อิสยาห์ 57
Freedom Bible (Thai)Translation
Freedom Bible (Thai)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1คนเที่ยงธรรมตายไป และไม่มีใครใส่ใจ คนมีเมตตาถูกนำไป และไม่มีใครคิดว่าคนเที่ยงธรรมถูกนำไปให้พ้นจากความชั่ว
1Intussen komt de rechtvaardige om, En er is niemand, die er op let; Worden de vromen weggerukt, En er is niemand, die inziet: Dat de rechtvaardige aan onheil ontrukt wordt,
2เขาเข้าสู่สันติสุข พวกเขาพักบนที่นอนของตน ทุกคนที่ดำเนินชีวิตอย่างซื่อตรง
2En heengaat in vrede; Dat hij op zijn rustplaats gaat rusten, Die de rechte weg heeft bewandeld.
3“แต่พวกเจ้า จงเข้ามาใกล้ที่นี่ บุตรชายของแม่มด ลูกหลานของผู้มีชู้และหญิงขายบริการ
3En gij, komt gij maar eens hier Gij heksenwichten, Ras van overspeler en hoer!
4พวกเจ้าเยาะเย้ยใคร? พวกเจ้าอ้าปากกว้าง และแลบลิ้นใส่ใคร? พวกเจ้าไม่ใช่ลูกแห่งการไม่เชื่อฟัง และลูกหลานแห่งความเท็จหรือ?
4Over wien waagt ge het, u vrolijk te maken, Tegen wien de mond op te zetten, En uw tong uit te steken? Zijt ge geen kinderen der zonde, En leugenbroed?
5พวกเจ้าที่ปลุกความเร่าร้อนของตนท่ามกลางต้นโอ๊ก ใต้ต้นไม้เขียวทุกต้น ผู้ฆ่าเด็กในหุบเขา ใต้ซอกหิน
5Gij ligt verhit van lust bij de eiken En onder elke groene boom; Gij slacht de kinderen in de dalen, En in de spelonken der rotsen.
6ส่วนแบ่งของเจ้าอยู่ในหมู่หินเรียบของหุบเขา หินเหล่านั้น หินเหล่านั้นเองเป็นส่วนที่ตกเป็นของเจ้า เจ้าเทเครื่องดื่มบูชาให้มันด้วย และถวายเครื่องบูชา สิ่งเหล่านี้จะทำให้เราหายโกรธหรือ?
6De glibberige stenen in het dal zijn uw deel, Die behoren u toe; Daarop giet gij uw plengoffer uit, en breng gij uw gave: En zou Ik er genoegen mee nemen?
7เจ้าตั้งที่นอนของตนบนภูเขาสูงตระหง่าน และขึ้นไปที่นั่นเพื่อถวายเครื่องบูชาด้วย
7Op grote en hoge bergen Hebt gij uw leger gespreid; Daar klimt gij omhoog, Om uw offers te brengen.
8เจ้าตั้งอนุสรณ์ของตนไว้หลังประตูและเสาประตู เพราะเจ้าเปิดเผยตัวให้ผู้อื่นนอกจากเรา และขึ้นไป เจ้าขยายที่นอนของตน และทำพันธสัญญากับพวกเขาเพื่อตัวเจ้าเอง เจ้ารักสิ่งที่เห็นบนที่นอนของพวกเขา
8En achter deuren en posten Zet gij uw man-beeld; Uw dek slaat gij op, en beklimt het, En maakt er plaats voor in bed. Gij koopt voor u Wier bijslaap gij wenst; Gij bedrijft er veel overspel mee, En kijkt naar hun schaamte.
9เจ้าไปหากษัตริย์พร้อมน้ำมัน เพิ่มน้ำหอมของตน ส่งทูตไปไกล และลดตัวลงจนถึงเชโอล
9Gij zalft u met olie voor Molok, Met alle soorten van balsem; En zendt uw boden naar verre gewesten, Naar de diepten zelfs van het dodenrijk.
10เจ้าเหนื่อยล้ากับการเดินทางอันยาวไกล แต่ไม่ได้พูดว่า ‘ไร้ผลแล้ว’ เจ้าพบว่ากำลังของตนฟื้นขึ้น จึงไม่หมดแรง
10En als ge uitgeput zijt door uw jachten, Dan zegt ge nog niet: Ik houd er mee op; Ge vindt bevrediging in uw lust, En daarom geeft ge ‘t niet op.
11“เจ้าหวาดหวั่นและกลัวใคร จึงโกหก ไม่ระลึกถึงเรา และไม่ใส่ใจ? เรานิ่งเงียบมานานไม่ใช่หรือ เจ้าจึงไม่ยำเกรงเรา?
