Ezechiel
Chapter 12
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Modern Hebrew Bible
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Modern Hebrew Bible
1Het woord van Jahweh werd tot mij gericht:
1ויהי דבר יהוה אלי לאמר׃
2Mensenkind, ge woont midden onder een onhandelbaar ras, dat ogen heeft om te kijken maar niet ziet, oren om te horen maar niet hoort; want het is een onhandelbaar ras.
2בן אדם בתוך בית המרי אתה ישב אשר עינים להם לראות ולא ראו אזנים להם לשמע ולא שמעו כי בית מרי הם׃
3Daarom, mensenkind, moet ge overdag, onder hun ogen, aanschaffen, wat men bij een verbanning nodig heeft. Verhuis onder hun ogen van uw woonplaats naar een ander oord; misschien erkennen ze dan, wat voor onhandelbaar ras ze zijn.
3ואתה בן אדם עשה לך כלי גולה וגלה יומם לעיניהם וגלית ממקומך אל מקום אחר לעיניהם אולי יראו כי בית מרי המה׃
4Overdag moet ge uw pak, de uitrusting voor een verbanning, onder hun ogen naar buiten brengen, en bij avond zelf zo opvallend mogelijk vertrekken, als iemand die in ballingschap gestuurd wordt;
4והוצאת כליך ככלי גולה יומם לעיניהם ואתה תצא בערב לעיניהם כמוצאי גולה׃
5hak voor hun ogen een gat in de muur, en ga er doorheen.
5לעיניהם חתר לך בקיר והוצאת בו׃
6Neem voor hun ogen uw pak op de schouder, en vertrek in het donker met bedekt gelaat, zodat ge de grond niet ziet; want Ik maak u tot een voorteken voor Israëls huis.
6לעיניהם על כתף תשא בעלטה תוציא פניך תכסה ולא תראה את הארץ כי מופת נתתיך לבית ישראל׃
7Ik deed, zoals mij bevolen was; overdag bracht ik mijn pak, de uitrusting voor een verbanning, naar buiten, en bij avond hakte ik met geweld een gat in de muur; ik vertrok in het donker voor hun ogen, met het pak op mijn schouder.
7ואעש כן כאשר צויתי כלי הוצאתי ככלי גולה יומם ובערב חתרתי לי בקיר ביד בעלטה הוצאתי על כתף נשאתי לעיניהם׃
8De volgende morgen kwam het woord van Jahweh tot mij:
8ויהי דבר יהוה אלי בבקר לאמר׃
9Mensenkind, heeft het huis van Israël, dat onhandelbare ras, u niet gevraagd: Wat doet ge daar?
9בן אדם הלא אמרו אליך בית ישראל בית המרי מה אתה עשה׃
10Spreek tot hen: Dit zegt Jahweh, de Heer: Dit pak is de vorst in Jerusalem, met heel het huis van Israël, dat binnen zijn muren woont!
10אמר אליהם כה אמר אדני יהוה הנשיא המשא הזה בירושלם וכל בית ישראל אשר המה בתוכם׃
11Spreek: Ik ben een voorteken voor u: zoals ik gedaan heb, zo zal met hen gebeuren; in ballingschap, in gevangenschap zullen ze gaan!
11אמר אני מופתכם כאשר עשיתי כן יעשה להם בגולה בשבי ילכו׃
12De vorst, die in hun midden woont, zal zijn pak op de schouder dragen, en in het donker vertrekken; men zal een gat in de muur hakken, om hem door te laten, en hij zal zijn gelaat bedekken, zodat zijn ogen de grond niet zien.
12והנשיא אשר בתוכם אל כתף ישא בעלטה ויצא בקיר יחתרו להוציא בו פניו יכסה יען אשר לא יראה לעין הוא את הארץ׃
13Mijn jachtnet werp Ik over hem heen, houd hem in mijn strik gevangen en zal hem naar Babel brengen, naar het land der Chaldeën, zonder dat hij het ziet; dáár zal hij sterven.
13ופרשתי את רשתי עליו ונתפש במצודתי והבאתי אתו בבלה ארץ כשדים ואותה לא יראה ושם ימות׃
14En allen die tot zijn gevolg behoren, zijn lijfwacht en al zijn troepen, zal Ik verstrooien over alle windstreken, en het zwaard achter hen trekken.
