列王紀上
Chapter 16
Chinese Union Version, p…
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1耶和華的話臨到 哈拿尼 的兒子 耶戶 ,責備 巴沙 說:
1Daarom werd het woord van Jahweh gericht tot Jehoe, den zoon van Chanani, tegen Basja:
2「我既從塵埃中提拔你,立你作我民 以色列 的君,你竟行 耶羅波安 所行的道,使我民 以色列 陷在罪裏,惹我發怒,
2Ofschoon Ik u uit het stof heb verheven, om u tot vorst aan te stellen over Israël, mijn volk, hebt gij het wangedrag van Jeroboam gevolgd, en mijn volk Israël verleid, om Mij door hun zonden te tergen.
3我必除盡你和你的家,使你的家像 尼八 的兒子 耶羅波安 的家一樣。
3Daarom zal Ik Basja en zijn huis wegvagen. Ik zal uw huis behandelen, zoals dat van Jeroboam, den zoon van Nebat.
4凡屬 巴沙 的人,死在城中的必被狗吃,死在田野的必被空中的鳥吃。」
4Sterft iemand van Basja in de stad, dan zullen de honden hem verslinden; en sterft iemand van hen op het land, dan zullen de vogels uit de lucht het doen.
5巴沙 其餘的事,凡他所行的和他的勇力,都寫在 以色列 諸王記上。
5De verdere geschiedenis van Basja, met al zijn daden en krijgsverrichtingen, is beschreven in het boek der kronieken van de koningen van Israël.
6巴沙 與他列祖同睡,葬在 得撒 。他兒子 以拉 接續他作王。
6Basja ging bij zijn vaderen te ruste, en werd te Tirsa begraven. Zijn zoon Ela volgde hem op.
7耶和華的話臨到 哈拿尼 的兒子先知 耶戶 ,責備 巴沙 和他的家,因他行耶和華眼中看為惡的一切事,以他手所做的惹耶和華發怒,像 耶羅波安 的家一樣,又因他殺了 耶羅波安 的全家。
7Daarin staat ook het woord, dat Jahweh door den profeet Jehoe, den zoon van Chanani, tot Basja en zijn huis heeft gesproken, om al het kwaad, dat hij in de ogen van Jahweh heeft gedaan, door Hem, naar het voorbeeld van het huis van Jeroboam, met het maaksel van zijn handen te tergen, en door zijn moord op dat huis.
8猶大 王 亞撒 二十六年, 巴沙 的兒子 以拉 在 得撒 登基作 以色列 王共二年。
8In het zes en twintigste jaar der regering van Asa over Juda werd Ela, de zoon van Basja, koning van Israël. Hij regeerde twee jaar te Tirsa.
9有管理他一半戰車的臣子 心利 背叛他。當他在 得撒 家宰 亞雜 家裏喝醉的時候,
9Toen smeedde een zijner beambten, Zimri, de bevelhebber van de helft der strijdwagens, een samenzwering tegen hem. Terwijl hij eens te Tirsa, bij zijn hofmaarschalk Arsa, dronken aan tafel zat,
10心利 就進去殺了他,篡了他的位。這是 猶大 王 亞撒 二十七年的事。
10kwam Zimri binnen, sloeg hem dood en werd koning in zijn plaats. Dit geschiedde in het zeven en twintigste regeringsjaar van koning Asa van Juda.
11心利 一坐王位就殺了 巴沙 的全家,連他的親屬、朋友也沒有留下一個男丁。
11Zodra hij aan de regering gekomen was en de troon had bestegen, moordde hij heel het huis van Basja uit; geen enkele man liet hij er van over, zelfs geen naastbestaande of vriend.
12心利 這樣滅絕 巴沙 的全家,正如耶和華藉先知 耶戶 責備 巴沙 的話。
12Zimri verdelgde heel het huis van Basja volgens het woord, dat Jahweh door den profeet Jehoe tot Basja gesproken had,
13這是因 巴沙 和他兒子 以拉 的一切罪,就是他們使 以色列 人陷在罪裏的那罪,以虛無 的神 惹耶和華- 以色列 上帝的怒氣。
13om al de zonden, die Basja en zijn zoon Ela bedreven hadden, en waartoe zij Israël hadden verleid, om Jahweh, den God van Israël, met hun waangoden te tergen.
14以拉 其餘的事,凡他所行的,都寫在 以色列 諸王記上。
14De verdere geschiedenis van Ela, met al wat hij gedaan heeft, is beschreven in het boek der kronieken van de koningen van Israël.
15猶大 王 亞撒 二十七年, 心利 在 得撒 作王七日。那時民正安營圍攻 非利士 的 基比頓 。
15In het zeven en twintigste jaar der regering van Asa over Juda werd Zimri koning. Hij regeerde zeven dagen te Tirsa, terwijl het volk de filistijnse stad Gibbeton belegerde.
16民在營中聽說 心利 背叛,又殺了王,故此 以色列 眾人當日在營中立元帥 暗利 作 以色列 王。
16Toen het volk in het legerkamp hoorde, dat Zimri een samenzwering gesmeed en den koning vermoord had, riep heel Israël Omri, den opperbevelhebber van het leger, in het kamp tot koning van Israël uit.
17暗利 率領 以色列 眾人,從 基比頓 上去,圍困 得撒 。
17Hierop trok Omri met geheel Israël van Gibbeton weg, en sloeg het beleg voor Tirsa.
