Jesaja 4
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Septuagint (Brenton Greek text, with Apocrypha)
1Zeven vrouwen zullen vechten om één man op die dag, En zeggen: ons eigen brood willen we eten, Onze eigen kleren wel dragen, Als we maar naar u mogen heten: neem de smaad van ons weg!
1Καὶ ἐπιλήψονται ἑπτὰ γυναῖκες ἀνθρώπου ἑνὸς, λέγουσαι, τὸν ἄρτον ἡμῶν φαγόμεθα, καὶ τὰ ἱμάτια ἡμῶν περιβαλούμεθα, πλὴν τὸ ὄνομα τὸ σὸν κεκλήσθω ἐφʼ ἡμᾶς, ἄφελε τὸν ὀνειδισμὸν ἡμῶν.
2Maar op die dag zal de Spruit van Jahweh Tot glorie en heerlijkheid worden, De Vrucht van het land tot roem en luister Van wie in Israël zal worden gered;
2Τῇ δὲ ἡμέρᾳ ἐκείνῃ ἐπιλάμψει ὁ Θεὸς ἐν βουλῇ μετὰ δόξης ἐπὶ τῆς γῆς, τοῦ ὑψῶσαι καὶ δοξάσαι τὸ καταλειφθὲν τοῦ Ἰσραήλ.
3En de rest van Juda En wat in Jerusalem gespaard bleef, Zal heilig worden genoemd, Iedereen in Jeruzalem, die staat opgeschreven ten leven.
3Καὶ ἔσται τὸ ὑπολειφθὲν ἐν Σιών, καὶ τὸ καταλειφθὲν ἐν Ἱερουσαλήμ, ἅγιοι κληθήσονται πάντες οἱ γραφέντες εἰς ζωὴν ἐν Ἱερουσαλὴμ.
4Als de Heer de smet van Sions dochters heeft uitgewist, En de bloedschuld uit Jerusalem weggespoeld, Door de stormwind van oordeel, Door de orkaan van verwoesting:
4Ὅτι ἐκπλυνεῖ Κύριος τὸν ῥύπον τῶν υἱῶν καὶ τῶν θυγατέρων Σειών, καὶ τὸ αἷμα ἐκκαθαριεῖ ἐκ μέσου αὐτῶν, ἐν πνεύματι κρίσεως καὶ πνεύματι καύσεως.
5Dan schept Jahweh over heel de bergrug van Sion, En over heel zijn omgeving, Een wolk van rook overdag, En een gloed van laaiende vlammen des nachts. Dan zal de glorie van Jahweh ze allen bedekken Als een schutdak en tent,
5Καὶ ἥξει, καὶ ἔσται πᾶς τόπος τοῦ ὄρους Σιὼν καὶ πάντα τὰ περικύκλῳ αὐτῆς σκιάσει νεφέλη ἡμέρας, καὶ ὡς καπνοῦ καὶ φωτὸς πυρὸς καιομένου νυκτὸς, καὶ πάσῃ τῇ δόξῃ σκεπασθήσεται.
6Tot schaduw tegen de hitte op de dag, Tot toevlucht en schuilplaats tegen stortvloed en regen!
6Καὶ ἔσται εἰς σκιὰν ἀπὸ καύματος, καὶ ἐν σκέπῃ καὶ ἐν ἀποκρύφῳ ἀπὸ σκληρότητος καὶ ὑετοῦ.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.