1 Johannes
Chapter 4

1 Johannes

Petrus Canisius Bible, 1…
vs Berean Standard Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Berean Standard Bible
1Geliefden, gelooft niet iedere geest, maar onderzoekt, of de geesten uit God zijn; want vele valse profeten zijn uitgegaan over de wereld.
1Beloved, do not believe every spirit, but test the spirits to see whether they are from God. For many false prophets have gone out into the world.
2Hieraan erkent ge de geest van God: Iedere geest die belijdt, dat Jesus Christus in het Vlees is gekomen, hij is uit God.
2By this you will know the Spirit of God: Every spirit that confesses that Jesus Christ has come in the flesh is from God,
3Maar iedere geest, die Jesus niet belijdt, is niet uit God; dat is er een van den Antichrist, die komt, zoals gij gehoord hebt, en die nu reeds in de wereld is.
3and every spirit that does not confess Jesus is not from God. This is the spirit of the antichrist, which you have heard is coming and which is already in the world at this time.
4Gij, kinderkens, gij zijt uit God, en hebt ze overwonnen; want Hij die in u woont, is machtiger dan hij die in de wereld is.
4You, little children, are from God and have overcome them, because greater is He who is in you than he who is in the world.
5Zij zijn uit de wereld; daarom spreken ze naar de wereld, en de wereld luistert naar hen.
5They are of the world. That is why they speak from the world’s perspective, and the world listens to them.
6Wij zijn uit God: wie God kent, luistert naar ons; wie niet uit God is, luistert niet naar ons. -Hieraan erkennen we de geest der waarheid en de geest der dwaling.
6We are from God. Whoever knows God listens to us; whoever is not from God does not listen to us. That is how we know the Spirit of truth and the spirit of deception.
7Geliefden, laat ons elkander beminnen. Want de liefde is uit God, en wie liefheeft, is uit God geboren en kent God;
7Beloved, let us love one another, because love comes from God. Everyone who loves has been born of God and knows God.
8wie niet liefheeft, kent God niet. Want God is liefde!
8Whoever does not love does not know God, because God is love.
9Hierdoor heeft Gods liefde zich aan ons geopenbaard, dat God zijn eniggeboren Zoon in de wereld heeft gezonden, opdat wij door Hem zouden leven.
9This is how God’s love was revealed among us: God sent His one and only Son into the world, so that we might live through Him.
10Hierin bestaat de liefde: niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat Hij ons heeft bemind en zijn Zoon heeft gezonden tot verzoening voor onze zonden.
10And love consists in this: not that we loved God, but that He loved us and sent His Son as the atoning sacrifice for our sins.
11Geliefden, als God ons zó heeft liefgehad, dan moeten ook wij elkander beminnen.
11Beloved, if God so loved us, we also ought to love one another.
12Nooit heeft iemand God aanschouwd; maar wanneer wij elkander beminnen, dan blijft God in ons, en is in ons de volmaakte liefde tot Hem.
12No one has ever seen God; but if we love one another, God remains in us, and His love is perfected in us.
13Hieraan erkennen wij, dat wij in Hem blijven, en Hij in ons: dat Hij ons van zijn Geest heeft meegedeeld.
13By this we know that we remain in Him, and He in us: He has given us of His Spirit.
14En we hebben aanschouwd en getuigen, dat de Vader den Zoon heeft gezonden als Verlosser der wereld;
14And we have seen and testify that the Father has sent His Son to be the Savior of the world.
15wie dus belijdt, dat Jesus de Zoon is van God, in hem blijft God, en hij blijft in God;
15If anyone confesses that Jesus is the Son of God, God abides in him, and he in God.
16dan hebben we ook de liefde erkend en geloofd, die God voor ons heeft. God is liefde; en wie in de liefde blijft, blijft in God en God in hem.
16And we have come to know and believe the love that God has for us. God is love; whoever abides in love abides in God, and God in him.
17Hiertoe juist is bij ons de liefde tot volmaaktheid gebracht, dat we vertrouwen mogen hebben op de dag van het Oordeel; want dan zijn we op de wereld, gelijk Hijzelf is.
17In this way, love has been perfected among us, so that we may have confidence on the day of judgment; for in this world we are just like Him.
18In de liefde bestaat er geen vrees, maar de volmaakte liefde bant de vrees; want de vrees onderstelt straf. Wie vreest, heeft dus de volmaakte liefde niet.
18There is no fear in love, but perfect love drives out fear, because fear involves punishment. The one who fears has not been perfected in love.
19Wij hebben lief, omdat Hij ons het eerst heeft liefgehad.
19We love because He first loved us.
20Zo iemand zegt: “Ik heb God lief,” maar toch zijn broeder haat, hij is een leugenaar; wie immers zijn broeder, dien hij gezien heeft, niet bemint, kan God niet beminnen, dien hij niet heeft gezien.
20If anyone says, “I love God,” but hates his brother, he is a liar. For anyone who does not love his brother, whom he has seen, cannot love God, whom he has not seen.
21Want dit gebod hebben we van Hem ontvangen: wie God bemint, moet ook zijn broeder beminnen.
21And we have this commandment from Him: Whoever loves God must love his brother as well.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.