มัทธิว
Chapter 13
Freedom Bible (Thai)

Read in

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)
vs Petrus Canisius Bi…

Compare with

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Brezhoneg (Breton Gospels, 1827)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Meriam Mir GospelsOld Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsTongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)Stop comparing
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

มัทธิว 13

Freedom Bible (Thai)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1ใน​วัน​นั้น พระเยซู​ออก​จาก​บ้าน​ไป​นั่ง​ริม​ทะเล
1Die dag verliet Jesus het huis, en zette Zich neer aan het meer.
2ฝูงชน​จำนวน​มาก​มา​รวม​กัน​รอบ​พระองค์ จน​พระองค์​ลง​เรือ​และ​นั่ง​ลง ส่วน​ฝูงชน​ทั้งหมด​ยืน​อยู่​บน​ชายฝั่ง
2En een talrijke menigte verzamelde zich om Hem heen, zodat Hij in een boot ging zitten, terwijl heel de menigte op de oever bleef staan.
3พระองค์​กล่าว​หลาย​เรื่อง​แก่​พวกเขา​เป็น​อุปมา โดย​กล่าว​ว่า “มี​ชาวไร่​คน​หนึ่ง​ออก​ไป​หว่าน​เมล็ด
3En Hij sprak hun in gelijkenissen over vele dingen. Hij zeide: Zie, de zaaier ging uit om te zaaien.
4ขณะ​ที่​เขา​หว่าน เมล็ด​บางส่วน​ตก​ข้างทาง แล้ว​นก​ก็​มา​กิน​จน​หมด
4En onder het zaaien viel een gedeelte langs de weg; en de vogels uit de lucht kwamen, en pikten het op.
5เมล็ด​บางส่วน​ตก​บน​พื้น​หิน ซึ่ง​มี​ดิน​ไม่​มาก และ​งอก​ขึ้น​ทันที เพราะ​ดิน​ไม่​ลึก
5Een ander gedeelte viel op de steengrond, waar het niet veel aarde had. Aanstonds kwam het op, omdat het geen diepe aarde had;
6เมื่อ​ดวงอาทิตย์​ขึ้น ต้น​เหล่านั้น​ก็​ถูก​แดด​เผา และ​เพราะ​ไม่​มี​ราก จึง​เหี่ยวแห้ง
6maar toen de zon was opgegaan, werd het verschroeid en verdorde, daar het geen wortel geschoten had.
7เมล็ด​บางส่วน​ตก​ท่ามกลาง​ต้นหนาม ต้นหนาม​ก็​โต​ขึ้น​มา​รัด​มัน​ไว้
7Een ander gedeelte viel tussen de doornen; de doornen schoten op, en verstikten het.
8เมล็ด​บางส่วน​ตก​ใน​ดิน​ดี และ​เกิดผล บ้าง​หนึ่งร้อย​เท่า บ้าง​หกสิบ​เท่า และ​บ้าง​สามสิบ​เท่า
8Een ander gedeelte viel op de goede aarde; en het droeg vrucht: honderd- zestig- dertigvoud.
9ใคร​มี​หู​จะ​ฟัง ก็​จง​ฟัง”
9Wie oren heeft om te horen, hij hore.
10สาวก​มา​หา​พระองค์ และ​ถาม​ว่า “ทำไม​ท่าน​จึง​พูด​กับ​พวกเขา​เป็น​อุปมา?”
10Nu kwamen de leerlingen naar Hem toe, en zeiden: Waarom spreekt Gij tot hen in gelijkenissen?
11พระองค์​ตอบ​พวกเขา​ว่า “พวกคุณ​ได้​รับ​ความรู้​เรื่อง​ความลับ​ของ​อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์ แต่​พวกเขา​ไม่​ได้​รับ
11Hij antwoordde hun: U is het gegeven, de geheimen van het rijk der hemelen te kennen; hun echter niet.
12เพราะ​ผู้​ที่​มี​อยู่​แล้ว จะ​ได้​รับ​เพิ่ม​อีก และ​จะ​มี​อย่าง​อุดมสมบูรณ์ แต่​ผู้​ที่​ไม่​มี แม้​แต่​สิ่ง​ที่​เขา​มี​อยู่​ก็​จะ​ถูก​เอา​ไป​จาก​เขา
12Want wie heeft, hem zal gegeven worden en hij zal overvloed hebben; maar wie niet heeft, hem zal ook ontnomen worden, wat hij bezit.
