2 Korintiers 5
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
1Ja, we weten, dat wanneer onze aardse woontent is neergehaald, we een woonplaats ontvangen van God; een woonplaats niet met handen opgeslagen, maar een eeuwige in de hemelen.
1我们原知道,我们这地上的帐棚若拆毁了,必得 神所造,不是人手所造,在天上永存的房屋。
2Want in deze woontent zuchten we van verlangen, om onze hemelse er over heen te slaan,
2我们在这帐棚里叹息,深想得那从天上来的房屋,好像穿上 衣服 ;
3zo we tenminste dan nog bekleed zijn en niet naakt.
3倘若穿上,被遇见的时候就不至于赤身了。
4Wij toch, die nog in de tent verblijven, we zuchten vol bekommernis, omdat we het kleed niet willen uittrekken, maar een overkleed aandoen, opdat het sterflijke verzwolgen wordt in het leven.
4我们在这帐棚里叹息劳苦,并非愿意脱下这个,乃是愿意穿上那个,好叫这必死的被生命吞灭了。
5Het is God zelf, die ons daartoe in staat heeft gesteld, door ons het onderpand des Geestes te geven.
5为此,培植我们的就是 神,他又赐给我们 圣 灵作凭据。
6Daarom houden we steeds goede moed, ook al weten we, dat zolang we inwonend zijn in het lichaam, we buitengesloten zijn van den Heer;
6所以,我们时常坦然无惧,并且晓得我们住在身内,便与主相离。
7want in geloof, niet in aanschouwen zwerven we rond.
7因我们行事为人是凭着信心,不是凭着眼见。
8Goede moed houden we, ook al geven we er de voorkeur aan, uit het lichaam te verhuizen en inwonend te zijn bij den Heer.
8我们坦然无惧,是更愿意离开身体与主同住。
9Maar inwonend of niet, we stellen er een eer in, Hem te behagen.
9所以,无论是住在身内,离开身外,我们立了志向,要得主的喜悦。
10Want we moeten allen voor Christus’ rechterstoel verschijnen, om vergelding te ontvangen voor het goed of het kwaad, dat ieder van ons tijdens zijn lichamelijk bestaan heeft verricht.
10因为我们众人必要在基督台前显露出来,叫各人按着本身所行的,或善或恶受报。
11Daar we dus weten, dat we den Heer moeten vrezen, trachten we mensen te winnen. Voor God liggen we daarbij open geheel en al; ik hoop, voor uw geweten eveneens. Heiligheid van paulus’ apostolaat als ambt der verzoening door Jesus.
11我们既知道主是可畏的,所以劝人。但我们在 神面前是显明的,盼望在你们的良心里也是显明的。
12We gaan ons niet opnieuw bij u aanprijzen, maar we geven u stof tot roem over ons, om iets bij de hand te hebben tegenover hen, die op het uiterlijk pochen, en niet op het hart.
12我们不是向你们再举荐自己,乃是叫你们因我们有可夸之处,好对那凭外貌不凭内心夸口的人,有言可答。
13Want als we ons te buiten gaan, we doen het om God; houden we ons in, dan is het om u.
13我们若果颠狂,是为 神;若果谨守,是为你们。
14Inderdaad, Christus’ liefde dringt ons. We oordelen aldus: Eén is voor allen gestorven; dus zijn ze allen gestorven.
14原来基督的爱激励我们;因我们想,一人既替众人死,众人就都死了;
15En Hij is voor allen gestorven, opdat zij die leven, niet voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem, die voor hen gestorven is en verrezen.
15并且他替众人死,是叫那些活着的人不再为自己活,乃为替他们死而复活的 主 活。
16Daarom ook beoordelen we van nu af niemand meer naar het vlees; en zo we Christus naar het vlees mochten beoordeeld hebben, dan doen we dit thans niet meer.
16所以,我们从今以后,不凭着外貌认人了。虽然凭着外貌认过基督,如今却不再 这样 认他了。
17Derhalve, zo iemand in Christus is, dan is hij een nieuw schepsel; het oude is voorbij, zie het nieuwe is daar.
17若有人在基督里,他就是新造的人,旧事已过,都变成新的了。
18Welnu, dit alles is uit God, die ons door Christus met Zich heeft verzoend, en die ons de bediening der Verzoening heeft toevertrouwd.
18一切都是出于 神;他借着基督使我们与他和好,又将劝人与他和好的职分赐给我们。
19Want het was God, die door Christus de wereld met Zich verzoende en haar de overtredingen niet toerekende, en die òns de prediking der Verzoening heeft opgedragen.
19这就是 神在基督里,叫世人与自己和好,不将他们的过犯归到他们身上,并且将这和好的道理托付了我们。
20In Christus’ naam treden we dus als gezanten op, alsof God zelf door ons vermaant. In Christus’ naam smeken we u: Verzoent u met God.
20所以,我们作基督的使者,就好像 神借我们劝你们一般。我们替基督求你们与 神和好。
21Hem, die geen zonde heeft gekend, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt, opdat we door Hem zouden worden: gerechtigheid Gods.
21神使那无罪的,替我们成为罪,好叫我们在他里面成为 神的义。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.