Exodus 9
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1Toen sprak Jahweh tot Moses: Ga naar Farao en zeg hem: “Zo spreekt Jahweh, de God der Hebreën! Laat mijn volk vertrekken, om Mij te vereren.”
1耶和华吩咐 摩西 说:「你进去见法老,对他说:『耶和华— 希伯来 人的 神这样说:容我的百姓去,好事奉我。
2Want zo gij weigert, het te laten vertrekken, en het nog langer weerhoudt,
2你若不肯容他们去,仍旧强留他们,
3zal de hand van Jahweh uw vee in het veld met een verschrikkelijke pest slaan: paarden, ezels, kamelen, runderen en schapen.
3耶和华的手加在你田间的牲畜上,就是在马、驴、骆驼、牛群、羊群上,必有重重的瘟疫。
4Maar Jahweh zal onderscheid maken tussen het vee van Israël en dat van Egypte; geen enkel beest van de Israëlieten zal verloren gaan.
4耶和华要分别 以色列 的牲畜和 埃及 的牲畜,凡属 以色列 人的,一样都不死。』」
5Jahweh heeft ook de tijd bepaald: morgen zal Jahweh dit in het land voltrekken.
5耶和华就定了时候,说:「明天耶和华必在此地行这事。」
6En de volgende morgen voltrok Jahweh het ook: al het vee der Egyptenaren kwam om, maar van de kudden der Israëlieten ging niets verloren.
6第二天,耶和华就行这事。 埃及 的牲畜 几乎 都死了,只是 以色列 人的牲畜,一个都没有死。
7Farao stelde een onderzoek in; en werkelijk, geen enkel beest van de Israëlieten was omgekomen Maar Farao bleef hardnekkig, en liet het volk niet vertrekken.
7法老打发人去 看 ,谁知 以色列 人的牲畜连一个都没有死。法老的心却是固执,不容百姓去。
8Toen sprak Jahweh tot Moses en Aäron: Neemt uw handen vol roet uit de oven, en laat Moses het in de lucht strooien voor de ogen van Farao.
8耶和华吩咐 摩西 、 亚伦 说:「你们取几捧炉灰, 摩西 要在法老面前向天扬起来。
9Het zal over heel Egypte stuiven, en bij mens en dier in heel Egypte builen verwekken, die in etterende wonden zullen openbreken.
9这灰要在 埃及 全地变作尘土,在人身上和牲畜身上成了起泡的疮。」
10Zij namen dus roet uit de oven, en terwijl zij voor Farao stonden, wierp Moses het in de lucht; en het verwekte builen bij mens en dier, die openbraken in etterende wonden.
10摩西 、 亚伦 取了炉灰,站在法老面前。 摩西 向天扬起来,就在人身上和牲畜身上成了起泡的疮。
11Zelfs de tovenaars konden het door de builen bij Moses niet uithouden; want ook zij kregen builen, zoals de rest van Egypte.
11行法术的在 摩西 面前站立不住,因为在他们身上和一切 埃及 人身上都有这疮。
12Maar Jahweh verhardde het hart van Farao; hij wilde niet naar hen luisteren, zoals Jahweh Moses voorspeld had.
12耶和华使法老的心刚硬,不听他们,正如耶和华对 摩西 所说的。
13Jahweh sprak tot Moses: Ga morgen vroeg Farao weer tegemoet, en zeg hem: Zo spreekt Jahweh, de God der Hebreën! Laat mijn volk vertrekken, om Mij te vereren.
13耶和华对 摩西 说:「你清早起来,站在法老面前,对他说:『耶和华— 希伯来 人的 神这样说:容我的百姓去,好事奉我。
14Want deze keer zal Ik u, uw hof en uw volk met al mijn plagen meedogenloos treffen, opdat ge moogt weten, dat niemand op de hele aarde gelijk is aan Mij.
14因为这一次我要叫一切的灾殃临到你和你臣仆并你百姓的身上,叫你知道在普天下没有像我的。
15Zeker, thans zou Ik mijn hand kunnen uitsteken, en u en uw volk met de pest kunnen slaan, zodat gij van de aarde werdt weggevaagd.
15我若伸手用瘟疫攻击你和你的百姓,你早就从地上除灭了。
16Maar Ik laat u in leven, om u mijn almacht te tonen, en mijn Naam te verkonden over de hele aarde.
16其实,我叫你存立,是特要向你显我的大能,并要使我的名传遍天下。
17Zo ge u dus opnieuw tegen mijn volk durft verzetten, en het niet laat vertrekken,
17你还向我的百姓自高,不容他们去吗?
18zal Ik het morgen op deze tijd zo vreselijk doen hagelen, als nog nooit in Egypte is voorgekomen, zolang het bestaat tot de dag van vandaag.
