斯巴 、 约帖 、
38Dilan, Mispe, Jokteël,
39拉吉 、 波斯加 、 伊矶伦 、
39Lakisj, Boskat, Eglon,
40迦本 、 拉幔 、 基提利 、
40Kabbon, Lachmas, Kitlisj,
41基低罗 、 伯·大衮 、 拿玛 、 玛基大 ,共十六座城,还有属城的村庄。
41Gederot, Bet-Dagon, Naäma en Makkeda; zestien steden met haar dorpen.
42又有 立拿 、 以帖 、 亚珊 、
42Libna, Éter, Asjan,
43益弗他 、 亚实拿 、 尼悉 、
43Jiftach, Asjna, Nesib,
44基伊拉 、 亚革悉 、 玛利沙 ,共九座城,还有属城的村庄。
44Keïla, Akzib en Maresja; negen steden met haar dorpen.
45又有 以革伦 和属 以革伦 的镇市村庄;
45Ekron met onderhorige plaatsen en dorpen.
46从 以革伦 直到海,一切靠近 亚实突 之地,并属其地的村庄。
46Van Ekron af naar de zee alle plaatsen met haar dorpen, terzijde van Asjdod;
47亚实突 和属 亚实突 的镇市村庄; 迦萨 和属 迦萨 的镇市村庄;直到 埃及 小河,并大海和靠近大海之地。
47Asjdod en Gaza met beider onderhorige plaatsen en dorpen, tot aan de beek van Egypte; de Grote Zee en de kuststreek waren hier de grens.
48在山地有 沙密 、 雅提珥 、 梭哥 、
48In het bergland: Sjamir, Jattir, Soko,
49大拿 、 基列·萨拿 ( 基列·萨拿 就是 底璧 )、
49Danna, Kirjat-Sanna, ook Debir geheten;
50亚拿伯 、 以实提莫 、 亚念 、
50Anab, Esjtemo, Anim,
51歌珊 、 何伦 、 基罗 ,共十一座城,还有属城的村庄。
51Gósjen, Cholon en Gilo; elf steden met haar dorpen.
52又有 亚拉 、 度玛 、 以珊 、
52Arab, Doema, Esjan,
53雅农 、 伯·他普亚 、 亚非加 、
53Janim, Bet-Tappóeach, Afeka,
54宏他 、 基列·亚巴 ( 基列·亚巴 就是 希伯 )、 洗珥 ,共九座城,还有属城的村庄。
54Choemta, Kirjat-Arba, ook Hebron geheten, en Sior; negen steden met haar dorpen.
55又有 玛云 、 迦密 、 西弗 、 淤他 、
55Maon, Karmel, Zif, Joetta,
56耶斯列 、 约甸 、 撒挪亚 、
56Jizreël, Jokdeam, Zanóeach,
57该隐 、 基比亚 、 亭纳 ,共十座城,还有属城的村庄。
57Hakkájin, Giba en Timna; tien steden met haar dorpen.
58又有 哈忽 、 伯·夙 、 基突 、
58Chalchoel, Bet-Soer, Gedor.
59玛腊 、 伯·亚诺 、 伊勒提君 ,共六座城,还有属城的村庄。
59Maärat, Bet-Anot, Eltekon; zes steden met haar dorpen. Tekóa, Efráta of Betlehem, Peor, Etam, Kolan, Tetam, Sores, Kérem, Gallim, Béter en Menocho; elf steden met haar dorpen.
60又有 基列·巴力 ( 基列·巴力 就是 基列·耶琳 )、 拉巴 ,共两座城,还有属城的村庄。
60Kirjat-Báal, ook Kirjat-Jearim geheten, en Harabba; twee steden met haar dorpen.
61在旷野有 伯·亚拉巴 、 密丁 、 西迦迦 、
61In de woestijn: Bet-Haäraba, Middin, Sekaka,
62匿珊 、 盐城 、 隐·基底 ,共六座城,还有属城的村庄。
62Nibsjan, Ir-Hammélach en En-Gédi; zes steden met haar dorpen.
63至于住 耶路撒冷 的 耶布斯 人, 犹大 人不能把他们赶出去, 耶布斯 人却在 耶路撒冷 与 犹大 人同住,直到今日。
63Wat de Jeboesieten betreft, die in Jerusalem woonden, hen konden de Judeërs niet uitdrijven, zodat de Jeboesieten tezamen met de Judeërs in Jerusalem wonen tot op de huidige dag.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.