Numeri
Chapter 3
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Korean Bible, 1910…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Korean Bible, 1910 (한국어 성경)
1Dit waren de nakomelingen van Aäron, toen Jahweh op de berg Sinaï tot Moses sprak.
1여호와께서 시내 산에서 모세와 말씀하실 때에 아론과 모세의 낳은 자가 이러하니라
2Dit zijn de namen van de zonen van Aäron: Nadab, de eerstgeborene, Abihoe, Elazar en Itamar;
2아론의 아들들의 이름은 장자는 나답이요, 다음은 아비후와, 엘르아살과, 이다말이니
3het zijn de namen van Aärons zonen, die als gezalfde priesters werden aangesteld, om de priesterlijke bediening uit te oefenen.
3이는 아론의 아들들의 이름이며 그들은 기름을 발리우고 거룩히 구별되어 제사장 직분을 위임받은 제사장들이라
4Nadab en Abihoe waren voor het aanschijn van Jahweh gestorven, toen zij in de woestijn van de Sinaï voor Jahweh’s aanschijn onwettig vuur offerden. En daar zij geen zonen hadden, oefenden slechts Elazar en Itamar, onder toezicht van hun vader Aäron, het priesterambt uit.
4나답과 아비후는 시내 광야에서 다른 불을 여호와 앞에 드리다가 여호와 앞에서 죽었고 무자하였고 엘리아살과, 이다말이 그 아비 아론 앞에서 제사장의 직분을 행하였더라
5Jahweh sprak tot Moses:
5여호와께서 또 모세에게 일러 가라사대
6Roep de stam van Levi op, en stel die ter beschikking van den priester Aäron, om hem te dienen.
6레위 지파로 나아와 제사장 아론 앞에 서서 그에게 시종하게 하라
7Zij moeten zorgen voor wat hij en heel de gemeenschap bij de openbaringstent nodig hebben, om de dienst van de tabernakel te laten verrichten.
7그들이 회막 앞에서 아론의 직무와 온 회중의 직무를 위하여 회막에서 시무하되
8Zij moeten zorg dragen voor alle benodigdheden van de openbaringstent en voor wat de Israëlieten behoeven, om de dienst van de tabernakel te laten verrichten.
8곧 회막의 모든 기구를 수직하며 이스라엘 자손의 직무를 위하여 장막에서 시무할지니
9Gij moet de Levieten onder Aäron en zijn zonen plaatsen, ze van de Israëlieten afzonderen, en ze volkomen te hunner beschikking stellen.
9너는 레위인을 아론과 그 아들들에게 주라 그들은 이스라엘 자손중에서 아론에게 온전히 돌리운 자니라
10Aäron en zijn zonen moet ge aanstellen, om hun priesterambt uit te oefenen; zo een onbevoegde nadert, moet hij worden gedood.
10너는 아론과 그 아들들을 세워 제사장 직분을 행하게 하라 외인이 가까이 하면 죽임을 당할 것이니라
11Jahweh sprak tot Moses:
11여호와께서 모세에게 일러 가라사대
12Zie, Ik heb de Levieten uit de kinderen Israëls uitverkoren, in plaats van alle eerstgeborenen der Israëlieten, die de moederschoot openen. De Levieten behoren aan Mij!
12보라 내가 이스라엘 자손 중에서 레위인을 택하여 이스라엘 자손 중 모든 첫 태에 처음 난 자를 대신케 하였은즉 레위인은 내 것이라 !
13Want Mij behoren de eerstgeborenen; op de dag dat Ik alle eerstgeborenen in Egypteland trof, heb Ik Mij alle eerstgeborenen in Israël toegewijd, van mens tot dier. Dus behoren ze Mij; Ik ben Jahweh!
13처음 난 자는 다 내 것임은 내가 애굽 땅에서 그 처음 난 자를 다 죽이던 날에 이스라엘의 처음 난 자는 사람이나 짐승을 다 거룩히 구별하였음이니 그들은 내 것이 될 것임이니라
14Jahweh sprak tot Moses in de woestijn van de Sinaï:
14여호와께서 시내 광야에서 모세에게 일러 가라사대
15Tel de zonen van Levi naar hun families en hun geslachten; alle personen van het mannelijk geslacht van één maand af moet ge inschrijven.
15레위 자손을 그들의 종족과 가족을 따라 계수하되 일개월 이상의 남자를 다 계수하라
16Moses schreef hen dus in, zoals het door Jahweh bevolen was.
16모세가 여호와의 말씀을 좇아 그 명하신 대로 계수하니라
17Dit zijn de namen van de zonen van Levi: Gersjon, Kehat en Merari.
