1 Timoteus 5
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Berean Standard Bible
1Ge moet niet hard optreden tegen een bejaard man, maar hem vermanen als een vader; jongelieden als broeders,
1Do not rebuke an older man, but appeal to him as to a father. Treat younger men as brothers,
2bejaarde vrouwen als moeders, jonge vrouwen als zusters in alle eerbaarheid.
2older women as mothers, and younger women as sisters, with absolute purity.
3De weduwen moet ge eren, zo ze inderdaad als weduwen alleen staan.
3Honor the widows who are truly widows.
4Want zo een weduwe kinderen of kleinkinderen heeft, dan moeten die vóór alles leren, hun eigen familie in ere te houden, en hun ouders het goede te vergelden; want dit is aangenaam aan God.
4But if a widow has children or grandchildren, they must first learn to show godliness to their own family and repay their parents, for this is pleasing in the sight of God.
5Wie werkelijk weduwe is en helemaal alleen staat, moet haar hoop op God gevestigd houden, en volharden in bidden en smeken, nacht en dag;
5The widow who is truly in need and left all alone puts her hope in God and continues night and day in her petitions and prayers.
6als ze een dartel leven leidt, is ze levend dood.
6But she who lives for pleasure is dead even while she is still alive.
7Ook dit moet ge inscherpen, opdat ze zich onberispelijk gedragen.
7Give these instructions to the believers, so that they will be above reproach.
8En zo er een is, die zich niet om haar familie en heel in het bijzonder zich niet om haar huisgenoten bekommert, dan verloochent ze het geloof, en is erger dan een ongelovige.
8If anyone does not provide for his own, and especially his own household, he has denied the faith and is worse than an unbeliever.
9Als weduwe mag op de lijst worden geplaatst, die niet beneden de zestig jaren is, en slechts éénmaal gehuwd is geweest.
9A widow should be enrolled if she is at least sixty years old, the wife of one man,
10Ze moet gunstig bekend staan om haar goede werken: dat ze namelijk haar kinderen heeft opgevoed, gastvrijheid beoefend, de voeten der heiligen gewassen, de noodlijdenden ondersteund, en zich aan allerlei goede werken heeft toegewijd.
10and well known for good deeds such as bringing up children, entertaining strangers, washing the feet of the saints, imparting relief to the afflicted, and devoting herself to every good work.
11Maar jonge weduwen moet ge afwijzen. Want wanneer oplaaiende zinnelijkheid haar van Christus vervreemdt, willen ze trouwen;
11But refuse to enroll younger widows. For when their passions draw them away from Christ, they will want to marry,
12en ze lopen een veroordeling in, omdat ze de vroegere gelofte hebben verbroken.
12and thus will incur judgment because they are setting aside their first faith.
13Tegelijkertijd leren ze dan leeglopers worden door het houden van huisbezoek; en niet alleen leeglopers, maar ook babbelaars, bemoeiallen, beuzelend over al wat niet past.
13At the same time they will also learn to be idle, going from house to house and being not only idle, but also gossips and busybodies, discussing things they should not mention.
14Ik verlang dus, dat jongere weduwen trouwen, kinderen ter wereld brengen, haar huishouding besturen, en dat ze den tegenstander geen enkele aanleiding geven tot lasteren.
14So I advise the younger widows to marry, have children, and manage their households, denying the adversary occasion for slander.
15Feitelijk zijn enkelen reeds achter Satan verloren gelopen.
15For some have already turned aside to follow Satan.
16Wanneer een gelovige vrouw onder haar verwanten weduwen telt, dan moet zij ze bijstaan; men moet de gemeente er niet mee belasten, opdat deze de eigenlijke weduwen kan helpen.
16If any believing woman has dependent widows, she must assist them and not allow the church to be burdened, so that it can help the widows who are truly in need.
17De priesters, die op waardige wijze aan het hoofd staan, moeten dubbele eer worden waardig geacht; vooral als ze zich inspannen door prediking en onderricht.
17Elders who lead effectively are worthy of double honor, especially those who work hard at preaching and teaching.
18De Schrift immers zegt: “Een dorsenden os zult ge niet muilbanden,” en “de werkman is zijn loon waard.”
18For the Scripture says, “Do not muzzle an ox while it is treading out the grain,” and, “The worker is worthy of his wages.”
19Tegen een priester moogt ge geen aanklacht aanvaarden, dan onder twee of drie getuigen.
19Do not entertain an accusation against an elder, except on the testimony of two or three witnesses.
20Hebben ze gezondigd, straf ze dan in tegenwoordigheid van allen, opdat ook de overigen worden afgeschrikt.
20But those who persist in sin should be rebuked in front of everyone, so that the others will stand in fear of sin.
21Ik bezweer u bij God en Christus Jesus en bij de uitverkoren Engelen, dat ge dergelijke zaken zonder vooroordeel behandelt, en niets uit partijdigheid doet.
21I solemnly charge you before God and Christ Jesus and the elect angels to maintain these principles without bias, and to do nothing out of partiality.
22Leg niemand overijld de handen op, en maak u niet schuldig aan vreemde zonden.
22Do not be too quick in the laying on of hands and thereby share in the sins of others. Keep yourself pure.
23Bewaar uw reinheid; drink niet langer water alleen, maar gebruik wat wijn voor uw maag en uw voortdurende ongesteldheid.
23Stop drinking only water and use a little wine instead, because of your stomach and your frequent ailments.
24Van sommige mensen zijn de zonden reeds vóór de rechterlijke uitspraak bekend, van anderen eerst daarna.
24The sins of some men are obvious, going ahead of them to judgment; but the sins of others do not surface until later.
25Op dezelfde wijze raken ook de goede werken bekend; in ieder geval, verborgen blijven kunnen ze niet.
25In the same way, good deeds are obvious, and even the ones that are inconspicuous cannot remain hidden.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.