约拿书 2
Chinese Union Version, punctuated (Simplified)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1约拿 在鱼腹中祷告耶和华—他的 神,
1En in de buik van de vis bad Jonas tot Jahweh, zijn God.
2说: 我遭遇患难求告耶和华, 你就应允我; 从阴间的深处呼求, 你就俯听我的声音。
2Hij sprak: In mijn angst riep ik tot Jahweh, En Hij heeft mij verhoord; Uit de schoot der onderwereld riep ik om hulp, En Gij hebt naar mijn smeken geluisterd.
3你将我投下深渊, 就是海的深处; 大水环绕我, 你的波浪洪涛都漫过我身。
3Gij hebt mij in de diepte geworpen, In het midden der zee; De vloed hield mij gevangen, Uw kolken en baren sloegen over mij heen.
4我说:我从你眼前虽被驱逐, 我仍要仰望你的圣殿。
4Ik sprak bij mijzelf: Ik ben verstoten uit uw oog; Hoe zal ik ooit nog aanschouwen Uw heilige tempel?
5诸水环绕我,几乎淹没我; 深渊围住我; 海草缠绕我的头。
5Het water steeg me tot de lippen, De afgrond hield me gevangen; Het zeewier omkranste mijn hoofd Met een blijvende tooi.
6我下到山根, 地的门将我永远 关住 。 耶和华—我的 神啊, 你却将我的性命从坑中救出来。
6Tot de grondvesten der bergen daalde ik af, Naar het gewest met zijn eeuwige grendels; Maar Gij hebt mij uit het graf doen verrijzen, Jahweh, mijn God!
7我心在我里面发昏的时候, 我就想念耶和华。 我的祷告进入你的圣殿, 达到你的面前。
7Toen mijn ziel in mij versmachtte, Dacht ik aan Jahweh; En mijn gebed drong tot U door, In uw heilige tempel.
8那信奉虚无 之神 的人, 离弃怜爱他们的主;
8Afgodendienaars weigeren hun hulde;
9但我必用感谢的声音献祭与你。 我所许的愿,我必偿还。 救恩出于耶和华。
9Maar ik wil U lofzangen brengen, En wat ik beloofd heb, vervullen: Van Jahweh komt redding!
10耶和华吩咐鱼,鱼就把 约拿 吐在旱地上。
10Toen spuwde de vis, op Jahweh’s bevel, Jonas uit op de kust.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.