17레위의 아들들의 이름은 이러하니 게르손과, 고핫과, 므라리요
18Dit zijn de namen van de zonen van Gersjon naar hun geslachten: Libni en Sjimi;
18게르손의 아들들의 이름은 그 가족대로 이러하니 립니와, 시므이요
19van de zonen van Kehat naar hun geslachten: Amram en Jishar, Chebron en Oezziël;
19고핫의 아들들은 그 가족대로 이러하니 아므람과, 이스할과, 헤브론과, 웃시엘이요
20van de zonen van Merari naar hun geslachten: Machli en Moesji. Dit zijn de geslachten der Levieten naar hun families.
20므라리의 아들들은 그 가족대로 말리와, 무시니 이는 그 종족대로된 레위인의 가족들이니라
21Tot Gersjon behoorde het geslacht der Libnieten en dat der Sjimieten; dit waren de geslachten der Gersjonieten.
21게르손에게서는 립니 가족과, 시므이 가족이 났으니 이들이 곧 게르손의 가족들이라
22Het volledig aantal mannelijke personen van één maand af, die van hen werden ingeschreven, bedroeg vijf en zeventig honderd.
22계수함을 입은 자의 수효 곧 일개월 이상 남자의 수효 합계가 칠천 오백명이며
23De geslachten der Gersjonieten waren achter de tabernakel, in het westen, gelegerd.
23게르손 가족들은 장막 뒤 곧 서편에 진을 칠 것이요
24Het familiehoofd der Gersjonieten was Eljasaf, de zoon van Laël.
24라엘의 아들 엘리아삽은 게르손 사람의 종족의 족장이 될것이며
25De zonen van Gersjon moesten voor de openbaringstent zorgen, voor de tabernakel, de tent, haar bedekking en het tapijt aan de ingang van de openbaringstent,
25게르손 자손의 회막에 대하여 맡을 것은 성막과, 장막과, 그 덮개와, 회막 문장과,
26voor de gordijnen van de voorhof en het tapijt aan de ingang van de voorhof, die rond de tabernakel en het altaar ligt, en voor de touwen, met al wat daarbij te doen viel.
26뜰의 휘장과, 및 성막과, 단 사면에 있는 뜰의 문장과, 그 모든 것에 쓰는 줄들이니라
27Tot Kehat behoorde het geslacht der Amramieten, Jisharieten, Chebronieten en Oezziëlieten; dit waren de geslachten der Kehatieten.
27고핫에게서는 아므람 가족과, 이스할 가족과, 헤브론 가족과, 웃시엘 가족이 났으니 이들이 곧 고핫 가족들이라
28Het volledig aantal mannelijke personen van één maand af, bestemd voor de dienst van het heiligdom, bedroeg zes en tachtig honderd.
28계수함을 입은 일개월 이상 모든 남자의 수효가 팔천 육백명인데 성소를 맡을 것이며
29De geslachten der Kehatieten waren aan de ene zijde van de tabernakel gelegerd, en wel in het zuiden.
29고핫 자손의 가족들은 성막 남편에 진을 칠 것이요
30Het familiehoofd van de geslachten der Kehatieten was Elisafan, de zoon van Oezziël.
30웃시엘의 아들 엘리사반은 고핫 사람의 가족과, 종족의 족장이 될것이며
31Zij moesten zorgen voor de ark, de tafel, de kandelaar, de altaren, voor alle gereedschappen van het heiligdom, nodig bij de dienst, voor het voorhangsel, en al wat daarbij te doen viel.
31그들의 맡을 것은 증거궤와, 상과, 등대와, 단들과, 성소에서 봉사하는데 쓰는 기구들과 휘장과 그것에 쓰는 모든 것이며
32Het opperhoofd van de Levieten was Elazar, de zoon van den priester Aäron; hij had het toezicht over hen, die voor het heiligdom moesten zorgen.
32제사장 아론의 아들 엘리아살은 레위인의 족장들의 어른이 되고 또 성소를 맡을 자를 통할할 것이니라
33Tot Merari behoorde het geslacht der Machlieten en dat der Moesjieten; dit waren de geslachten van Merari.
33므라리에게서는 말리 가족과 무시 가족이 났으니 이들이 곧 므라리 가족들이라
34Het volledig aantal mannelijke personen van één maand af, die van hen werden ingeschreven, bedroeg twee en zestig honderd.
34그 계수함을 입은 자 곧 일개월 이상 남자의 수효 총계가 육천 이백명이며
35Het familiehoofd van de geslachten van Merari was Soeriël, de zoon van Abicháil. Zij waren aan de andere zijde van de tabernakel gelegerd, en dus in het noorden.