18心利 見城破失,就進了王宮的衛所,放火焚燒宮殿,自焚而死。
18Toen Zimri zag, dat de stad was ingenomen, ging hij het hoofdgebouw van het koninklijk paleis binnen, en stak het paleis boven zijn hoofd in brand. Zo stierf hij
19這是因他犯罪,行耶和華眼中看為惡的事,行 耶羅波安 所行的,犯他使 以色列 人陷在罪裏的那罪。
19om de zonden, die hij bedreven had, en om het kwaad, dat hij in de ogen van Jahweh had gedaan, door het wangedrag van Jeroboam na te volgen, en de zonden te bedrijven, waartoe deze Israël had verleid.
20心利 其餘的事和他背叛的情形都寫在 以色列 諸王記上。
20De verdere geschiedenis van Zimri, met de samenzwering die hij heeft gesmeed, is beschreven in het boek der kronieken van de koningen van Israël.
21那時, 以色列 民分為兩半:一半隨從 基納 的兒子 提比尼 ,要立他作王;一半隨從 暗利 。
21Toen kwam er verdeeldheid onder het volk van Israël. De ene helft van het volk wilde Tibni, den zoon van Ginat, koning maken, en de andere helft hield het met Omri.
22但隨從 暗利 的民勝過隨從 基納 的兒子 提比尼 的民。 提比尼 死了, 暗利 就作了王。
22Tenslotte kregen de aanhangers van Omri de overhand over die van Tibni, den zoon van Ginat. En toen Tibni gesneuveld was, werd Omri koning.
23猶大 王 亞撒 三十一年, 暗利 登基作 以色列 王共十二年;在 得撒 作王六年。
23In het een en dertigste jaar der regering van Asa over Juda werd Omri koning van Israël. Hij regeerde twaalf jaar. Eerst regeerde hij zes jaar te Tirsa.
24暗利 用二他連得銀子向 撒瑪 買了 撒馬利亞山 ,在山上造 城 ,就按着山的原主 撒瑪 的名,給所造的城起名叫 撒馬利亞 。
24Toen kocht hij van Sjémer voor twee talenten zilver de berg Samaria, en bouwde daarop een stad, die hij naar Sjémer, den eigenaar van de berg, Samaria genoemd.
25暗利 行耶和華眼中看為惡的事,比他以前的列王作惡更甚。
25Omri deed wat kwaad was in de ogen van Jahweh; hij maakte het erger dan al zijn voorgangers.
26因他行了 尼八 的兒子 耶羅波安 所行的,犯他使 以色列 人陷在罪裏的那罪,以虛無 的神 惹耶和華- 以色列 上帝的怒氣。
26Hij volgde het wangedrag van Jeroboam, den zoon van Nebat, en bedreef de zonde, waartoe deze Israël had verleid, om Jahweh, den God van Israël, met hun waangoden te tergen.
27暗利 其餘的事和他所顯出的勇力都寫在 以色列 諸王記上。
27De verdere geschiedenis van Omri, met al zijn daden en krijgsverrichtingen, is beschreven in het boek der kronieken van de koningen van Israël.
28暗利 與他列祖同睡,葬在 撒馬利亞 。他兒子 亞哈 接續他作王。
28Omri ging bij zijn vaderen te ruste, en werd te Samaria begraven. Zijn zoon Achab volgde hem op.
29猶大 王 亞撒 三十八年, 暗利 的兒子 亞哈 登基作了 以色列 王。 暗利 的兒子 亞哈 在 撒馬利亞 作 以色列 王二十二年。
29Achab, de zoon van Omri, werd koning over Israël in het acht en dertigste jaar der regering van Asa over Juda. Achab, de zoon van Omri, heeft twee en twintig jaar te Samaria over Israël geregeerd.
30暗利 的兒子 亞哈 行耶和華眼中看為惡的事,比他以前的列王更甚,
30Achab, de zoon van Omri, deed meer kwaad in de ogen van Jahweh dan al zijn voorgangers.
31犯了 尼八 的兒子 耶羅波安 所犯的罪;他還以為輕,又娶了 西頓 王 謁巴力 的女兒 耶洗別 為妻,去事奉敬拜 巴力 ,
31Alsof het hem niet genoeg was, in de zonden te leven van Jeroboam, den zoon van Nebat, nam hij Izébel, een dochter van Etbáal, den koning der Sidoniërs, tot vrouw, en begon hij Báal te dienen en te aanbidden.
32在 撒馬利亞 建造 巴力 的廟,在廟裏為 巴力 築壇。
32Hij richtte voor Báal een altaar op in de Báalstempel, die hij te Samaria gebouwd had.
33亞哈 又做 亞舍拉 ,他所行的惹耶和華- 以色列 上帝的怒氣,比他以前的 以色列 諸王更甚。
33Ook liet hij een Asjerabeeld en andere ergerlijke dingen vervaardigen, om Jahweh, den God van Israël, nog gruwelijker te tergen dan al de koningen van Israël, die hem vooraf waren gegaan.
34亞哈 在位 的時候,有 伯特利 人 希伊勒 重修 耶利哥 城 ;立根基的時候,喪了長子 亞比蘭 ;安門的時候,喪了幼子 西割 ,正如耶和華藉 嫩 的兒子 約書亞 所說的話。
34In zijn tijd heeft Achiël, uit Betel, Jericho herbouwd; op Abiram, zijn eerstgeborene, legde hij de grondvesten, en op Segoeb, zijn jongsten zoon, plaatste hij de poorten, zoals Jahweh door de mond van Josuë, den zoon van Noen, had voorspeld.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.