13เพราะ​เหตุ​นี้ เรา​จึง​พูด​กับ​พวกเขา​เป็น​อุปมา เพราะ​เมื่อ​มอง พวกเขา​ก็​ไม่​เห็น เมื่อ​ฟัง ก็​ไม่​ได้ยิน และ​ไม่​เข้าใจ
13Daarom spreek Ik tot hen in gelijkenissen; omdat ze ziende zijn en toch niet zien, horende en toch niet horen noch verstaan.
14คำ​พยากรณ์​ของ​อิสยาห์​จึง​สำเร็จ​ใน​ตัว​พวกเขา ซึ่ง​กล่าว​ว่า ‘พวกเจ้า​จะ​ฟัง​แล้ว​ฟัง​อีก แต่​จะ​ไม่​เข้าใจ​เลย พวกเจ้า​จะ​มอง​แล้ว​มอง​อีก แต่​จะ​ไม่​รับรู้​เลย
14In hen wordt de voorzegging van Isaias vervuld: Met de oren zult gij horen, en niet verstaan, En scherp zult gij zien, en niet inzien.
15เพราะ​ใจ​ของ​ประชาชน​นี้​ด้านชา หู​ของ​พวกเขา​ก็​ได้ยิน​ไม่​ชัด และ​พวกเขา​ปิด​ตา​ของ​ตน มิฉะนั้น พวกเขา​อาจ​มองเห็น​ด้วย​ตา ได้ยิน​ด้วย​หู เข้าใจ​ด้วย​ใจ และ​หันกลับ แล้ว​เรา​จะ​รักษา​พวกเขา’
15Want verstokt is het hart van dit volk, Hun oren zijn hardhorig, En hun ogen gesloten; Opdat ze niet zouden zien met de ogen, En horen met de oren, En verstaan met het hart; Opdat zij zich niet zouden bekeren, En Ik hen zou genezen.
16“แต่​ตา​ของ​พวกคุณ​ย่อม​เป็นสุข เพราะ​มองเห็น และ​หู​ของ​พวกคุณ เพราะ​ได้ยิน
16Maar gelukkig zijn uw ogen, omdat ze zien; en uw oren, omdat ze horen.
17เรา​บอก​ความจริง​แก่​พวกคุณ​ว่า ผู้เผยพระวจนะ​และ​คน​ชอบธรรม​จำนวน​มาก​ปรารถนา​จะ​เห็น​สิ่ง​ที่​พวกคุณ​เห็น แต่​ไม่​ได้​เห็น และ​ปรารถนา​จะ​ได้ยิน​สิ่ง​ที่​พวกคุณ​ได้ยิน แต่​ไม่​ได้​ยิน
17Voorwaar, Ik zeg u: Vele profeten en rechtvaardigen wensten te zien wat gij ziet, en ze zagen het niet; te horen wat gij hoort, en ze hoorden het niet.
18“เพราะฉะนั้น จง​ฟัง​อุปมา​เรื่อง​ชาวไร่
18Hoort gij dus, wat de gelijkenis van den zaaier betekent:
19เมื่อ​ใคร​ได้ยิน​พระวจนะ​เรื่อง​อาณาจักร แต่​ไม่​เข้าใจ มารร้าย​ก็​มา​ฉก​เอา​สิ่ง​ที่​หว่าน​ไว้​ใน​ใจ​ของ​เขา​ไป นี่​คือ​สิ่ง​ที่​หว่าน​ไว้​ข้างทาง
19Als iemand het woord over het koninkrijk hoort en het niet wil verstaan, dan komt de boze en rooft weg, wat in zijn hart is gezaaid; dat is wat langs de weg is gezaaid.
20สิ่ง​ที่​หว่าน​บน​พื้น​หิน คือ​ผู้​ที่​ได้ยิน​พระวจนะ และ​รับ​ไว้​ด้วย​ความยินดี​ทันที
20En wat op de steengrond gezaaid werd is hij, die het woord verneemt en het terstond met vreugde aanvaardt;
21แต่​เขา​ไม่​มี​ราก​ใน​ตัวเอง จึง​อยู่​ได้​เพียง​ชั่วคราว เมื่อ​เกิด​การ​กดขี่​หรือ​การ​ข่มเหง​เพราะ​พระวจนะ เขา​ก็​สะดุด​ทันที
21hij heeft echter geen wortel geschoten, maar is onstandvastig; en als er verdrukking of vervolging ontstaat om wille van het woord, is hij aanstonds geërgerd.
