1 Korintiers
Chapter 5
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Modern Hebrew Bible
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Modern Hebrew Bible
1Algemeen hoort men, dat er ontucht onder u voorkomt, en wel zulk een ontucht, als er zelfs onder de heidenen niet bestaat: dat namelijk iemand de vrouw van zijn vader bezit.
1שמועה נשמעת בארץ כי נמצאה זנות ביניכם ואף זנות אשר בגוים לא ספר כמוה כי יקח איש את אשת אביו׃
2En dan zijt gij nog opgeblazen! Waart gij niet beter terneergeslagen geweest? Dan was hij, die zo iets bedreven heeft, wel uit uw midden verwijderd!
2ואתם עוד גבהי רוח תחת אשר היה לכם להתאבל למען יוסר מקרבכם עשה המעשה הזה׃
3Ik zelf toch, lichamelijk afwezig, maar tegenwoordig met de geest, heb reeds, als was ik tegenwoordig, het oordeel geveld over hem, die zo iets gedaan heeft.
3הן אנכי הרחוק מכם בגופי וקרוב ברוחי כבר דנתי כאלו הייתי אצלכם על האיש אשר עשה כדבר הזה׃
4In de Naam van den Heer Jesus: gij en mijn geest, toegerust met de kracht van onzen Heer Jesus:
4בשם אדנינו ישוע המשיח בהקהלתכם יחד ורוחי אתכם עם גבורת אדנינו ישוע המשיח׃
5wij leveren hem over aan den satan tot verderf van het vlees, opdat de geest wordt behouden op de dag des Heren.
5למסר את האיש ההוא לשטן לאבדן הבשר למען יושע הרוח ביום האדון ישוע׃
6Uw roemen staat u niet fraai! Weet gij niet, dat een weinig zuurdeeg geheel het deeg verzuurt?
6לא טוב התהללכם הלא ידעתם כי מעט שאר מחמץ את כל העסה׃
7Doet het oude zuurdeeg weg, opdat gij vers deeg worden moogt; gij zijt toch ongedesemd brood! Want ook ons Pascha is geslacht: en dat is Christus.
7בערו את השאור הישן למען תהיו עסה חדשה הלא לחם מצות אתם כי גם לנו פסחנו הנזבח בעדנו הוא המשיח׃
8Laat ons dus feest vieren, niet met het oude zuurdeeg, noch met het zuurdeeg van slechtheid en boosheid, maar met de ongedesemde broden van reinheid en waarheid.
8על כן נחגה נא החג לא בשאר ישן ולא בשאר הרע והרשע כי אם במצות הישר והאמת׃
9In mijn brief heb ik u geschreven, dat gij geen omgang moogt hebben met ontuchtigen.
9כתבתי לכם באגרת שלא תתערבו עם הזנים׃
10Ik schreef niet: met alle ontuchtigen dezer wereld, of met alle hebzuchtigen en dieven, of alle afgodendienaars;
10ואין דעתי בזאת על הזנים שבעולם הזה או על בצעי בצע וגזלנים ועבדי אלילים כי אז יהיה לכם לצאת מן העולם׃
11anders zoudt gij de wereld moeten verlaten. Maar ik schreef u, geen omgang te hebben met iemand, die zich broeder noemt en toch een ontuchtige is, of een hebzuchtige, een afgodendienaar, lasteraar, dronkaard of dief; en met zo iemand zelfs niet te eten.
11אך זאת כתבתי לכם לבלתי התערב עם איש אשר אח יקרא והוא זנה או בצע בצע או עבד אלילים או מגדף או סבא או גזלן עם האיש אשר כזה גם לא תאכלו׃
12Want met welk recht zou ik hen oordelen, die buiten staan? Neen, oordeelt hen, die binnen zijn;
12כי מה לי לשפט את אשר בחוץ הלא תשפטו את אשר בבית׃
13God zal oordelen, die buiten staan. Verwijdert den boze uit uw midden!
13ואשר בחוץ האלהים ישפטם ואתם תבערו את הרע מקרבכם׃

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.