尼希米記
Chapter 12

尼希米記

Chinese Union Version, p…
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1同着 撒拉鐵 的兒子 所羅巴伯 和 耶書亞 回來的祭司與 利未 人記在下面:祭司是 西萊雅 、 耶利米 、 以斯拉 、
1Dit zijn de priesters en levieten, die met Zorobabel, den zoon van Salatiël, en met Jesjóea zijn opgetrokken: Seraja, Jirmeja, Ezra,
2亞瑪利雅 、 瑪鹿 、 哈突 、
2Amarja, Malloek, Chattoesj,
3示迦尼 、 利宏 、 米利末 、
3Sjekanja, Rechoem, Meremot,
4易多 、 近頓 、 亞比雅 、
4Iddo, Ginnetoj, Abi-ja,
5米雅民 、 瑪底雅 、 璧迦 、
5Mi-jamin, Maädja, Bilga,
6示瑪雅 、 約雅立 、 耶大雅 、
6Sjemaja, Jojarib, Jedaja,
7撒路 、 亞木 、 希勒家 、 耶大雅 。這些人在 耶書亞 的時候作祭司和他們弟兄的首領。
7Salloe, Amok, Chilki-ja en Jedaja; dit waren de hoofden van de priesters en van hun broeders ten tijde van Jesjóea.
8利未 人是 耶書亞 、 賓內 、 甲篾 、 示利比 、 猶大 、 瑪他尼 。這 瑪他尼 和他的弟兄管理稱謝的事。
8Dit waren de levieten: Jesjóea, Binnoej, Kadmiël, Sjerebeja, Jehoeda en Mattanja, die met zijn broeders de leiding had bij het lofgezang.
9他們的弟兄 八布迦 和 烏尼 照自己的班次與他們相對。
9Verder Bakboekja en Oenni met hun broers, die bij de gezangen tegenover hen stonden.
10耶書亞 生 約雅金 ; 約雅金 生 以利亞實 ; 以利亞實 生 耶何耶大 ;
10Jesjóea verwekte Jojakim, Jojakim verwekte Eljasjib, Eljasjib verwekte Jojada.
11耶何耶大 生 約拿單 ; 約拿單 生 押杜亞 。
11Jojada verwekte Jonatan, Jonatan verwekte Jaddóea.
12在 約雅金 的時候,祭司作族長的 西萊雅 族有 米拉雅 ; 耶利米 族有 哈拿尼雅 ;
12Ten tijde van Jojakim waren priesters: de familiehoofden van Seraja, Meraja, Jirmeja, Chananja;
13以斯拉 族有 米書蘭 ; 亞瑪利雅 族有 約哈難 ;
13die van Ezra, Mesjoellam, Amarja, Jehochanan;
14米利古 族有 約拿單 ; 示巴尼 族有 約瑟 ;
14die van Malloeki, Jonatan, Sjebanja, Josef:
15哈琳 族有 押拿 ; 米拉約 族有 希勒愷 ;
15die van Charim, Adna, Merajot, Chelkai;
16易多 族有 撒迦利亞 ; 近頓 族有 米書蘭 ;
16die van Iddo, Zekarja, Ginneton, Mesjoellam;
17亞比雅 族有 細基利 ; 米拿民 族 某 ; 摩亞底 族有 毗勒太 ;
17die van Abi-ja, Zikri, Minjamin, Moadja, Piltai;
18璧迦 族有 沙母亞 ; 示瑪雅 族有 約拿單 ;
18die van Bilga, Sjammóea, Sjemaja, Jehonatan;
19約雅立 族有 瑪特乃 ; 耶大雅 族有 烏西 ;
19die van Jojarib, Mattenai, Jedaja, Oezzi;
20撒來 族有 加萊 ; 亞木 族有 希伯 ;
20die van Sallai, Kallai, Amok, Éber;
21希勒家 族有 哈沙比雅 ; 耶大雅 族有 拿坦業 。
21die van Chilki-ja, Chasjabja, Jedaja en Netanel.
22至於 利未 人,當 以利亞實 、 耶何耶大 、 約哈難 、 押杜亞 的時候,他們的族長記在冊上。 波斯 王 大流士 在位的時候, 作族長的 祭司也記在冊上。
22De levieten, familiehoofden, uit de tijd van Eljasjib, Jojada, Jochanan en Jaddóea staan opgeschreven; de priesters tot aan de regering van Darius, den Pers.