11Wien vreest ge nog, wien ducht ge nog, Dat ge zo trouweloos zijt, En aan Mij niet meer denkt, U om Mij niet bekommert? Is het misschien, omdat Ik zweeg en mijn ogen sloot, Dat ge geen angst voor Mij hadt?
12เราจะประกาศความเที่ยงธรรมของเจ้า ส่วนการกระทำของเจ้า จะไม่เป็นประโยชน์แก่เจ้า
12Dan stel Ik thans uw gerechtigheid aan de kaak, Met uw werken daarbij;
13เมื่อเจ้าร้องเรียก ก็ให้บรรดาผู้ที่เจ้ารวบรวมไว้ช่วยเจ้าให้รอดเถิด แต่ลมจะพัดพวกเขาไป เพียงลมหายใจก็จะพาทั้งหมดไป ส่วนผู้ที่ลี้ภัยในเราจะครอบครองแผ่นดิน และรับภูเขาศักดิ์สิทธิ์ของเราเป็นมรดก”
13Dan zal uw godentroep u niet baten, En u niet redden, als ge roept; De wind neemt ze allemaal op, Een zucht vaagt ze weg! Maar wie op Mij vertrouwt, zal het Land ontvangen, En mijn heilige Berg bezitten;
14เขาจะกล่าวว่า “จงถมขึ้น จงถมขึ้น เตรียมทางไว้! เอาสิ่งที่ทำให้สะดุดออกจากทางของประชากรของเรา”
14Ik zal zeggen: Baant, baant, effent het pad, Neemt het struikelblok weg van het pad van mijn volk.
15เพราะผู้สูงส่งและสูงล้ำ ผู้ดำรงอยู่ชั่วนิรันดร์ ผู้มีพระนามว่าบริสุทธิ์ กล่าวว่า “เราอยู่ในที่สูงและศักดิ์สิทธิ์ และอยู่กับผู้ที่มีจิตใจสำนึกผิดและถ่อมตนด้วย เพื่อฟื้นจิตใจของผู้ถ่อมตน และฟื้นใจของผู้สำนึกผิด
15Waarachtig, zo spreekt de Allerhoogste, Hij, die hoog is verheven; Die in eeuwigheid troont, En de Heilige heet! Ik woon in een hoge en heilige woning, Maar ook bij de vermorzelde, ootmoedige geest: Om de geest der ootmoedigen ten leven te wekken, Het hart der vermorzelden weer te doen leven.
16เพราะเราจะไม่ต่อสู้ตลอดไป และจะไม่โกรธอยู่เสมอ มิฉะนั้นจิตใจจะอ่อนล้าต่อหน้าเรา ทั้งชีวิตที่เราสร้างก็จะอ่อนล้า
16Neen, niet eeuwig blijf Ik vergramd, Niet altoos vertoornd; Want dàn zou hun geest voor mijn aanschijn versmachten, De zielen, die Ik zelf heb geschapen.
17เราโกรธเพราะเขาทำผิดด้วยความโลภ และตีเขา เราซ่อนตัวและโกรธ แต่เขายังคงถอยห่างไปตามทางที่ใจตนเลือก
17In mijn gramschap heb Ik mijn aanschijn verborgen, Zodat hij ging dolen, waar ‘t hart hem dreef.
18เราเห็นทางของเขาแล้ว และจะรักษาเขา เราจะนำเขาด้วย และนำความปลอบโยนกลับคืนแก่เขาและผู้ที่โศกเศร้าเพื่อเขา
18Maar nu heb Ik zijn wegen gezien: Ik zal hem genezen en leiden; Hèm troosten, en die met hem treuren,
19เราสร้างผลจากริมฝีปาก สันติสุข สันติสุข แก่ผู้ที่อยู่ไกลและผู้ที่อยู่ใกล้” พระยาห์เวห์กล่าว “และเราจะรักษาพวกเขา”
19Een danklied op de lippen leggen. Vrede, vrede, voor hem die ver is, En voor hem, die nabij is: Spreekt Jahweh: Ik zal hem genezen!
20แต่คนชั่วเหมือนทะเลที่ปั่นป่วน สงบไม่ได้ และน้ำซัดเลนและโคลนขึ้นมา
20Maar de bozen zijn als een onstuimige zee, Die nimmer eens tot rust kan komen, Wier golven slijk en modder braken:
21พระเจ้าของข้าพเจ้ากล่าวว่า “คนชั่ว ไม่มีสันติสุข”
21Geen vrede voor de goddelozen, spreekt Jahweh!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.