1 Petrus 4
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Modern Hebrew Bible
1Daar Christus nu naar het vlees heeft geleden, moet ook gij u wapenen met dezelfde gedachte: wie lijdt naar het vlees, is los van de zonde;
1ועתה כאשר ענה המשיח בעדנו בבשר כן היו גם אתם מזינים במחשבה ההיא כי המענה בבשר חדל מחטוא׃
2zodat gij niet langer naar de lusten der mensen, maar naar de wil van God de tijd doorleeft, die u rest in het vlees.
2למען אשר לא תחיו עוד לתאות בני אדם כי אם לרצון אלהים כל ימי היתכם עוד בבשר׃
3Want lang genoeg heeft de tijd geduurd, die nu voorbij is, waarin gij de zin der heidenen deedt, en geleefd hebt in losbandigheid, wellust, dronkenschap, brasserij, drinkgelagen en zondige afgoderij.
3כי דינו עת החיים אשר עברה לעשות כחפץ הגוים בלכתנו בדרכי זמה ובתאות כסבאי יין וזללי בשר ורדפי שכר ותועבות עבדת האלילים׃
4En nu staan ze vreemd te zien en lasteren ze u, omdat gij niet meedraaft naar dezelfde modderpoel van ongebondenheid;
4ועל זאת תמהים המה ומגדפים כי לא תרוצו עמהם לשטף בזמה כמוהם׃
5maar ze zullen hierover rekenschap hebben te geven aan Hem, die gereed staat, om levenden en doden te oordelen.
5אשר יתנו חשבון לפני העתיד לשפט החיים והמתים׃
6Immers juist hierom is ook aan de doden de blijde tijding gebracht, opdat ze bij God naar de geest zouden leven, al zijn ze ook bij de mensen geoordeeld naar het vlees.
6כי על כן התבשרו גם המתים למען ישפטו בבשר לפי דרך בני אדם ויחיו ברוח לפי דרך אלהים׃
7Het einde nadert van alle dingen! Beheerst dus uzelf en weest bezonnen, opdat gij kunt bidden.
7הן קץ הכל קרב לכן היו צנועים וערים להתפלל׃
8Draagt vóór alles elkander vurige liefde toe; want de liefde bedekt een menigte zonden.
8ולפני כל דבר אהבו איש את אחיו אהבה חזקה כי על רב פשעים תכסה האהבה׃
9Weest gastvrij jegens elkander, zonder te morren.
9היו מארחים איש את רעהו בבלי תלנות׃
10Dient elkander met de genadegaven, zoals elk ze ontving, als goede beheerders van de vele genaden van God:
10איש איש כמתן החסד אשר קבל תעזרו איש לרעהו כגזברים ממנים על חסדי אלהים הרבים׃
11wanneer iemand spreekt, het zij als Gods woord; wanneer iemand dient, het geschiede door de kracht, door God hem verleend. Moge dan in alles God worden verheerlijkt door Jesus Christus, wien de heerlijkheid is en de kracht in de eeuwen der eeuwen. Amen!
11איש כי ידבר יהי כאמרי אל ואיש כי יעזר תהי עזרתו מתוך החיל אשר חננו אלהים למען יכבד אלהים בכל על ידי ישוע המשיח אשר לו הכבוד והעז לעולמי עולמים אמן׃
12Geliefden, staat niet verbaasd over de brand der beproeving, die bij u uitslaat, alsof u iets vreemds overkwam!
12אהובים בבאכם בתוך כור עני למען נסתכם אל נא תתמהו כאלו קרה לכם דבר זר׃
13Maar verheugt u veeleer, naarmate gij deel hebt aan het lijden van Christus, opdat gij ook blijde moogt juichen als zijn glorie verschijnt.
13כי אם שמחו על אשר חלק לכם בענויי המשיח למען גם תשמחו ותעלצו בהגלות כבודו׃
14Zalig zijt gij, zo gij om Christus’ naam smaad ondergaat; want dan rust op u de Geest der glorie, de Geest van God.
14אם יחרפו אתכם למען שם המשיח אשריכם כי נחה עליכם רוח הכבוד רוח אלהים אצלם מנאץ הוא ואצלכם נכבד׃
15Immers niemand van u mag lijden als moordenaar of dief, als misdadiger of oproermaker;
15רק אל יענה איש מכם כרצח או כגנב או כפעל און או כנכנס בפקדת אחרים׃
16maar lijdt hij als christen, hij schame zich niet, doch verheerlijke God om die naam.
16ואם יענה כאחד המשיחיים אל יבוש כי אם יודה לאלהים על הדבר הזה׃
17Want de tijd van het oordeel is daar, dat begint met Gods huis. Maar wanneer het met ons gaat beginnen, wat zal dan het einde zijn van hen, die niet gehoorzamen aan het Evangelie van God?
17כי עת החל המשפט מבית אלהים ואם ממנו ראשנה מה אפוא תהיה אחרית הממרים את בשורת אלהים׃
18En wanneer de rechtvaardige ternauwernood wordt gered, waar komt dan de goddeloze en zondaar terecht?
18הן צדיק כמעט יושע אף כי רשע וחוטא׃
19Daarom ook moeten zij, die naar Gods wil lijden verduren, hun zielen veilig stellen bij den getrouwen Schepper, door het goede te doen.
19לכן גם המענים כרצון אלהים יפקידו את נפשותם ביד אלהים הברא הנאמן ויוסיפו לעשות הטוב׃
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.