22สิ่ง​ที่​หว่าน​ท่ามกลาง​ต้นหนาม คือ​ผู้​ที่​ได้ยิน​พระวจนะ แต่​ความกังวล​ของ​ยุค​นี้​และ​ความหลอกลวง​ของ​ทรัพย์สมบัติ​รัด​พระวจนะ​ไว้ จน​เขา​ไม่​เกิดผล
22Wat in de doornen gezaaid werd, is hij, die wel luistert naar het woord; maar de beslommering van de wereld en het bedriegelijke van de rijkdom verstikken het woord. en het blijft zonder vrucht.
23สิ่ง​ที่​หว่าน​ใน​ดิน​ดี คือ​ผู้​ที่​ได้ยิน​พระวจนะ​และ​เข้าใจ ผู้​นั้น​ย่อม​เกิดผล​จริง ๆ บ้าง​หนึ่งร้อย​เท่า บ้าง​หกสิบ​เท่า และ​บ้าง​สามสิบ​เท่า”
23Maar wat op de goede aarde gezaaid werd, is hij, die het woord verneemt en begrijpt, en die ook vruchten draagt; bij den een geeft het een honderd-, bij een ander een zestig-, bij een derde een dertigvoud.
24พระองค์​ยก​อุปมา​อีก​เรื่อง​หนึ่ง​ให้​พวกเขา โดย​กล่าว​ว่า “อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์​เปรียบ​เหมือน​ชาย​คน​หนึ่ง​ที่​หว่าน​เมล็ด​พันธุ์​ดี​ใน​นา​ของ​ตน
24Een andere gelijkenis stelde Hij hun voor, en Hij sprak: Het rijk der hemelen is gelijk aan een man, die goed zaad op zijn akker zaaide.
25แต่​ขณะ​ที่​ผู้คน​หลับ​อยู่ ศัตรู​ของ​เขา​มา​หว่าน​หญ้า​ดาร์เนล ปะปน​ใน​ข้าวสาลี แล้ว​จาก​ไป
25Maar terwijl de mensen sliepen, kwam zijn vijand, zaaide onkruid onder de tarwe, en ging heen.
26เมื่อ​ต้นอ่อน​งอก​ขึ้น​และ​ออกรวง หญ้า​ดาร์เนล​ก็​ปรากฏ​ให้​เห็น​ด้วย
26Toen nu het graan was opgeschoten en vrucht had gezet, vertoonde zich ook het onkruid.
27คนรับใช้​ของ​เจ้าของบ้าน​มา​หา​และ​พูด​ว่า ‘ท่าน​หว่าน​เมล็ด​พันธุ์​ดี​ใน​นา​ของ​ท่าน​ไม่​ใช่​หรือ? แล้ว​หญ้า​ดาร์เนล​มา​จาก​ไหน?’
27Nu kwamen de dienaars van den heer des huizes, en zeiden: Heer, hebt ge geen goed zaad op uw akker gezaaid; waar komt dan het onkruid vandaan?
28“เขา​ตอบ​ว่า ‘ศัตรู​เป็น​คน​ทำ’ “คนรับใช้​ถาม​เขา​ว่า ‘ท่าน​ต้องการ​ให้​พวกเรา​ไป​ถอน​มัน​ขึ้น​มา​ไหม?’
28Hij zei hun: Een vijandig mens heeft dit gedaan. De dienaars zeiden tot hem: Wilt ge dus, dat we het gaan uitwieden?
29“แต่​เขา​ตอบ​ว่า ‘อย่า​เลย เกรง​ว่า​เมื่อ​พวกเจ้า​ถอน​หญ้า​ดาร์เนล จะ​ถอน​ข้าวสาลี​ติด​ขึ้น​มา​ด้วย
29Maar hij antwoordde: Neen; want bij het uitwieden van het onkruid, zoudt gij ook de tarwe kunnen uittrekken.
