1 Korintiers
Chapter 7
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Modern Hebrew Bible
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Modern Hebrew Bible
1Wat de dingen betreft, waarover gij geschreven hebt: het is goed voor een mens, geen vrouw aan te raken;
1ולענים מה שכתבתם אלי הנה טוב לאדם שלא יגע באשה׃
2maar ter vermijding van allerlei ontucht moet toch iedere man zijn eigen vrouw behouden, en iedere vrouw haar eigen man.
2אך מפני הזנות תהי לכל איש אשתו ויהי לכל אשה בעלה׃
3De man moet aan de vrouw zijn plicht vervullen, zoals ook de vrouw aan den man.
3האיש יקים חובת העונה לאשתו וכמו כן האשה לבעלה׃
4De vrouw heeft geen vrije beschikking over haar eigen lichaam, maar de man. Eveneens heeft ook de man geen vrije beschikking over zijn eigen lichaam, maar de vrouw.
4האשה איננה שלטת על גופה כי אם בעלה וכמו כן גם האיש איננו שלט על גופו כי אם אשתו׃
5Weigert niet aan elkander, dan alleen met onderling goedvinden en voor een bepaalde tijd, om u aan het gebed te wijden; en gaat er dan weer toe over, opdat de satan u niet bekoort door uw onthouding.
5אל תמנעו את עצמכם זה מזה זולתי בהסכמת שניכם על זמן קבוע להיות פנוים לתענית ולתפלה ותשובו ותתאחדו פן ינסה אתכם השטן בעבור פריצות יצרכם׃
6Dit laatste echter bedoel ik als een verlof, en niet als bevel.
6ואני אמר זאת בדרך עצה ולא בדרך מצוה׃
7Integendeel, ik zou willen, dat alle mensen waren zoals ikzelf; maar iedereen heeft van God een persoonlijke gave, de één deze, gene weer een andere.
7כי מי יתן והיה כל אדם כמני אך יש לכל איש מתנתו מאת האלהים זה בכה וזה בכה׃
8Tot de ongehuwden en de weduwen zeg ik: het is goed voor hen, zo ze blijven, zoals ikzelf ben
8ואל הפנוים ואל האלמנות אמר אני כי טוב להם אם ישבו ככה כמו גם אני׃
9Maar zo ze zich niet kunnen beheersen, laten ze dan trouwen. Want het is beter te trouwen dan te verbranden.
9אך אם לא יוכלו להנזר יתחברו בנשואין כי טוב להתחבר בנשואין מהיות בער בתאוה׃
10Aan de gehuwden beveel niet ik maar de Heer, dat de vrouw zich niet mag scheiden van den man;
10והנה את הנשואים אנכי מצוה ולא אנכי כי אם האדון אשר לא תפרש אשה מבעלה׃
11en zo ze toch gescheiden is, dat ze dan ongehuwd moet blijven of zich met den man moet verzoenen; ook dat de man de vrouw niet mag verstoten.
11ואם פרש תפרש ממנו תשב בלא איש או תתרצה לבעלה ואיש אל ישלח את אשתו׃
12Aan de overigen zeg ik, niet de Heer: Wanneer een broeder een ongelovige vrouw heeft, en deze bewilligt er in, met hem samen te wonen, dan mag hij haar niet verstoten;
12והנה אל האחרים אמר אנכי ולא האדון כי תהיה לאח אשה אשר איננה מאמנת ורצונה לשבת עמו לא יעזבנה׃
13eveneens, wanneer een vrouw een ongelovigen man heeft, en deze er in bewilligt, met haar samen te wonen, dan mag ze den man niet verstoten.
13ואשה כי יהיה לה בעל אשר איננו מאמין ורצונו לשבת עמה לא תעזבנו׃
14Want de ongelovige man is geheiligd door de vrouw, en de ongelovige vrouw geheiligd door den broeder; anders toch waren uw kinderen onrein, terwijl ze inderdaad heilig zijn.
