撒母耳記下 8
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1此後, 大衛 攻打 非利士 人,把他們治服,從他們手下奪取了京城的權柄;
1Daarna versloeg David de Filistijnen. Hij onderwierp ze, en ontnam hun Gat met onderhorige steden.
2又攻打 摩押 人,使他們躺臥在地上,用繩量一量:量二繩的殺了,量一繩的存留。 摩押 人就歸服 大衛 ,給他進貢。
2Ook de Moabieten versloeg hij. Hij legde ze plat op de grond, en nam met een snoer hun aantal op; twee derde van de snoerlengte was ten dode gedoemd, een volle derde mocht blijven leven. Zo werden de Moabieten aan David schatplichtig.
3瑣巴 王 利合 的兒子 哈大底謝 往大河去,要奪回他的國權。 大衛 就攻打他,
3Vervolgens versloeg David Hadadézer, den zoon van Rechob en koning van Soba, juist toen deze op weg was, zijn zegeteken aan de Rivier op te richten.
4擒拿了他的馬兵一千七百,步兵二萬,將拉戰車的馬砍斷蹄筋,但留下一百輛車的馬。
4David nam zeventienhonderd van zijn ruiters en tienduizend man van zijn voetvolk gevangen, en van alle paarden, op honderd na, sneed hij de pezen door.
5大馬士革 的 亞蘭 人來幫助 瑣巴 王 哈大底謝 , 大衛 就殺了 亞蘭 人二萬二千。
5En daar de Arameën van Damascus Hadadézer, den koning van Soba, te hulp waren gekomen, doodde David van de Arameën twee en twintigduizend man.
6於是 大衛 在 大馬士革 的 亞蘭 地設立防營, 亞蘭 人就歸服他,給他進貢。 大衛 無論往哪裏去,耶和華都使他得勝。
6Hij stelde in Aram van Damascus stadhouders aan, en het werd aan David schatplichtig. Zo werd David op al zijn tochten door Jahweh geholpen.
7他奪了 哈大底謝 臣僕所拿的金盾牌,帶到 耶路撒冷 。
7De gouden schilden, die Hadadézers soldaten droegen, maakte David buit en bracht ze naar Jerusalem,
8大衛 王又從屬 哈大底謝 的 比他 和 比羅他 城中奪取了許多的銅。
8terwijl hij uit Bétach en Berotai, twee steden van Hadadézer, een zeer grote hoeveelheid koper meenam.
9哈馬 王 陀以 聽見 大衛 殺敗 哈大底謝 的全軍,
9Toen Tói, de koning van Chamat, vernam, dat David de gehele legermacht van Hadadézer had verslagen,
10就打發他兒子 約蘭 去見 大衛 王,問他的安,為他祝福,因為他殺敗了 哈大底謝 (原來 陀以 與 哈大底謝 常常爭戰)。 約蘭 帶了金銀銅的器皿來,
10zond hij zijn zoon Joram naar koning David, om hem te groeten en geluk te wensen met zijn overwinning op Hadadézer. Hadadézer was namelijk een tegenstander van Tói. Joram bracht zilveren, gouden en koperen voorwerpen mede,
11大衛 王將這些器皿和他治服各國所得來的金銀都分別為聖,獻給耶和華,
11en ook deze wijdde koning David aan Jahweh, zoals hij gedaan had met het zilver en goud van alle door hem onderworpen volken,
12就是從 亞蘭 、 摩押 、 亞捫 、 非利士 、 亞瑪力 人所得來的,以及從 瑣巴 王 利合 的兒子 哈大底謝 所掠之物。
12(van Edom, Moab, de Ammonieten, de Filistijnen en Amalekieten), en met de buit, op Hadadézer behaald, den zoon van Rechob en koning van Soba.
13大衛 在 鹽谷 擊殺了 亞蘭 一萬八千人回來,就得了大名;
13Verder heeft David zich beroemd gemaakt, door, bij zijn terugkeer van de overwinning op Aram, in de Zoutvallei achttienduizend Edomieten te verslaan.
14又在 以東 全地設立防營, 以東 人就都歸服 大衛 。 大衛 無論往哪裏去,耶和華都使他得勝。
14Hij stelde in heel Edom stadhouders aan, zodat heel Edom aan David bleef. Zo werd David op al zijn tochten door Jahweh geholpen.
15大衛 作 以色列 眾人的王,又向眾民秉公行義。
15David regeerde dus over geheel Israël, en handelde met heel zijn volk naar wet en recht.
16洗魯雅 的兒子 約押 作元帥; 亞希律 的兒子 約沙法 作史官;
16Joab, de zoon van Seroeja, stond over het leger; Jehosjafat, de zoon van Achiloed, was kanselier;
17亞希突 的兒子 撒督 和 亞比亞他 的兒子 亞希米勒 作祭司 長 ; 西萊雅 作書記;
17Sadok, de zoon van Achitoeb, en Ebjatar, de zoon van Achimélek, waren priesters; Seraja was schrijver;
18耶何耶大 的兒子 比拿雅 統轄 基利提 人和 比利提 人。 大衛 的眾子都作領袖。
18Benajáhoe, de zoon van Jehojada, ging over de Kretenzen en Peletiërs; de zonen van David waren priesters.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.