Deuteronomium 34
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Synodal Translation (Синодальный перевод)
1Daarna klom Moses uit de vlakten van Moab omhoog naar de berg Nebo, de top van de Pisga, die tegenover Jericho ligt. Daar toonde Jahweh hem het hele land: Gilad tot Dan,
1И взошел Моисей с равнин Моавитских на гору Нево, на вершину Фасги, что против Иерихона, и показал ему Господь всю землю Галаад до самого Дана,
2heel Neftali, het land van Efraïm en Manasse, het hele land Juda tot aan de westelijke zee,
2и всю землю Неффалимову, и всю землю Ефремову и Манассиину, и всю землю Иудину, даже до самого западного моря,
3de Négeb, de Jordaanstreek, de vlakte van Jericho, of Palmenstad, tot Sóar toe.
3и полуденную страну и равнину долины Иерихона, город Палм, до Сигора.
4En Jahweh sprak tot hem: Dit is het land, dat Ik aan Abraham, Isaäk en Jakob onder ede beloofd heb: “Aan uw nageslacht zal Ik het geven!” Ik heb het u met eigen ogen laten aanschouwen, maar gij zult daar niet binnengaan.
4И сказал ему Господь: вот земля, о которой Я клялся Аврааму, Исааку и Иакову, говоря: “семени твоему дам ее”; Я дал тебе увидеть ее глазами твоими, но в нее ты не войдешь.
5Toen stierf Moses, de dienaar van Jahweh, in het land Moab, zoals Jahweh het hem had gezegd.
5И умер там Моисей, раб Господень, в земле Моавитской, по слову Господню;
6Men begroef hem in de vallei van het land Moab tegenover Bet-Peor, maar tot op de dag van vandaag weet niemand waar zijn graf is.
6и погребен на долине в земле Моавитской против Беф-Фегора, и никто не знает места погребения его даже до сего дня.
7Moses was honderd twintig jaar oud, toen hij stierf; maar zijn oog was niet verzwakt, en zijn kracht niet gebroken.
7Моисею было сто двадцать лет, когда он умер; но зрение его не притупилось, и крепость в нем не истощилась.
8De Israëlieten beweenden Moses in de vlakte van Moab dertig dagen lang, tot de tijd van de rouwklacht over Moses voorbij was.
8И оплакивали Моисея сыны Израилевы на равнинах Моавитских у Иордана близ Иерихона тридцать дней. И прошли дни плача и сетования о Моисее.
9Zeker, Josuë, de zoon van Noen, was met de geest van wijsheid vervuld, daar Moses hem de handen had opgelegd, en de kinderen Israëls gehoorzaamden hem en deden alles wat Jahweh Moses bevolen had
9И Иисус, сын Навин, исполнился духа премудрости, потому что Моисей возложил на него руки свои, и повиновались ему сыны Израилевы и делали так, как повелел Господь Моисею.
10Maar toch stond er nooit meer een profeet in Israël op, zoals Moses, met wien Jahweh van aanschijn tot aanschijn heeft verkeerd;
10И не было более у Израиля пророка такого, как Моисей, которого Господь знал лицем к лицу,
11zoals blijkt uit alle tekenen en wonderen, die Jahweh hem opgedragen had in Egypte voor Farao en al zijn dienaars en heel zijn land te volbrengen;
11по всем знамениям и чудесам, которые послал его Господь сделать в земле Египетской над фараоном и над всеми рабами его и над всею землею его,
12en uit al de macht en al de schrikwekkende daden, die Moses ten aanschouwen van heel Israël heeft voltrokken.
12и по руке сильной и по великим чудесам, которые Моисей совершил пред глазами всего Израиля.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.