14וכל אשר סביבתיו עזרה וכל אגפיו אזרה לכל רוח וחרב אריק אחריהם׃
15Zo zullen ze erkennen, dat Ik Jahweh ben! En als Ik ze over de volken verstrooid heb, en over de landen verspreid,
15וידעו כי אני יהוה בהפיצי אותם בגוים וזריתי אותם בארצות׃
16dan zal Ik enkelen van die mannen aan zwaard en hongersnood en pest ontrukken, om ze van al hun gruwelen te laten vertellen onder de volken waar ze komen. Zo zullen ze erkennen, dat Ik Jahweh ben!
16והותרתי מהם אנשי מספר מחרב מרעב ומדבר למען יספרו את כל תועבותיהם בגוים אשר באו שם וידעו כי אני יהוה׃
17Het woord van Jahweh werd tot mij gericht:
17ויהי דבר יהוה אלי לאמר׃
18Mensenkind, uw brood moet ge al bevend eten, en het water drinken onder siddering en angst.
18בן אדם לחמך ברעש תאכל ומימיך ברגזה ובדאגה תשתה׃
19Dan moet ge tot de bevolking zeggen: Zo spreekt Jahweh, de Heer, tot de bewoners van Jerusalem, tot Israëls grond: Hun brood zullen ze eten met angst, en het water drinken in ontzetting; want hun land ligt van zijn overvloed beroofd om de misdaad van al zijn bewoners.
19ואמרת אל עם הארץ כה אמר אדני יהוה ליושבי ירושלם אל אדמת ישראל לחמם בדאגה יאכלו ומימיהם בשממון ישתו למען תשם ארצה ממלאה מחמס כל הישבים בה׃
20Uw dichtbevolkte steden zullen verwoest worden, en het land zal een wildernis zijn. Zo zult ge erkennen, dat Ik Jahweh ben.
20והערים הנושבות תחרבנה והארץ שממה תהיה וידעתם כי אני יהוה׃
21Het woord van Jahweh werd tot mij gericht!
21ויהי דבר יהוה אלי לאמר׃
22Mensenkind, wat is dat toch voor een gezegde bij u in het land Israël: “De tijd verstrijkt, geen enkele profetie komt uit!”
22בן אדם מה המשל הזה לכם על אדמת ישראל לאמר יארכו הימים ואבד כל חזון׃
23Daarom moet ge hun zeggen: Zo spreekt Jahweh, de Heer! Ik maak een eind aan zo’n gezegde; men zal het in Israël niet meer gebruiken! Zeg liever tot hen: “De tijd is daar, en elke profetie wordt waar!”
23לכן אמר אליהם כה אמר אדני יהוה השבתי את המשל הזה ולא ימשלו אתו עוד בישראל כי אם דבר אליהם קרבו הימים ודבר כל חזון׃
24In het huis van Israël zal geen loze profetie of een valse voorspelling meer voorkomen.
24כי לא יהיה עוד כל חזון שוא ומקסם חלק בתוך בית ישראל׃
25Want Ik, Jahweh, zal spreken; alwat Ik zeg, wordt zonder uitstel vervuld. Waarachtig, onhandelbaar ras, in úw dagen zal Ik mijn woord verkondigen en vervullen, zegt Jahweh, de Heer.
25כי אני יהוה אדבר את אשר אדבר דבר ויעשה לא תמשך עוד כי בימיכם בית המרי אדבר דבר ועשיתיו נאם אדני יהוה׃
26Het woord van Jahweh werd tot mij gericht:
26ויהי דבר יהוה אלי לאמר׃
27Mensenkind, ge ziet, hoe het huis van Israël beweert: Het gezicht, dat die man daar schouwde, duurt een eeuwigheid nog; hij profeteert voor de verre toekomst!
27בן אדם הנה בית ישראל אמרים החזון אשר הוא חזה לימים רבים ולעתים רחוקות הוא נבא׃
28Daarom moet ge hun zeggen: Zo spreekt Jahweh, de Heer! Geen van mijn woorden wordt uitgesteld; elk woord, dat Ik verkondig, zal in vervulling gaan, zegt Jahweh, de Heer.
28לכן אמר אליהם כה אמר אדני יהוה לא תמשך עוד כל דברי אשר אדבר דבר ויעשה נאם אדני יהוה׃

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.