Judit 3
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
King James Version with Apocrypha
1Toen zonden de koningen en vorsten van al die steden en streken, van syrisch Mesopotamië en het syrisch gebied Sobal en van Lúdië en Cilicië hun gezanten naar Holoférnes. Ze zeiden hem:
1So they sent ambassadors unto him to treat of peace, saying,
2Wees niet langer op ons vertoornd; want het is beter, dat wij met behoud van ons leven den groten koning Nabukodonosor dienen en ons aan u onderwerpen, dan dat wij sterven en door onze ondergang de ellende der slavernij over ons volk zouden brengen.
2Behold, we the servants of Nabuchodonosor the great king lie before thee; use us as shall be good in thy sight.
3Al onze steden en bezittingen, al onze bergen, heuvels en vlakten, de kudden runderen, schapen, geiten, paarden en kamelen, al wat wij bezitten aan have en goed, dat alles staat te uwer beschikking.
3Behold, our houses, and all our places, and all our fields of wheat, and flocks, and herds, and all the lodges of our tents lie before thy face; use them as it pleaseth thee.
4Doe met al onze bezittingen wat gij wilt;
4Behold, even our cities and the inhabitants thereof are thy servants; come and deal with them as seemeth good unto thee.
5wij en onze kinderen zijn uw slaven.
5So the men came to Holofernes, and declared unto him after this manner.
6Kom tot ons als een vredelievend heerser, en maak gebruik van onze dienstbaarheid, zoveel gij verkiest.
6Then came he down toward the sea coast, both he and his army, and set garrisons in the high cities, and took out of them chosen men for aid.
7Daarop kwam hij met zijn ruiterij en een geweldig leger de bergen af, en maakte zich meester van alle steden en alle inwoners van het land.
7So they and all the country round about received them with garlands, with dances, and with timbrels.
8Uit alle steden lijfde hij de sterkste en beste mannen als hulptroepen bij zijn leger in;
8Yet he did cast down their frontiers, and cut down their groves: for he had decreed to destroy all the gods of the land, that all nations should worship Nabuchodonosor only, and that all tongues and tribes should call upon him as god.
9en zó groot was de vrees in die streken, dat de vorsten en de aanzienlijkste inwoners van al die steden tezamen met het volk hem bij zijn aankomst tegemoet gingen,
9Also he came over against Esdraelon near unto Judea, over against the great strait of Judea.
10en hem inhaalden met kransen, fakkels en reidansen, onder begeleiding van pauken en fluiten.
10And he pitched between Geba and Scythopolis, and there he tarried a whole month, that he might gather together all the carriages of his army.
11Maar ondanks dit alles waren zij niet in staat, zijn hardvochtig gemoed tot mildheid te stemmen,
no verse 11 in this text
12en hij verwoestte hun steden. Ook hakte hij hun heilige bossen om;
no verse 12 in this text
13want koning Nabukodonosor had hem opdracht gegeven, alle inheemse goden uit te roeien, opdat de volkeren, die Holoférnes aan zijn macht zou kunnen onderwerpen, hem alleen als god zouden erkennen.
no verse 13 in this text
14Nadat hij zo door het syrisch gebied Sobal, geheel Apaméa en geheel Mesopotamië was heengetrokken, kwam hij bij Jizreël in de streek Géba aan,
no verse 14 in this text
15veroverde de steden, en bleef daar dertig dagen, om in die tijd zijn gehele legermacht samen te trekken.
no verse 15 in this text
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.