14כי האיש אשר איננו מאמין מקדש הוא באשה והאשה אשר איננה מאמנת מקדשת היא באיש שאם לא כן יהיו בניכם טמאים אמנם עתה קדושים המה׃
15Maar wanneer de ongelovige scheiden wil, laat hem scheiden; in zulke gevallen is de broeder en de zuster niet gebonden. God heeft u toch tot vrede geroepen;
15אבל אם יפרש מי שאיננו מאמין יפרש והאח או האחות אינם משעבדים באלה כי לשלום קראנו האלהים׃
16want hoe weet ge, vrouw, of ge den man zult redden; en gij, man, hoe weet ge, of ge de vrouw redden zult?
16כי מה תדעי את האשה אם תושיעי את האיש ומה תדע אתה האיש אם תושיע את האשה׃
17Iedereen heeft dus zó te leven, als de Heer hem heeft toegedeeld, zoals God hem heeft geroepen. Zo verorden ik in alle kerken.
17רק יתהלך איש איש כפי מה שחלק לו האלהים וכפי מה שקרא אתו האדון וכן מתקן אנכי בכל הקהלות׃
18Is iemand geroepen, nadat hij de besnijdenis had ontvangen, hij moet ze niet wegwerken; is iemand als onbesnedene geroepen, hij moet zich niet laten besnijden.
18אם נמול האיש המקרא אל ימשך את ערלתו ואם ערל הוא אל ימול׃
19De besnijdenis is niets, de onbesnedenheid evenmin, maar alleen de onderhouding van Gods geboden.
19אין המילה נחשבה ואין הערלה נחשבה כי אם שמירת מצות האלהים׃
20Laat iedereen in de staat blijven, waarin hij geroepen is.
20איש איש במשמרתו אשר נקרא בה שם יעמד׃
21Zijt ge geroepen als slaaf, maak u daarover niet bekommerd; maar zo óók gij vrij kunt worden, maak dan liever van de gelegenheid gebruik.
21אם נקראת בהיותך עבד אל ירע בעיניך אלא אם תשיג ידך לצאת לחפשי בחר בזה׃
22Immers een slaaf, die geroepen is in den Heer, is een vrijgelatene van den Heer; zoals een vrije, die geroepen is, de slaaf is van Christus.
22כי הקרוא באדון בהיותו עבד משחרר הוא לאדון וככה גם הקרוא בהיותו חפשי עבד הוא למשיח׃
23Duur zijt gij gekocht; weest geen mensen-slaven.
23במחיר נקניתם אל תהיו עבדי בני אדם׃
24Broeders, laat iedereen voor God in de staat blijven, waarin hij geroepen werd.
24איש איש במשמרת אשר נקרא בה אחי בזאת יעמד לפני האלהים׃
25Wat de maagden betreft, heb ik geen gebod des Heren; maar ik geef mijn gevoelen als iemand, die door Gods ontferming betrouwbaar is.
25ועל דבר הבתולות אין לי מצוה מאת האדון רק אודיע את עצתי אחרי אשר חנני האדון להיות נאמן׃
26Welnu, ik ben er van overtuigd, dat om de aanstaande Nood dit het best is: dat namelijk iemand liefst zó blijft, als hij is.
26הנני חשב כי טוב לאדם מפני הצרה הקרובה כי טוב לו להיות כמו שהוא׃
27Zijt ge aan een vrouw verbonden, zoek dan geen scheiding.
27אם נקשרת באשה אל תבקש להפטר ואם נפטרת אל תבקש אשה׃
28Zijt ge niet aan een vrouw verbonden, zoek dan geen vrouw; doch ook al huwt ge, ge zondigt niet; en als een maagd trouwt, zondigt ze niet. Maar zulke personen zullen bekommernissen hebben naar het vlees, en die wilde ik u besparen.