23利未 人作族長的記在歷史上,直到 以利亞實 的兒子 約哈難 的時候。
23De levieten, familiehoofden, tot aan de tijd van Jochanan, den zoon van Eljasjib, staan opgeschreven in het boek der Kronieken.
24利未 人的族長是 哈沙比雅 、 示利比 、 甲篾 的兒子 耶書亞 ,與他們弟兄的班次相對,照着神人 大衛 的命令一班一班地讚美稱謝。
24De hoofden der levieten waren: Chasjabja, Sjerebja, Jesjóea, Binnoej en Kadmiël; en hun broeders, die tegenover hen stonden, om afdeling tegenover afdeling het prijs- en loflied aan te heffen, zoals David, de man Gods, dit had bepaald, waren:
25瑪他尼 、 八布迦 、 俄巴底亞 、 米書蘭 、 達們 、 亞谷 是守門的,就是在庫房那裏守門。
25Mattanja, Bakboekja, Obadja. De poortwachters, die de wacht hielden bij de voorraadkamers der poorten, waren: Mesjoellam, Talmon en Akkoeb.
26這都是在 約撒達 的孫子、 耶書亞 的兒子 約雅金 和省長 尼希米 ,並祭司文士 以斯拉 的時候, 有職任的 。
26Dezen leefden ten tijde van Jojakim, den zoon van Jesjóea, zoon van Josadak, en ten tijde van Nehemias, den stadhouder, en van Esdras, den priester-schriftgeleerde. De inwijding van Jerusalems muren.
27耶路撒冷 城牆告成的時候,眾民就把各處的 利未 人招到 耶路撒冷 ,要稱謝、歌唱、敲鈸、鼓瑟、彈琴,歡歡喜喜地行告成之禮。
27Voor de inwijding van Jerusalems muren ontbood men de levieten uit al hun woonplaatsen, en bracht ze naar Jerusalem, om de inwijding te voltrekken met jubel, loflied en gezang, met cymbalen, harpen en citers.
28歌唱的人從 耶路撒冷 的周圍和 尼陀法 的村莊與 伯‧吉甲 ,又從 迦巴 和 押瑪弗 的田地聚集,因為歌唱的人在 耶路撒冷 四圍為自己立了村莊。
28Zo kwamen de zangers bijeen, zowel uit de streek rond Jerusalem als uit de dorpen der Netofaieten,
no verse 29 in this text
29uit Bet-Haggilgal, en uit de velden van Géba en Azmáwet; want de zangers hadden zich rond Jerusalem dorpen gebouwd.
30祭司和 利未 人就潔淨自己,也潔淨百姓和城門,並城牆。
30En nadat de priesters en levieten zich hadden gereinigd, reinigden zij ook het volk, daarna de poorten en de muur.
31我帶 猶大 的首領上城,使稱謝的人分為兩大隊,排列而行:第一隊在城上往右邊向 糞廠門 行走,
31Nu liet ik de hoofden van Juda de muur beklimmen, en stelde ik twee grote koren op. Het één trok naar het zuiden over de muur in de richting van de Aspoort.
32在他們後頭的有 何沙雅 與 猶大 首領的一半,
32Daarachter gingen Hosjaäja en de helft der hoofden van Juda;
33又有 亞撒利雅 、 以斯拉 、 米書蘭 、
33vervolgens Azarja, Ezra, Mesjoellam,
34猶大 、 便雅憫 、 示瑪雅 、 耶利米 。
34Jehoeda, Binjamin, Sjemaja en Jirmeja.
35還有些吹號之祭司的子孫, 約拿單 的兒子 撒迦利亞 。 約拿單 是 示瑪雅 的兒子; 示瑪雅 是 瑪他尼 的兒子; 瑪他尼 是 米該亞 的兒子; 米該亞 是 撒刻 的兒子; 撒刻 是 亞薩 的兒子;
35Dan enige priesterzonen met trompetten; daarna Zekarja, de zoon van Jonatan, zoon van Sjemaja, zoon van Mattanja, zoon van Mikaja, zoon van Zakkoer, zoon van Asaf,
36又有 撒迦利亞 的弟兄 示瑪雅 、 亞撒利 、 米拉萊 、 基拉萊 、 瑪艾 、 拿坦業 、 猶大 、 哈拿尼 ,都拿着神人 大衛 的樂器,文士 以斯拉 引領他們。
36met zijn broeders Sjemaja, Azarel, Milalai, Gilalai, Maäi, Netanel, Jehoeda en Chanáni met muziekinstrumenten voor de muziek van David, den man Gods. Esdras, de schriftgeleerde, ging aan hun spits.
