历代志上 15
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1大卫 在 大卫城 为自己建造宫殿,又为 神的 约 柜预备地方,支搭帐幕。
1Toen David voor zichzelf paleizen had gebouwd in de Davidstad, stelde hij een plaats vast voor de ark van God en spande haar een tent.
2那时 大卫 说:「除了 利未 人之外,无人可抬 神的 约 柜;因为耶和华拣选他们抬 神的 约 柜,且永远事奉他。」
2Maar nu beval David, dat de ark van God alleen gedragen zou worden door de levieten, daar Jahweh hen had uitverkoren, om de ark van God te dragen en Hem voor altijd te dienen.
3大卫 招聚 以色列 众人到 耶路撒冷 ,要将耶和华的 约 柜抬到他所预备的地方。
3Nu liet David heel Israël naar Jerusalem komen, om de ark van Jahweh over te brengen naar de plaats, die hij daarvoor had vastgesteld.
4大卫 又聚集 亚伦 的子孙和 利未 人。
4Hij riep de zonen van Aäron en de levieten bijeen;
5哥辖 子孙中有族长 乌列 和他的弟兄一百二十人。
5van de afstammelingen van Kehat: Oeriël, het hoofd, met honderd twintig stamgenoten;
6米拉利 子孙中有族长 亚帅雅 和他的弟兄二百二十人。
6van de afstammelingen van Merari: Asaja, het hoofd, met tweehonderd twintig stamgenoten;
7革顺 子孙中有族长 约珥 和他的弟兄一百三十人。
7van de afstammelingen van Gersjom: Joël, het hoofd, met honderd dertig stamgenoten;
8以利撒反 子孙中有族长 示玛雅 和他的弟兄二百人。
8van de afstammelingen van Elisafan: Sjemaja, het hoofd, met tweehonderd stamgenoten;
9希伯 子孙中有族长 以列 和他的弟兄八十人。
9van de afstammelingen van Chebron: Eliël, het hoofd, met tachtig stamgenoten;
10乌薛 子孙中有族长 亚米拿达 和他的弟兄一百一十二人。
10van de afstammelingen van Oezziël: Amminadab, het hoofd, met honderd twintig stamgenoten.
11大卫 将祭司 撒督 和 亚比亚他 ,并 利未 人 乌列 、 亚帅雅 、 约珥 、 示玛雅 、 以列 、 亚米拿达 召来,
11Daarna ontbood David de priesters Sadok en Ebjatar, en de levieten Oeriël, Asaja, Joël, Sjemaja, Eliël en Amminadab,
12对他们说:「你们是 利未 人的族长,你们和你们的弟兄应当自洁,好将耶和华— 以色列 神的 约 柜抬到我所预备的地方。
12en zeide tot hen: Gij, de familiehoofden der levieten, moet uzelf en uw broeders heiligen, om de ark van Jahweh, den God van Israël, over te brengen naar de plaats, die ik daarvoor heb vastgesteld.
13因你们先前没有 抬这约柜 ,按定例求问耶和华—我们的 神,所以他刑罚我们。」
13Want de vorige keer, toen gij er niet waart, is Jahweh heftig tegen ons losgebroken, omdat wij niet voor Hem hadden gezorgd, zoals het behoort.
14于是祭司 利未 人自洁,好将耶和华— 以色列 神的 约 柜抬上来。
14De priesters en levieten heiligden zich dus, om de ark van Jahweh, den God van Israël, over te brengen.
15利未 子孙就用杠,肩抬 神的 约 柜,是照耶和华借 摩西 所吩咐的。
15De levieten zouden nu de ark van God met stangen op hun schouders dragen, zoals Moses op Gods bevel had bepaald.
16大卫 吩咐 利未 人的族长,派他们歌唱的弟兄用琴瑟和钹作乐,欢欢喜喜地大声歌颂。
16Ook gaf David aan de hoofden der levieten het bevel, de zangers onder hun stamgenoten met de muziekinstrumenten, harpen, citers en cymbalen op te stellen, om feestelijke klanken te laten horen.
17于是 利未 人派 约珥 的儿子 希幔 和他弟兄中 比利家 的儿子 亚萨 ,并他们族弟兄 米拉利 子孙里 古沙雅 的儿子 以探 。
17De levieten wezen dus Heman aan, den zoon van Joël, met zijn stamgenoot Asaf, den zoon van Berekjáhoe, en van de Merarieten, hun ambtgenoten, Etan, den zoon van Koesjajáhoe.