30ปล่อย​ให้​ทั้งสอง​อย่าง​เติบโต​ไป​ด้วยกัน​จน​ถึง​ฤดู​เก็บเกี่ยว เมื่อ​ถึง​เวลา​เก็บเกี่ยว เรา​จะ​บอก​คน​เกี่ยว​ว่า “จง​รวบรวม​หญ้า​ดาร์เนล​ก่อน มัด​เป็น​ฟ่อน​เพื่อ​เผา ส่วน​ข้าวสาลี​ให้​เก็บ​เข้า​ยุ้ง​ของ​เรา”’”
30Laat beide opgroeien tot de oogst; in de oogsttijd zal ik tot de maaiers zeggen: Verzamelt eerst het onkruid en bindt het in bussels, om het te verbranden, maar brengt de tarwe in mijn schuur. —
31พระองค์​ยก​อุปมา​อีก​เรื่อง​หนึ่ง​ให้​พวกเขา โดย​กล่าว​ว่า “อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์​เปรียบ​เหมือน​เมล็ด​มัสตาร์ด ซึ่ง​ชาย​คน​หนึ่ง​เอา​ไป​หว่าน​ใน​นา​ของ​ตน
31Een andere gelijkenis stelde Hij hun voor, en sprak: Het rijk der hemelen is gelijk aan een mosterdzaadje, dat iemand op zijn akker zaaide.
32เมล็ด​นั้น​เล็ก​กว่า​เมล็ด​ทั้งปวง​จริง ๆ แต่​เมื่อ​โต​ขึ้น ก็​ใหญ่​กว่า​พืชผัก​ทั้งปวง และ​กลาย​เป็น​ต้นไม้ จน​นก​บน​ฟ้า​มา​อาศัย​อยู่​ตาม​กิ่ง​ของ​มัน”
32Het is wel het kleinste van alle zaden, maar als het is opgewassen is het groter dan het tuingewas, en wordt het een boom, zodat de vogels in de lucht in zijn takken komen nestelen. —
33พระองค์​กล่าว​อุปมา​อีก​เรื่อง​หนึ่ง​แก่​พวกเขา “อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์​เปรียบ​เหมือน​เชื้อแป้ง ซึ่ง​หญิง​คน​หนึ่ง​เอา​ไป​ซ่อน​ไว้​ใน​แป้ง​สาม​หน่วยตวง จน​แป้ง​ทั้งหมด​ฟู​ขึ้น”
33Nog een andere gelijkenis sprak Hij tot hen: Het rijk der hemelen is gelijk aan zuurdeeg, dat een vrouw onder drie maten meel mengde, totdat het meel geheel was gegist.
34พระเยซู​กล่าว​สิ่ง​เหล่านี้​ทั้งหมด​แก่​ฝูงชน​เป็น​อุปมา และ​พระองค์​ไม่​ได้​กล่าว​อะไร​แก่​พวกเขา​โดย​ไม่​ใช้​อุปมา
34Dit alles zeide Jesus tot de menigte in gelijkenissen, en zonder gelijkenis sprak hij hun niet toe;
35เพื่อ​ให้​สิ่ง​ที่​กล่าว​ผ่าน​ผู้เผยพระวจนะ​สำเร็จ ซึ่ง​ว่า “เรา​จะ​เปิด​ปาก​กล่าว​เป็น​อุปมา เรา​จะ​กล่าว​สิ่ง​ที่​ซ่อน​อยู่​ตั้งแต่​การ​วาง​รากฐาน​ของ​โลก”
35opdat vervuld zou worden, wat door den profeet was voorzegd: “Ik zal mijn mond openen in gelijkenissen, en openbaren, wat verborgen was van de grondvesting der wereld af.”
36แล้ว​พระเยซู​ให้​ฝูงชน​แยกย้าย​ไป และ​เข้า​ไป​ใน​บ้าน สาวก​มา​หา​พระองค์​และ​กล่าว​ว่า “โปรด​อธิบาย​อุปมา​เรื่อง​หญ้า​ดาร์เนล​ใน​นา​ให้​พวกเรา​ฟัง”
36Toen Hij de menigte had laten gaan, keerde Hij naar huis terug. Nu kwamen zijn leerlingen naar Hem toe, en zeiden: Verklaar ons de gelijkenis van het onkruid op de akker.
37พระองค์​ตอบ​ว่า “ผู้​ที่​หว่าน​เมล็ด​พันธุ์​ดี คือ​บุตรมนุษย์
37Hij antwoordde hun: Die het goede zaad uitzaait, is de Mensenzoon;
38นา​คือ​โลก เมล็ด​พันธุ์​ดี​คือ​ลูก​ของ​อาณาจักร ส่วน​หญ้า​ดาร์เนล​คือ​ลูก​ของ​มารร้าย
38de akker is de wereld; het goede zaad zijn de kinderen van het rijk; het onkruid zijn de kinderen van den boze;
39ศัตรู​ที่​หว่าน​มัน​คือ​มาร การ​เก็บเกี่ยว​คือ​วาระ​สิ้น​ยุค และ​คน​เกี่ยว​คือ​เหล่า​ทูตสวรรค์
39de vijand, die het zaaide, is de duivel; de oogst is het einde der wereld; de maaiers zijn de engelen.