35아비하일의 아들 수리엘이 므라리 가족과 종족의 족장이 될 것이요 이 가족은 장막 북편에 진을 칠 것이며
36De taak der zonen van Merari was te zorgen voor de schotten, de bindlatten, de palen en voetstukken van de tabernakel, voor alle gereedschappen en voor al wat daarbij te doen viel,
36므라리 자손의 맡을 것은 성막의 널판과, 그 띠와, 그 기둥과, 그 받침과, 그 모든 기구와, 그것에 쓰는 모든 것이며,
37voor de palen rond de voorhof met hun voetstukken, pinnen en touwen.
37뜰 사면 기둥과, 그 받침과, 그 말뚝과, 그 줄들이니라
38Aan de oostkant van de tabernakel, dus vóór de openbaringstent, waren Moses en Aäron met zijn zonen gelegerd. Zij hadden de zorg voor de dienst in het heiligdom ten behoeve van de Israëlieten; en zo een onbevoegde naderde, werd hij gedood.
38장막 앞 동편 곧 회막 앞 해 돋는 편에는 모세와, 아론과, 아론의 아들들이 진을 치고 이스라엘 자손의 직무를 대신하여 성소의 직무를 지킬 것이며 외인이 가까이 하면 죽일지니라 !
39Het hele getal van de Levieten, die Moses op bevel van Jahweh volgens hun geslachten had ingeschreven, dus van alle mannelijke personen van één maand af, bedroeg twee en twintig duizend.
39모세와 아론이 여호와의 명을 좇아 레위인을 각 가족대로 계수한즉 일개월 이상 남자의 수효가 이만 이천명이었더라
40En Jahweh sprak tot Moses: Tel nu ook al de mannelijke eerstgeborenen der Israëlieten van één maand af, en neem het getal der personen op.
40여호와께서 또 모세에게 이르시되 이스라엘 자손의 처음 난 남자를 일개월 이상으로 다 계수하여 그 명수를 기록하라
41Ik ben Jahweh: Gij moet voor Mij de Levieten nemen in plaats van alle eerstgeborenen der Israëlieten, en het vee der Levieten in plaats van al het eerstgeborene onder het vee der Israëlieten.
41나는 여호와라 ! 이스라엘 자손 중 모든 처음 난 자의 대신에 레위인을 내게 돌리고 또 이스라엘 자손의 가축 중 모든 처음 난 것의 대신에 레위인의 가축을 내게 돌리라
42Moses telde dus alle mannelijke eerstgeborenen der Israëlieten, zoals Jahweh hem bevolen had.
42모세가 여호와께서 자기에게 명하신 대로 이스라엘 자손 중 모든 처음 난 자를 계수하니
43Het hele getal der mannelijke eerstgeborenen van één maand af, die geteld waren, bedroeg twee en twintig duizend tweehonderd drie en zeventig.
43일개월 이상으로 계수함을 입은 처음 난 남자의 명수의 총계가 이만 이천 이백 칠십 삼명이었더라
44Jahweh sprak toen tot Moses:
44여호와께서 모세에게 일러 가라사대
45Neem de Levieten in plaats van alle eerstgeborenen der Israëlieten, en het vee der Levieten in plaats van hun vee. De Levieten zullen Mij behoren. Ik ben Jahweh!
45이스라엘 자손 중 모든 처음 난 자의 대신에 레위인을 취하고 또 그들의 가축 대신에 레위인의 가축을 취하라 레위인은 내 것이라 나는 여호와니라 !
46Voor de lossing van de tweehonderd drie en zeventig eerstgeborenen der Israëlieten, die het getal der Levieten overschrijden,
46이스라엘 자손의 처음 난 자가 레위인보다 이백 칠십 삼인이 더 한즉 속하기 위하여
47moet gij vijf sikkels per hoofd nemen, berekend naar het heilig gewicht, twintig gera de sikkel,
47매명에 오세겔씩 취하되 성소의 세겔대로 취하라 한 세겔은 이십 게라니라
48en het geld aan Aäron en zijn zonen geven als losprijs voor die boventalligen.
48그 더한 자의 속전을 아론과 그 아들들에게 줄 것이니라
49Moses hief dus het losgeld van hen, die er te veel waren, om door de Levieten te worden losgekocht.
49모세가 레위인으로 대속한 이외의 사람들에게서 속전을 받았으니
50Als losgeld van deze eerstgeborenen der Israëlieten hief Moses dertienhonderd vijf en zestig heilige sikkels,
50곧 이스라엘 자손의 처음 난 자에게서 받은 돈이 성소의 세겔대로 일천 삼백 육십 오 세겔이라
51en gaf het losgeld aan Aäron en zijn zonen, juist zoals Jahweh het Moses bevolen had.
51이 속전을 여호와의 말씀대로 아론과 그 아들들에게 주었으니 여호와께서 모세에게 명하심과 같았느니라

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.