18其次还有他们的弟兄 撒迦利雅 、 便雅薛 、 示米拉末 、 耶歇 、 乌尼 、 以利押 、 比拿雅 、 玛西雅 、 玛他提雅 、 以利斐利户 、 弥克尼雅 ,并守门的 俄别·以东 和 耶利 。
18Verder hun ambtgenoten van de tweede rang: de poortwachters Zekarjáhoe, Jaäziël, Sjemiramot, Jechiël, Oenni, Eliab, Benajáhoe, Maäsejáhoe, Mattitjáhoe, Elifeléhoe, Miknejáhoe, Obed-Edom en Jeïël.
19这样,派歌唱的 希幔 、 亚萨 、 以探 敲铜钹,大发响声;
19Bovendien de zangers Heman, Asaf en Etan met koperen cymbalen voor de feestmuziek;
20派 撒迦利雅 、 雅薛 、 示米拉末 、 耶歇 、 乌尼 、 以利押 、 玛西雅 、 比拿雅 鼓瑟,调用女音;
20Zekarja, Aziël, Sjemiramot, Jechiël, Oenni, Eliab, Maäsejáhoe, Benajáhoe met harpen, hooggestemd;
21又派 玛他提雅 、 以利斐利户 、 弥克尼雅 、 俄别·以东 、 耶利 、 亚撒西雅 领首弹琴,调用第八。
21Mattitjáhoe, Elifeléhoe, Miknejáhoe, Obed-Edom, Jeïël en Azazjáhoe met citers, om een octaaf lager te begeleiden.
22利未 人的族长 基拿尼雅 是歌唱人的首领,又教训人歌唱,因为他精通此事。
22Kenanjáhoe had bij het vervoer het toezicht op de levieten, en daar hij deskundig was, de leiding bij het vervoer.
23比利家 、 以利加拿 是 约 柜前守门的。
23Berekja en Elkana hielden de wacht bij de ark.
24祭司 示巴尼 、 约沙法 、 拿坦业 、 亚玛赛 、 撒迦利雅 、 比拿亚 、 以利以谢 在 神的 约 柜前吹号。 俄别·以东 和 耶希亚 也是 约 柜前守门的。
24De priesters Sjebanjáhoe, Josjafat, Netaneël, Amasai, Zekarjáhoe, Benajáhoe en Eliézer bliezen op de trompetten voor de ark van God, en Obed-Edom en Jechi-ja hielden de wacht bij de ark.
25于是, 大卫 和 以色列 的长老,并千夫长都去从 俄别·以东 的家欢欢喜喜地将耶和华的约柜抬上来。
25Nu ging David met de oudsten van Israël en de bevelhebbers van duizend de verbondsark van Jahweh op feestelijke wijze uit het huis van Obed-Edom overbrengen.
26神赐恩与抬耶和华约柜的 利未 人,他们就献上七只公牛,七只公羊。
26En toen bleek, dat God de levieten bijstond, die de verbondsark van Jahweh droegen, werden zeven stieren en zeven rammen geofferd.
27大卫 和抬 约 柜的 利未 人,并歌唱人的首领 基拿尼雅 ,以及歌唱的人,都穿着细麻布的外袍; 大卫 另外穿着细麻布的以弗得。
27David was daarbij gekleed in een mantel van fijn lijnwaad, gelijk alle levieten, die de ark droegen, en zoals de zangers, Kenanja, de leider van het vervoer, en de muzikanten; verder was David slechts met een linnen borstkleed bedekt.
28这样, 以色列 众人欢呼吹角、吹号、敲钹、鼓瑟、弹琴,大发响声,将耶和华的约柜抬上来。
28Zo bracht Israël de verbondsark van Jahweh over, met gejubel en bazuingeschal, terwijl de trompetten, cymbalen, harpen en citers hun feestklanken lieten horen.
29耶和华的约柜进了 大卫城 的时候, 扫罗 的女儿 米甲 从窗户里观看,见 大卫 王踊跃跳舞,心里就轻视他。
29Toen de verbondsark van Jahweh in de Davidstad aankwam, gluurde Mikal, de dochter van Saul, door het venster. Zij zag koning David dansend en springend, en verachtte hem in haar hart.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.