40เพราะฉะนั้น เช่นเดียว​กับ​ที่​หญ้า​ดาร์เนล​ถูก​รวบรวม​และ​เผา​ด้วย​ไฟ เมื่อ​ถึง​วาระ​สิ้น​ยุค​นี้ ก็​จะ​เป็น​เช่นนั้น
40Zoals dus het onkruid verzameld en in het vuur wordt verbrand, zo zal het ook geschieden aan het einde der wereld.
41บุตรมนุษย์​จะ​ส่ง​เหล่า​ทูตสวรรค์​ของ​พระองค์​ออก​ไป และ​พวกเขา​จะ​รวบรวม​ทุกสิ่ง​ที่​ทำ​ให้​สะดุด และ​คน​ที่​ทำ​ความชั่ว​ออก​จาก​อาณาจักร​ของ​พระองค์
41De Mensenzoon zal zijn engelen zenden. Ze zullen uit zijn rijk alle ergernisgevers verzamelen, en hen die ongerechtigheid plegen,
42แล้ว​โยน​คน​เหล่านั้น​ลง​ใน​เตาไฟ ที่​นั่น​จะ​มี​การ​ร้องไห้​และ​ขบเขี้ยวเคี้ยวฟัน
42en ze in de vuuroven werpen; daar zal geween zijn en gekners der tanden.
43เมื่อ​นั้น คน​ชอบธรรม​จะ​ส่องแสง​เหมือน​ดวงอาทิตย์​ใน​อาณาจักร​ของ​พระบิดา​ของ​พวกเขา ใคร​มี​หู​จะ​ฟัง ก็​จง​ฟัง
43Dan zullen de rechtvaardigen blinken als de zon in het rijk van hun Vader. Wie oren heeft om te horen, hij hore.
44“อีก​ประการ​หนึ่ง อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์​เปรียบ​เหมือน​ขุมทรัพย์​ที่​ซ่อน​อยู่​ใน​นา ชาย​คน​หนึ่ง​พบ​เข้า​แล้ว​ซ่อน​ไว้​อีก ด้วย​ความยินดี เขา​จึง​ไป​ขาย​ทุกสิ่ง​ที่​มี และ​ซื้อ​นา​ผืน​นั้น
44Het rijk der hemelen is gelijk aan een schat, die in de akker begraven is. De man, die hem vindt, verbergt hem; en vol vreugde daarover gaat hij alles verkopen, wat hij bezit, en koopt die akker.
45“อีก​ประการ​หนึ่ง อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์​เปรียบ​เหมือน​พ่อค้า​คน​หนึ่ง​ที่​เสาะหา​ไข่มุก​เม็ด​งาม
45Nog is het rijk der hemelen gelijk aan een koopman, die schone paarlen zocht.
46เมื่อ​พบ​ไข่มุก​ล้ำค่า​เม็ด​หนึ่ง เขา​ก็​ไป​ขาย​ทุกสิ่ง​ที่​มี และ​ซื้อ​ไข่มุก​นั้น
46Toen hij een kostbare parel had gevonden, ging hij alles verkopen wat hij bezat, en kocht haar.
47“อีก​ประการ​หนึ่ง อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์​เปรียบ​เหมือน​อวน​กวาด​ที่​ทอด​ลง​ใน​ทะเล และ​จับ​ปลา​ได้​ทุก​ชนิด
47Nog is het rijk der hemelen gelijk aan een net, dat in de zee wordt uitgeworpen, en waarmee allerlei soort van vis wordt gevangen.
48เมื่อ​อวน​เต็ม ชาวประมง​ก็​ลาก​ขึ้น​มา​บน​ชายฝั่ง แล้ว​นั่ง​ลง คัด​ปลา​ดี​ใส่​ภาชนะ ส่วน​ปลา​ไม่​ดี​ก็​โยน​ทิ้ง
48Toen het vol was, trok men het op het strand, zette zich neer, en zocht de goede vissen uit om ze in vaten te doen, maar de slechte gooide men weg.