28וגם כי תקח אשה אינך חטא והבתולה כי תהיה לאיש איננה חטאת אך יבאום צרות בבשרם והנני חס עליכם׃
29Dit toch heb ik te zeggen, broeders. De tijd is kort. Daaruit volgt, dat zelfs zij, die vrouwen hebben, moeten zijn, als hadden zij ze niet;
29וזאת אני אמר אחי כי השעה דחוקה למען מעתה יהיו הנשואים כאלו אין להם נשים׃
30en zij die wenen, alsof ze niet weenden; en zij die blijde zijn, als verblijdden ze zich niet; en zij die kopen, als behielden ze het niet;
30והבכים כאינם בכים והשמחים כאינם שמחים והקונים כאלו אין קנין בידם׃
31en zij die van de wereld genieten, als hadden ze er niets mee op. Want de gedaante dezer wereld gaat voorbij;
31והנהנים מן העולם הזה כאלו אין להם הנאה ממנו כי עבור יעבר תאר העולם הזה׃
32en daarom wil ik, dat gij zonder zorgen zijt. —De òngehuwde is bezorgd over de dingen des Heren, hoe hij behagen zal aan den Heer;
32ואני חפצתי שתהיו בלי דאגה מי שאין לו אשה דאג לאשר לאדון איך ייטב בעיני האדון׃
33maar de gehuwde is bezorgd over de dingen der wereld, hoe hij behagen zal aan de vrouw;
33ומי שיש לו אשה דאג הוא לעניני העולם איך ייטב בעיני האשה׃
34en hij is verdeeld. Eveneens is ook de ongehuwde vrouw en de maagd bezorgd over de dingen des Heren, om heilig te zijn naar lichaam en ziel, terwijl de gehuwde bezorgd is over de dingen der wereld, hoe ze den man zal behagen.
34יש הבדל בין אשת איש לבתולה כי האשה אשר לא היתה לאיש דאגת לאשר לאדון ולהיות קדושה גם בגופה גם ברוחה ובעולת בעל דאגת היא לעניני העולם איך תיטב בעיני בעלה׃
35Ik zeg dit tot uw eigen bestwil, niet om u een strik om te doen, maar opdat gij onwankelbaar zoudt zijn in de eerbaarheid en in de toewijding aan den Heer.
35וזאת אני אמר לתועלתכם ולא להשליך עליכם פח כי אם להנהגה טובה ולהיותכם נכונים תמיד לפני האדון באין מנע׃
36Zo iemand schande denkt te brengen op zijn jonge dochter, als ze eens over de jaren komt, en de zaken dus toch haar verloop moeten hebben: hij doe, wat hij wil; hij zondigt niet. Laat ze trouwen.
36וכי יחשב איש למעשה שלא כהגן לבתולתו אם תעבר פרקה ודבר חובה הוא אז יעשה כאשר עם לבבו איננו חוטא ישיאנה׃
37Maar hij, die onwankelbaar in zijn gevoelen volhardt, die vrij van dwang zijn eigen wil kan volgen, en die bij zichzelf besloten heeft, zijn jonge dochter ongerept te bewaren, hij doet wèl.
37ומי שהוא נכון בלבו ואיננו מכרח ויוכל לעשות כרצונו ויגמר זאת בלבו לשמר את בתולתו טוב עשה׃
38Dus, die zijn dochter uithuwt, doet goed, en die ze niet uithuwt, doet beter.
38לכן המשיא אתה טוב הוא עשה ואשר איננו משיא עשה טוב ממנו׃
39Een vrouw is gebonden, zolang haar man leeft. Maar wanneer de man is ontslapen, dan is ze vrij te trouwen met wien ze wil, mits in den Heer.
39האשה קשורה לבעלה על פי התורה כל עת שהוא חי וכי מת בעלה אזי מתרת היא להנשא למי שתרצה ובלבד שתהיה באדון׃
40Toch is ze gelukkiger, zo ze blijft, zoals ze is; volgens mijn gevoelen althans. En ik meen toch wel, Gods Geest te hebben.
40אבל אשריה יותר אם תעמד פנויה זאת דעתי ואחשב גם אני כי רוח אלהים בי׃

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.