37他們經過 泉門 往前,從 大衛城 的臺階隨地勢而上,在 大衛 宮殿以上,直行到朝東的 水門 。
37Voorbij de Bronpoort sloegen zij af, en trokken de trappen op van de stad van David, de helling van de muur, en verder langs het paleis van David tot aan de Waterpoort in het oosten.
38第二隊稱謝的人要與那一隊相迎而行。我和民的一半跟隨他們,在城牆上過了 爐樓 ,直到 寬牆 ;
38Het andere koor, dat door mijzelf en de helft van het volk werd gevolgd, trok naar het noorden over de muur. Het ging langs de Bakoventoren tot aan de Brede Muur,
39又過了 以法蓮門 、 古門 、 魚門 、 哈楠業樓 、 哈米亞樓 ,直到 羊門 ,就在 護衛門 站住。
39over de Efraïmpoort, de Oude Poort en de Vispoort, voorbij de Chananel-toren en de toren Mea tot de Schaapspoort, en hield halt bij de Gevangenispoort.
40於是,這兩隊稱謝的人連我和官長的一半,站在上帝的殿裏。
40Daarna stelden de beide koren zich op in de tempel; ook ikzelf met de helft van de hoofden.
41還有祭司 以利亞金 、 瑪西雅 、 米拿民 、 米該亞 、 以利約乃 、 撒迦利亞 、 哈楠尼亞 吹號;
41De priesters Eljakim, Maäseja, Minjamin, Mikaja, Eljoënai, Zekarja en Chananja bliezen op de trompetten,
42又有 瑪西雅 、 示瑪雅 、 以利亞撒 、 烏西 、 約哈難 、 瑪基雅 、 以攔 ,和 以謝 奏樂 。歌唱的就大聲歌唱, 伊斯拉希雅 管理他們。
42met Maäseja, Sjemaja, Elazar, Oezzi, Jehochanan, Malkija, Elam en Ézer. Ook de zangers lieten zich horen onder leiding van Jizrachja.
43那日,眾人獻大祭而歡樂;因為上帝使他們大大歡樂,連婦女帶孩童也都歡樂,甚至 耶路撒冷 中的歡聲聽到遠處。
43Die dag werden er talrijke offers gebracht. Men juichte van blijdschap, omdat God hun grote vreugde had bereid; ook de vrouwen en de kinderen juichten, zodat Jerusalems jubel tot in de verte werd gehoord.
44當日,派人管理庫房,將舉祭、初熟之物和所取的十分之一,就是按各城田地,照律法所定歸給祭司和 利未 人的分,都收在裏頭。 猶大 人因祭司和 利未 人供職,就歡樂了。
44In die tijd werden er mannen aangesteld, die belast waren met het toezicht over de kamers voor de voorraden, hefoffers, eerstelingen en tienden, om daarin de wettelijke cijnzen, naar de verhouding van de landerijen der steden, voor de priesters en levieten te bergen. Want Juda beleefde nu vreugde aan de dienstdoende priesters en levieten;
45祭司 利未 人遵守上帝所吩咐的,並守潔淨的禮。歌唱的、守門的,照着 大衛 和他兒子 所羅門 的命令 也如此行 。
45want ze onderhielden de verplichtingen jegens God en de reinheidsvoorschriften. Ook de zangers en poortwachters onderhielden, wat David en zijn zoon Salomon hadden voorgeschreven;
46古時,在 大衛 和 亞薩 的日子,有歌唱的伶長,並有讚美稱謝上帝的詩歌。
46want de oorsprong van de zangers en van het lof- en jubellied voor God ligt in de oude tijden van David en Asaf.
47當 所羅巴伯 和 尼希米 的時候, 以色列 眾人將歌唱的、守門的,每日所當得的分供給他們,又給 利未 人當得的分; 利未 人又給 亞倫 的子孫當得的分。
47Heel Israël bracht dus in de tijd van Zorobabel en in de tijd van Nehemias de cijns voor de dagelijkse behoeften der zangers en poortwachters op, en wijdde gaven aan de levieten, die daarvan wederom aan de zonen van Aäron wijdden.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.