49เมื่อ​ถึง​วาระ​สิ้น​โลก ก็​จะ​เป็น​เช่นนั้น เหล่า​ทูตสวรรค์​จะ​มา​แยก​คน​ชั่ว​ออก​จาก​คน​ชอบธรรม
49Zo zal het ook gaan aan het einde der wereld. De engelen zullen uitgaan, en de bozen van de rechtvaardigen scheiden.
50แล้ว​โยน​คน​ชั่ว​ลง​ใน​เตาไฟ ที่​นั่น​จะ​มี​การ​ร้องไห้​และ​ขบเขี้ยวเคี้ยวฟัน”
50En zij zullen ze in de vuuroven werpen; daar zal geween zijn en gekners der tanden.
51พระเยซู​ถาม​พวกเขา​ว่า “พวกคุณ​เข้าใจ​สิ่ง​เหล่านี้​ทั้งหมด​แล้ว​หรือ?” พวกเขา​ตอบ​ว่า “เข้าใจ​แล้ว องค์พระผู้เป็นเจ้า”
51Hebt gij dit alles begrepen? Ze zeiden Hem: Ja. En Hij zei hun:
52พระองค์​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “เพราะฉะนั้น อาลักษณ์​ทุก​คน​ที่​ได้​เป็น​สาวก​ใน​อาณาจักร​แห่ง​สวรรค์ ก็​เปรียบ​เหมือน​เจ้าของบ้าน​คน​หนึ่ง​ที่​นำ​ของ​ใหม่​และ​ของ​เก่า​ออก​มา​จาก​คลัง​ของ​ตน”
52Zo is iedere schriftgeleerde, die onderwezen is in het rijk der hemelen, gelijk aan een huisvader, die uit zijn schat nieuw en oud te voorschijn brengt.
53เมื่อ​พระเยซู​กล่าว​อุปมา​เหล่านี้​จบ พระองค์​ก็​จาก​ที่​นั่น​ไป
53Toen Jesus met deze gelijkenissen ten einde was, ging Hij heen.
54เมื่อ​มา​ถึง​ถิ่น​บ้านเกิด​ของ​พระองค์ พระองค์​สอน​พวกเขา​ใน​ธรรมศาลา จน​พวกเขา​ประหลาดใจ​และ​พูด​ว่า “คน​นี้​ได้​ปัญญา​และ​การ​อัศจรรย์​อัน​ยิ่งใหญ่​เหล่านี้​มา​จาก​ไหน?
54Nadat Hij in zijn vaderstad was gekomen, onderrichtte Hij hen in hun synagoge. zodat ze verbaasd waren en zeiden: Waar heeft Hij die wijsheid en wonderkracht vandaan?
55คน​นี้​ไม่​ใช่​ลูก​ของ​ช่างไม้​หรือ? มารดา​ของ​เขา​ชื่อ​มารีย์​ไม่​ใช่​หรือ? และ​พี่น้อง​ชาย​ของ​เขา​คือ​ยากอบ โยเสส ซีโมน และ​ยูดาส ไม่​ใช่​หรือ?
55Is Hij niet de zoon van den timmerman? Heet zijn moeder niet Maria, en zijn broers niet Jakobus, Josef, Simon en Judas?
56พี่น้อง​หญิง​ของ​เขา​ทุก​คน​ก็​อยู่​กับ​พวกเรา​ไม่​ใช่​หรือ? แล้ว​คน​นี้​ได้​สิ่ง​เหล่านี้​ทั้งหมด​มา​จาก​ไหน?”
56En leven zijn zusters niet allen onder ons? Waar heeft Hij dan dit alles vandaan?
57พวกเขา​จึง​ไม่​ยอมรับ​พระองค์ แต่​พระเยซู​กล่าว​กับ​พวกเขา​ว่า “ผู้เผยพระวจนะ​ย่อม​ได้​รับ​เกียรติ เว้นแต่​ใน​ถิ่น​ของ​ตน​และ​ใน​บ้าน​ของ​ตน”
57En ze ergerden zich aan Hem. Maar Jesus zeide hun: Een profeet wordt enkel in zijn geboortestad en in zijn eigen familie miskend.
58พระองค์​ไม่​ได้​ทำ​การ​อัศจรรย์​อัน​ยิ่งใหญ่​ที่​นั่น​มาก​นัก เพราะ​ความ​ไม่​เชื่อ​ของ​พวกเขา
58En om hun ongeloof deed Hij er maar weinig wonderen.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.