18到明天约在这时候,我必叫重大的冰雹降下,自从 埃及 开国以来,没有这样的冰雹。
19Laat dus uw kudde en alles, wat ge op het veld hebt staan, in veiligheid brengen; alle mensen en dieren, die zich buiten bevinden en niet onderdak zijn gebracht, zullen door de hagel worden getroffen en sterven.
19现在你要打发人把你的牲畜和你田间一切所有的催进来;凡在田间不收回家的,无论是人是牲畜,冰雹必降在他们身上,他们就必死。』」
20Wie van Farao’s hovelingen het woord van Jahweh vreesde, bracht zijn slaven en vee naar binnen;
20法老的臣仆中,惧怕耶和华这话的,便叫他的奴仆和牲畜跑进家来。
21maar wie niet aan het woord van Jahweh geloofde, liet zijn slaven en vee buiten.
21但那不把耶和华这话放在心上的,就将他的奴仆和牲畜留在田里。
22Toen sprak Jahweh tot Moses: Strek uw hand uit naar de hemel, om het over heel Egypte te laten hagelen op mens en dier en op het veldgewas van heel Egypte.
22耶和华对 摩西 说:「你向天伸杖,使 埃及 遍地的人身上和牲畜身上,并田间各样菜蔬上,都有冰雹。」
23Moses hief zijn staf naar de hemel, en Jahweh liet het donderen en hagelen; de bliksem schoot op de aarde, en Jahweh liet een zware hagel neerkletteren op Egypte.
23摩西 向天伸杖,耶和华就打雷下雹,有火闪到地上;耶和华下雹在 埃及 地上。
24De hagelbui werd doorschoten van bliksemflitsen; zo vreselijk was de hagelslag, als men, sinds er in Egypte mensen wonen, nog nooit had beleefd.
24那时,雹与火搀杂,甚是厉害,自从 埃及 成国以来,遍地没有这样的。
25De hagel teisterde over heel Egypte mens en dier, die zich buitenshuis bevonden: al het gewas op het veld werd door de hagel verpletterd, al de bomen op het land braken middendoor.
25在 埃及 遍地,雹击打了田间所有的人和牲畜,并一切的菜蔬,又打坏田间一切的树木。
26Alleen in het land Gósjen, waar de Israëlieten woonden, hagelde het niet.
26惟独 以色列 人所住的 歌珊 地没有冰雹。
27Nu liet Farao Moses en Aäron ontbieden en zei hun: Thans moet ik wel mijn schuld bekennen; Jahweh is in zijn recht, en ik en mijn volk hebben ongelijk.
27法老打发人召 摩西 、 亚伦 来,对他们说:「这一次我犯了罪了。耶和华是公义的;我和我的百姓是邪恶的。
28Weest dus mijn voorspraak bij Jahweh. Het donderen en hagelen heeft lang genoeg geduurd. Ik zal u laten vertrekken; gij behoeft niet langer hier te blijven.
28这雷轰和冰雹已经够了。请你们求耶和华,我就容你们去,不再留住你们。」
29Moses antwoordde: Zodra ik buiten de stad ben, zal ik mijn handen tot Jahweh uitstrekken; het onweer zal ophouden, en er zal geen hagel meer vallen, opdat gij moogt weten, dat de aarde aan Jahweh behoort.
29摩西 对他说:「我一出城,就要向耶和华举手 祷告 ;雷必止住,也不再有冰雹,叫你知道全地都是属耶和华的。
30Maar ik ben er zeker van, dat gij met uw hof ook nu nog den God Jahweh niet vreest.
30至于你和你的臣仆,我知道你们还是不惧怕耶和华 神。」(
31Het vlas en de gerst waren intussen vernield: want de gerst rijpte al in de aren, en het vlas stond in bloei.
31那时,麻和大麦被 雹 击打;因为大麦已经吐穗,麻也开了花。
32Tarwe en spelt werden niet neergeslagen, omdat die later in de tijd zijn.
32只是小麦和粗麦没有被击打,因为还没有长成。)
33Toen Moses van Farao was heengegaan, en buiten de stad was gekomen, strekte hij zijn handen tot Jahweh uit. Het onweer en de hagel hielden op, en er stroomde geen regen meer op de aarde.
33摩西 离了法老出城,向耶和华举手 祷告 ;雷和雹就止住,雨也不再浇在地上了。
34Toen Farao zag, dat regen, hagel en onweer hadden opgehouden, bleef hij met zijn hof verstokt in de zonde volharden.
34法老见雨和雹与雷止住,就越发犯罪;他和他的臣仆都硬着心。
35Farao bleef hardnekkig, en liet de Israëlieten niet vertrekken, zoals Jahweh door Moses voorspeld had.
35法老的心刚硬,不容 以色列 人去,正如耶和华借着 摩西 所说的。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.