Numeri
Chapter 36
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Modern Hebrew Bible
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Modern Hebrew Bible
1Eens traden de familiehoofden van het geslacht der zonen van Gilad, den zoon van Makir, den zoon van Manasse, uit de geslachten van de zonen van Josef, voor Moses en de aanvoerders, de stamhoofden der Israëlieten,
1ויקרבו ראשי האבות למשפחת בני גלעד בן מכיר בן מנשה ממשפחת בני יוסף וידברו לפני משה ולפני הנשאים ראשי אבות לבני ישראל׃
2en zeiden: Jahweh heeft mijn heer bevolen, het land volgens het lot onder de Israëlieten tot erfdeel te geven, en mijn heer heeft uit naam van Jahweh gelast, het erfdeel van Selofchad, onzen broeder, aan zijn dochters te schenken.
2ויאמרו את אדני צוה יהוה לתת את הארץ בנחלה בגורל לבני ישראל ואדני צוה ביהוה לתת את נחלת צלפחד אחינו לבנתיו׃
3Maar wanneer zij nu eens met iemand van de andere stammen der Israëlieten huwen, dan zou haar erfdeel aan dat onzer vaderen worden onttrokken, bij het erfdeel van de stam worden gevoegd, waartoe zij zullen behoren, en dus ons erfbezit, door het lot ons toegewezen, worden ontvreemd.
3והיו לאחד מבני שבטי בני ישראל לנשים ונגרעה נחלתן מנחלת אבתינו ונוסף על נחלת המטה אשר תהיינה להם ומגרל נחלתנו יגרע׃
4En breekt voor de Israëlieten het jubeljaar aan, dan zal haar erfdeel voorgoed bij de bezitting van de stam worden gevoegd, waartoe zij behoren, en zal haar erfdeel van dat onzer vaderen worden ontvreemd.
4ואם יהיה היבל לבני ישראל ונוספה נחלתן על נחלת המטה אשר תהיינה להם ומנחלת מטה אבתינו יגרע נחלתן׃
5Toen gaf Moses in opdracht van Jahweh aan de Israëlieten het volgende bevel: De stam van de zonen van Josef heeft gelijk.
5ויצו משה את בני ישראל על פי יהוה לאמר כן מטה בני יוסף דברים׃
6Daarom beveelt Jahweh met betrekking tot de dochters van Selofchad als volgt: Zij kunnen trouwen met wie ze willen, mits in een familie van de stam van haar vader.
6זה הדבר אשר צוה יהוה לבנות צלפחד לאמר לטוב בעיניהם תהיינה לנשים אך למשפחת מטה אביהם תהיינה לנשים׃
7Want een erfdeel mag bij de Israëlieten niet van de ene stam op de andere overgaan, maar iedere Israëliet moet aan het erfdeel van de stam van zijn vaderen vasthouden.
7ולא תסב נחלה לבני ישראל ממטה אל מטה כי איש בנחלת מטה אבתיו ידבקו בני ישראל׃
8Daarom moet ieder meisje, dat onder de stammen der Israëlieten een erfdeel ontvangt, in de familie van de stam van haar vader huwen, zodat alle Israëlieten hun vaderlijk erfdeel behouden.
8וכל בת ירשת נחלה ממטות בני ישראל לאחד ממשפחת מטה אביה תהיה לאשה למען יירשו בני ישראל איש נחלת אבתיו׃
9Een erfdeel mag dus niet van de ene stam op de andere overgaan, maar alle stammen der Israëlieten moeten aan hun eigen erfdeel vasthouden.
9ולא תסב נחלה ממטה למטה אחר כי איש בנחלתו ידבקו מטות בני ישראל׃
10De dochters van Selofchad deden, wat Jahweh Moses bevolen had.
10כאשר צוה יהוה את משה כן עשו בנות צלפחד׃
11Machla, Tirsa, Chogla, Milka en Noa, de dochters van Selofchad, huwden met de zonen van haar ooms.
11ותהיינה מחלה תרצה וחגלה ומלכה ונעה בנות צלפחד לבני דדיהן לנשים׃
12Zij huwden dus in de families van de zonen van Manasse, den zoon van Josef, zodat haar erfdeel aan de stam bleef, waartoe de familie van haar vader behoorde.
12ממשפחת בני מנשה בן יוסף היו לנשים ותהי נחלתן על מטה משפחת אביהן׃
13Dit zijn de bevelen en voorschriften, die Jahweh door Moses aan de Israëlieten in de velden van Moab aan de Jordaan bij Jericho gaf.
13אלה המצות והמשפטים אשר צוה יהוה ביד משה אל בני ישראל בערבת מואב על ירדן ירחו׃

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.